Zoeken in deze blog 🔎🔎

donderdag 23 juli 2026

Margalith Kleijwegt en de Zinloze Naoorlogse Babyboom Generatie

De ‘Haagse vedette’ Max van Weezel zei in de zomer van 2015 tijdens een gesprek met Alexander Klöpping, oprichter van de commerciële krantensite Blendle


“Ik denk wel dat ik te lang gefocust was om bij de toptien van de Haagse journalistiek te horen… Wat je echt belangrijk vindt, is of de minister-president je serieus neemt. Dat Jeroen Dijsselbloem tegen jóú zegt: dit vertel ik natuurlijk exclusief aan jou, want jij begrijpt het echt.”


Klöpping: “Het gaat dus vooral om de strijd tussen journalisten?”


Van Weezel: “Ja.”


Klöpping: “Kun je dat relativeren?”


Van Weezel: “Nee, dat kon ik niet. Nog steeds niet, nee. Ik ben al geruime tijd aan het afkicken. Al tien jaar.”  […]


Klöpping en Van Weezel komen terug van een rondje door het bos met de fotograaf. Alexander Klöpping plaatst een foto van Max van Weezel op een boomstam op zijn Instagram met 10.000 volgers en op z’n Twitter met 256.000 volgers. Van Weezel trekt meteen zijn telefoon. Daar kijkt hij tijdens het gesprek sowieso al om de tien minuten op, naar Facebook, Twitter, Whatsapp, mail. We vertellen het hem.


Van Weezel: “Oh, Jezus, doe ik dat? Wat onbeschoft.” […]


Van Weezel houdt nauwlettend in de gaten hoeveel hartjes de Instagramfoto van de volgers krijgt. Tegen Klöpping, met z’n ogen op het scherm: “Ben je nou bezig met de macht die je langzamerhand hebt met Blendle?”


Klöpping: “Macht?”


Van Weezel: “Heel veel journalisten zitten inmiddels te sidderen of ze geliked worden. […] Toen ik bij Vrij Nederland kwam, zag je een grote, mooie foto door de dag heen steeds kleiner worden, omdat het stuk langer moest van de auteur. Maar…'


“Maar wat?”


Van Weezel: “Maar het had ook wel iets moois, journalistiek in die tijd. Er zat heel veel engagement in.”


Klöpping: “Ja, ik had die tijd graag meegemaakt. Net zoals ik de dotcombubble graag zou hebben meegemaakt. Iedereen was gek geworden.”


Van Weezel: “Jaaaa, maar journalisten hadden toen echt een boodschap voor de wereld. We moesten de lezer verheffen, opvoeden. Het was heel betuttelend, maar dit waren de onderzoeksjournalisten van wie iedereen nu zegt: hadden we die nog maar.”


Net zoals mijn naoorlogse generatiegenoten de oorlogsgeneratie genadeloos konden doorlichten, zo kunnen onze nakomelingen nu de babyboom-generatie meedogenloos analyseren, en de bubble waarin wij leefden doorprikken. En dit vermogen wordt almaar onbarmhartiger, want er ontbreekt genoeg liefde op aarde om de hel te kunnen overleven. 

Margalith Kleijwegt mag dan wel hopen dat het Joods verzet tegen de genocidale staat Israel een bevrijding zal opleveren, een ware verlossing van de millennia-oude archaïsche religie, nu er een collectief schisma is ontstaan, omdat volgens haar “onder veel joden buiten Israël joods-zijn meer over cultuur, religie en gemeenschap [gaat], dan over identificatie met ‘hun’ staat,” maar dit deze aanname getuigt eerder van een angstaanjagende naïviteit dan van enige realiteitszin. Het is een gedachte die eigen is aan mijn generatie, die nooit van nabij een oorlog heeft meegemaakt, en nooit verder hoefde te denken dan in welk restaurant zullen we vanavond eten, of waar gaan we dit jaar met vakantie Australië of de Verenigde Staten. Margalith Kleijwegt is, net als ik en al mijn vrienden en kennissen, opgegroeid in een consumptie-cultuur, die de grenzen stelde aan ons vermogen om werkelijk creatief na te denken, om onze verbeeldingskracht in daden om te weten. En dus fantaseert men van alles en nog wat zodra ze onvermijdelijk in een cul-de-sac zijn vastgelopen. Serieus terugkijkend, zouden we moeten constateren dat wij een zinloze generatie waren, die profiteerde van de gestegen welvaart, maar weigerden daaraan consequenties te verbinden. 


When you’re lost in the rain in Juarez

And it’s Eastertime too

When your gravity fails

And negativity don’t pull you through

Don’t put on any airs

When you’re down on Rue Morgue Avenue

They got some hungry women there

And they really make a mess outta you


Now if you see Saint Annie

Please tell her thanks a lot

I cannot move

My fingers are all in a knot

I don’t have the strength

To get up and take another shot

And my best friend, my doctor

Won’t even say what it is I’ve got


Sweet Melinda

The peasants call her the goddess of gloom

She speaks good English

And she invites you up into her room

And you’re so kind

And careful not to go to her too soon

And she takes your voice

And leaves you howling at the moon


Up on Housing Project Hill

It’s either fortune or fame

You must pick up one or the other

Though neither of them are to be what they claim

If you’re lookin’ to get silly

You better go back to from where you came

Because the cops don’t need you

And man they expect the same


Now all the authorities

They just stand around and boast

How they blackmailed the sergeant-at-arms

Into leaving his post

And picking up Angel who

Just arrived here from the coast

Who looked so fine at first

But left looking just like a ghost


I started out on burgundy

But soon hit the harder stuff

Everybody said they’d stand behind me

When the game got rough

But the joke was on me

There was nobody even there to call my bluff

I’m going back to New York City

I do believe I’ve had enough


Just Like Tom Thumb’s Blues 1965.





Geen opmerkingen:

Margalith Kleijwegt en de Zinloze Naoorlogse Babyboom Generatie

D e ‘Haagse vedette’ Max van Weezel zei in de zomer van 2015 tijdens een gesprek met Alexander Klöpping, oprichter van de commerciële krant...