Op de Westoever staan ze steeds vaker ineens voor je: Israëlisch-joodse kinderbendes. Ze ogen verwaarloosd, brutaal, kettingrokend en gewelddadig. Gewapend met ijzeren pijpen, pepperspray, messen en satelliettelefoons hoeden ze kuddes geiten, waarmee ze Palestijns graasland binnendringen. Ze omsingelen Palestijnse huizen, trekken dorpen binnen, gooien stenen, stichten brand, treiteren en zaaien angst. Ze vallen iedereen aan die hen probeert tegen te houden. Het zijn niet alleen tieners, de zogenaamde hilltop youth, maar ook kinderen tussen de acht en twaalf jaar. Ze lijken onaantastbaar.

Issa Amro, een Palestijnse mensenrechtenactivist en pleitbezorger van vreedzaam verzet, kan erover meepraten. ‘Elke keer als ik met de buitenlandse pers praat, bestormen kinderen en volwassen kolonisten mijn huis en proberen binnen te dringen. Ze bekogelen de ramen met stenen. Ze proberen mij te slaan.’

Amro heeft zijn huis in de heuvels van Hebron nu met hekken afgesloten. Overal heeft hij camera’s geplaatst, evenals prikkeldraadversperringen en metalen luiken voor de ramen. ‘Ik woon hier met mijn veertienjarige zoon in een kooi. We draaien shifts om het terrein in de gaten te houden. We durven nauwelijks naar buiten. We kunnen op straat worden aangevallen door kolonisten of gearresteerd door soldaten.’ Volgens Amro is sinds 2024 de stroomtoevoer door Israël gereduceerd waardoor ook zijn internetverbinding en contact met de buitenwereld beperkt zijn. Waterputten zijn door kolonisten volgestort met cement, waterregenopvangsystemen gesloopt en waterleidingen doorgesneden.

Amro is coördinator van Youth Against Settlements, een project om jonge Palestijnen te leren geweldloos verzet te plegen. Een uiterst moeilijke taak in deze tijd. ‘Overal op de Westoever zit de Palestijnse jeugd in huis opgesloten. Er zijn geen sociale activiteiten. Ze zijn boos, maar vooral doodsbang.’

Twee jaar geleden ontving Amro voor zijn project de Zweedse Right Livelihood Award. Vandaag probeert hij vooral te overleven. Sinds 2024 is het geweld door Israëlische kolonisten tegen Palestijnse burgers op de Westoever geëxplodeerd. Er kan elk moment op Palestijnen geschoten worden en als ze zich verdedigen, kunnen ze worden gearresteerd. Volgens OCHA, Bureau voor Coördinatie van Humanitaire Aangelegenheden van de VN, zijn er dit jaar maandelijks 190 aanvallen tegen Palestijnen. Als dat tempo aanhoudt zijn dat er eind dit jaar 2300. Hoewel de daders niet naar leeftijd zijn uitgesplitst, is het opmerkelijk dat volgens het Israëlisch Instituut voor Nationale Veiligheidsstudies kinderen en tieners de aanstichters van de geweldsincidenten zijn. Ze wonen in outposts of kleine herdersboerderijen met geiten en runderen die zich in razend tempo over de Westoever verspreiden.

Volgens Amro gaat het om een gestructureerd systeem om Palestijnen te terroriseren. ‘Dat systeem traint de kinderen om aan te vallen en de overheid laat het toe. Op de Westoever bestaan twee rechtsstelsels naast elkaar: de Israëlische militaire wetgeving voor de Palestijnen en de civiele voor de kolonisten. Als wij ons tegen het geweld verdedigen, kunnen we door het leger worden opgepakt en onder militair recht worden vervolgd. Sommige Palestijnen zijn gedood. Dus je kunt jezelf niet beschermen.’

Zelf durft hij zijn huis nauwelijks onbeheerd achter te laten. ‘Als ik gearresteerd word en mijn huis onbewoond achterblijft, kunnen kolonisten het overnemen en zijn we alles kwijt. Het enige wat we kunnen doen, is een klacht indienen.’

Wie zijn deze kinderen? Wie stuurt hen aan, wie financiert hen en wat motiveert hen? Idan Yaron, onafhankelijk socioloog en sociaal antropoloog, gespecialiseerd in onderzoek naar extreem-rechts in Israël, verkent al tien jaar de Westoever en kent de jongeren, hun leiders en de ideeën die hen drijven. ‘Ze hebben zich vanuit losse vriendengroepen tot een organisatie ontwikkeld. Het is geen klassiek leger met een commandant, officieren en soldaten, maar een netwerkorganisatie die grotendeels virtueel functioneert.’

Binnen het netwerk bestaan volgens Yaron ‘knooppunten’, centrale figuren die informatie en instructies verspreiden. ‘Dat gebeurt in besloten en geheime online groepen, of rechtstreeks via mobiele telefoons. De knooppunten hebben de afgelopen jaren een grootschalige campagne gelanceerd die doordrenkt is van haat, moord en vernietiging. Ze roepen op om de aartsvijanden van het joodse volk van de aardbodem te vegen.’

Rekrutering gebeurt vooral door jongeren aan te spreken die zich ideologisch aangetrokken voelen en hen vervolgens op te nemen in de verschillende outposts en herdersboerderijen, waar vriendengroepen op eigen initiatief, maar wel binnen de heersende ideologie en op basis van instructies handelen. Ze zijn anti-statelijk en tegen het seculiere zionisme. Hun belangrijkste doel is de verovering van Groot-Israël, met inbegrip van de Westoever, en de exclusieve vestiging van joden. Ze zien zichzelf als pioniers en hebben geen hulp van buiten nodig. Hun uiteindelijke doel is de ‘volledige verlossing’; een messiaans ideaal van een toekomstige politieke orde die gebaseerd is op de thora en de joodse religieuze wet in het van God gekregen land van Israël.

Na oproepen van lokale of regionale opiniemakers en leiders in de geheime internetgroepen worden de aanslagen in kleine groepen voorbereid. Kleine kinderen die deelnemen aan de beweging worden door oudere jongens ingewijd. Stap voor stap raken ze betrokken bij geweld en terroristische activiteiten, zoals pogroms, brandstichting, het ontwortelen van bomen, aanvallen van ouderen, vrouwen en kinderen en wegblokkades.

Juist de jongste kinderen vormen volgens Yaron een bijzonder probleem. ‘Soms gaan ze zelfs veel verder dan de ouderen. Voor de wet zijn kinderen onder de twaalf niet strafrechtelijk aansprakelijk en ze kunnen zich daarom meer permitteren. De kinderen van de outposts en herdersboerderijen zijn de laatste jaren uitgegroeid tot een soort voorhoede van de nederzettingenbeweging. Zij zijn de directe contactpunten in het veld en melden elke mogelijkheid tot verdrijving, onteigening en intimidatie. De outposts hebben de modernste communicatieapparatuur, zodat ze realtime updates krijgen. Als er problemen in het veld ontstaan, roepen de leden uit de outpost andere kinderen en soms volwassenen op ter versterking en kan een conflict snel escaleren tot een grote gewelddadige confrontatie.’

De veiligheidsdienst schat de harde kern die het geweld organiseert op zo’n drie- tot vijfhonderd kinderen. Daaromheen bevinden zich bredere kringen. Sommigen hebben zich permanent in de outpost gevestigd, anderen komen in het weekend of tijdens vakanties. Het fenomeen omvat mogelijk vijfduizend jongeren, aldus Yaron. De overheid kent de volwassen leiders bij naam en toenaam, maar handhaaft niet, zegt Yaron. ‘Onder de huidige rechtse regering, waarin de extremistische ministers Bezalel Smotrich en Itamar Ben-Gvir aanzienlijke invloed uitoefenen op het beleid op de Westoever, kijkt het leger weg en zal niet ingrijpen zolang joden geen gevaar lopen. De politie treedt ook niet effectief op tegen het joodse geweld.’

De overheid heeft weliswaar 120 miljoen sjekel uitgetrokken voor een programma voor jongeren op de Westoever, maar dat heeft volgens Idan Yaron nauwelijks effect. Uit eerdere ervaringen weet hij dat het grootste deel van het geld gebruikt wordt voor de vestiging en bevordering van nederzettingen. De jongeren hebben het gevoel dat ze de touwtjes in handen hebben. ‘Het resultaat is dat ze aan hun lot worden overgelaten. Ik ben kinderen van elf tot veertien jaar tegengekomen die schapen hoeden en geweld plegen. Het gaat vrijwel uitsluitend om jongens.’

Steeds meer ouders steunen hun zoons om religieuze, politieke en ideologische redenen, zegt hij. ‘Die steun is toegenomen door het algemene klimaat onder kolonisten en hun sympathisanten, onder wie ministers, parlementsleden, opiniemakers, rabbijnen. De jongens worden gezien als strijders en ook wel soldaten zonder uniform genoemd.’

Yaron ziet maar één oplossing: ‘Deze beweging moet tot terroristische organisatie worden verklaard, dan kunnen zwaardere middelen worden ingezet, zoals geavanceerde inlichtingenmethoden en verhoren door de Shin Bet. Als we deze terreur geen halt toeroepen, verliezen we mogelijk onze menselijkheid.’

Dit was ook voor Dror Posta, hoogleraar onderwijsfilosofie, die in Israël met kwetsbare jongeren in de economisch zwakkere wijken werkt, reden om deel te nemen aan ‘De Bezetting in de Mond Kijken’, een beweging van bezorgde Israëliërs die zich tegen het geweld op de Westoever keert. Ze beschermen Palestijnen door fysiek aanwezig te zijn en filmen het geweld van de kinderen. Posta, zelf opgegroeid in een zionistisch-orthodox gezin, maar nu vrijzinnig, dacht dat hij met zijn achtergrond en werkervaring kon optreden tegen de jonge kolonisten. Niets bleek minder waar.

‘Wat in Israël als grove verwaarlozing van kinderen wordt beschouwd, geldt op de Westoever als een norm om het recht in eigen handen te nemen’, zegt hij. ‘In Israël ben je verplicht om kinderen die gevaar lopen tot hun achttiende bij de overheid te melden. Nou, dat deed ik. Ik stuurde een bericht aan het ministerie van Sociale Zaken, de sociale dienst en de politie, maar niemand doet iets.’

Twee weken geleden werd Posta zelf slachtoffer van een aanslag. Hij laat mij de video zien. Drie jonge kinderen lopen met een kudde geiten naar een Palestijns huis in Khirbet al-Tawil, een dorpje op de Westoever. Ze proberen binnen te dringen. Ze dragen keppeltjes, hebben pijpenkrullen en zijn gekleed in hoodies, met sjaals voor hun gezicht. Ze hebben knuppels in de hand. Ze filmen met hun mobieltjes. In het huis bevindt zich een echtpaar met jonge kinderen en een baby. Posta loopt met drie Israëlische activisten, allen rond de zestig, naar de kinderen en probeert met hen te praten. De kinderen stormen op hem af. Het trappen en slaan begint onmiddellijk. Posta probeert de kinderen weg te sturen, maar wordt hard tegen zijn been getrapt. Als hij ‘hou op!’ roept, lachen ze en spuiten pepperspray in zijn gezicht. Na een uur arriveert het leger en verklaart het terrein rond het Palestijnse huis tot gesloten militaire zone. De activisten worden weggestuurd. De kinderen mogen blijven.

‘Begrijp je?’ zegt Posta. ’Het leger treedt niet op. Een deel van de soldaten is zelf kolonist en heeft een religieus-zionistische achtergrond. Hetzelfde geldt voor Avi Bluth, de hoogste militaire commandant op de Westoever. In de regio Nablus opereert Noam Jackson, een volwassen Britse kolonist. Hij heeft zich met een grote groep kinderen van tien tot zestien jaar in een herdersboerderij gevestigd. Hij drilt hen als soldaten. Ze werken in ploegendienst en krijgen opdrachten. Zo hebben ze de waterleiding van een Palestijns dorpje vernietigd en de waterbronnen van de boeren leeggepompt. De kinderen hebben dure satelliettelefoons en rijden rond in quads.’

Die krijgen de herdersboerderijen van het ministerie van Nederzettingen, net als beveiligingsapparatuur, drones, nachtkijkers en generatoren. Het ministerie verschaft de jongeren tevens een uitkering van circa vijftig sjekel per dag, voedselbonnen en kledingsubsidie, meldde The Times of Israel. Er is ook steun van particuliere organisaties, zoals de Hilltop Foundation, een niet-geregistreerde beweging die volgens haar website gerund wordt door jongeren van de outposts. Via crowdfunding worden donaties, apparatuur en logistieke ondersteuning gegenereerd.

‘Na alles wat wij joden hebben meegemaakt, vind ik het onvoorstelbaar dat we een ander volk dit aandoen’, zegt Dror Posta. ‘Het lot van Israëliërs en Palestijnen is onlosmakelijk met elkaar verbonden.’

https://www.groene.nl/artikel/soldaten-zonder-uniform