De veel gelauwerde Amerikaanse historicus Adam Tooze, vertelde me ooit, toen ik hem vroeg hoe hij uit de diarree aan berichten, commentaren en rapporten de parels wist te halen: wees gespitst op de versprekingen van de leden van de elite. En met versprekingen bedoelde Tooze: uitlatingen die niet stroken met het officiële narratief, die afwijken van het zorgvuldig geconstrueerde script.
Vorige week was het weer eens zover: een hooggeplaatste Amerikaanse generaal, Alex Grynkewich geheten, die op een wapenbeurs in Berlijn zich tijdens een paneldiscussie liet ontvallen dat er geen reden is om te vrezen voor een Russische aanval op een lidstaat van de NAVO.
Het was de Financial Times die het nieuws bracht.
Letterlijk zei hij:
“I’ve watched the intelligence very closely… Russia is not looking for a conflict . . . They do understand the term ‘defensive alliance’, and they do understand that we have a number of asymmetric advantages.”
Oftewel: de data waar ik als bevelhebber van het Amerikaanse contingent van de NAVO hier in Europa toegang toe heb, leren mij dat we geen oorlog met Rusland hoeven te verwachten. De Russen weten wat wij kunnen.
Hij zei het tegen de achtergrond van een strategische heroriëntatie van het Pentagon: als de Russen niet komen, kan er wat militaire hardware van Europa naar de VS worden verplaatst.
En het was bedoeld om de zorgen van met name de Baltische staten weg te nemen.
Twee brokken nieuws dus: de Russen komen niet en dus gaan we wat militair materieel en manschappen verschepen.
Zoals de journalist van de Financial Times die in het publiek zat onmiddellijk besefte, was het eerste deel van het nieuws het meest opmerkelijke. Het stond niet alleen haaks staat op de door Europese politici en militairen veelvuldig herhaalde verzekering dat Rusland binnen drie tot vijf jaar een aanval op een lidstaat van de NAVO zal lanceren.
Politiek, denktankers en media hebben ons nodeloos bang gemaakt: de champagne kan worden ontkurkt.
Ook merkte de Financial Times op dat de uitspraak van Grynkewich een-op-een aansloot bij de uitlatingen van Poetin die de claims van Europese regeringsleiders van een Russische aanval naar het rijk der fabelen heeft verwezen en het nachtmerries noemde die Europese regeringen nodig hebben om hun kiezers ervan te overtuigen dat er meer geld naar defensie moet.
De koppenmaker van de krant had dat dan ook boven het stuk gezet:
“Russia ‘not looking for conflict’, says Nato’s top US commander.”
En had het tweede brok nieuws in het chapeau onder de kop geplaatst:
“General Grynkewich’s remarks come as Washington withdraws key assets from Europe…”
Zoals het een serieus nieuwsmedium betaamt: groot maken wat groot is, klein houden wat klein is.
De “verspreking” van Grynkewich staat niet op zichzelf. Eerder al liet ook de secretaris-generaal van de NAVO zich tijdens een besloten bijeenkomst ontvallen dat we de Russische geopolitieke dreiging niet moesten overschatten: de gevechtskracht van een land wordt immers bepaald door de omvang van de economie van dat land en die van Rusland was niet veel groter dan die van de Amerikaanse staat Texas, aldus een lachende Rutte.
Niet weinig later ging Rutte opnieuw de fout in. Nu waren het Russische jachtvliegers die het moesten ontgelden. Opnieuw geen reden om bang te zijn want die van “ons” waren beter getraind en gewoon de betere vliegers, aldus Rutte. En een “verspreking” in eigenlijk zin kan je het niet noemen, maar ook de National Security Strategy van de regering Trump laat geen spaan heel van het narratief dat “we” over drie tot vijf jaar een Russische aanval kunnen verwachten. Meer dreiging schrijven zij toe aan een Europees continent dat zijn liberale grondwaarden dreigt te verliezen.
Groot nieuws dus, deze “bekentenis” van een hooggeplaatste Amerikaanse generaal met toegang tot informatie die voor de meeste burgers, inclusief journalisten, een “known unknown” zal blijven: “intel” van geheime diensten en militaire spionagesatellieten waarvan je weet dat die bestaan maar waar je tegelijk van weet dat je daar nooit toegang toe zal krijgen.
De Russen komen niet.
En dus is er geen gegronde reden om in vier jaar tijd onze defensiebestedingen te verdubbelen, van 21 miljard euro per jaar nu naar 43 miljard euro per jaar in 2023.
En dan zijn dus ook de bezuinigingen op gezondheidszorg, ww, wia en aow niet nodig, hoeven de bonden op 24 juni niet te staken, en kan ook die vermaledijde Wet op de Defensiegereedheid de prullenbak in.
Net zoals dat onding van die “vrijheidsbijdrage.”
Allemaal niet nodig: hoera!
Politiek, denktankers en media hebben ons nodeloos bang gemaakt: de champagne kan worden ontkurkt.
En dus was ik benieuwd hoe dit grote nieuws in de rest van de media zou worden ontvangen.
De Berliner Zeitung van Holger Freidrich was de eerste die het nieuws bracht, gevolgd door de Frankfurter Rundschau en mediaplatforms uit het mondiale zuiden: Vietnam, India, Armenië, Turkije, en, verrassend genoeg, Oekraïne.
Allemaal brachten ze het nieuws onder de kop dat Rusland geen militaire bedreiging vormde.
Verder doodse stilte.
In Nederland hebben alleen De Volkskrant en de Gooi- en Eemlander er aandacht aan besteed. De rest deed er het zwijgen toe — ook een verbijsterende constatering. Groot, verheugend nieuws, en je doet net of je neus bloedt. Waarom ben je dan op aarde, om de generaals en de VVD ter wille te zijn?
Maar goed: de manier waarop het bericht in De Volkskrant werd gebracht, is typerend voor de wijze waarop de gevestigde media hier te lande nu al ruim vier jaar propaganda bedrijven en om die reden licht ik het er hier uit.
Geheel in lijn met de framingtheorie uit de internationale betrekkingen besloot de redactie van De Volkskrant namelijk om de achtergrond naar de voorgrond te halen en wat in alle bovengenoemde media de voorgrond was — geen reële Russische dreiging — naar de achtergrond te drukken.
Thematische framing heet het.
Op een subtiele manier wordt hier twijfel gezaaid over het waarheidsgehalte van de uitspraken van een Amerikaanse generaal die niet stroken met het heersende script aan de verbreiding waarvan men zelf een forse bijdrage heeft geleverd.
Dit was de kop:
“Noordse en Baltische landen bezorgd over troepenopbouw Rusland, zeker nu VS militaire bijdrage terugschroeft.”
Oftewel: wat in de overige media klein was, wordt hier groot gemaakt.
Kwalijker is dat deze redactionele keuze er tevens op neerkomt dat het narratief-ondermijnende nieuws wordt gemarginaliseerd om ruimte te maken voor nieuws dat het narratief bevestigt: de Amerikanen schalen af en dus is militarisering vereist.
Opmerkelijk is bovendien dat de redactie er eigenhandig een nieuw nieuwselement aan toevoegt: de Baltische staten zijn niet bang voor de afbouw van Amerikaans materieel maar zijn bang voor de opbouw van Russische troepen langs hun grens.
Iets heel anders.
Dat kan niet uit de paneldiscussie in Berlijn zijn gekomen maar moet elders aan ontleend zijn, zoals beneden ook daadwerkelijk blijkt.
Handig schuift de redactie er dus een element in dat haaks staat op de uitspraken van Grynkewich. Hij kan wel zeggen dat er geen reële Russische dreiging is, maar er is wel degelijk sprake van Russische troepenopbouw langs de grens met de Baltische staten. En daar zijn de Baltische en Noordse staten wel degelijk bang voor.
Ergo: heeft Grynkewich wel goed naar de “intel” gekeken?
Ondertussen is het nieuwsitem dat de eerder genoemde media in de kop hadden gezet, door de redactie van De Volkskrant gedegradeerd tot de slotzin van een lang chapeau, waarin de koppenmaker opnieuw breed uitpakt met nieuwsitems die het narratief van Russische dreiging bevestigen in plaats van tegenspreken:
“De afbouw van Amerikaanse militaire middelen in Europa baart de Noordse en Baltische staten grote zorgen. Zij zien de Russische dreiging aan hun grenzen juist toenemen. De hoogste Amerikaanse generaal in Europa bezweert (!) echter dat er niets aan de hand is. ‘Rusland zoekt geen conflict.’”
Achter het woordje “bezweert” heb ik een uitroepteken gezet omdat het geen neutrale aanduiding is, zoals van “beweert” wel gezegd kan worden. “Bezweren” is namelijk wat een magiër doet, het uitspreken van toverspreuken, iets heel anders dan het nuchter aanduiden van een bepaalde stand van zaken. Wie bezweert hoeft niet serieus genomen te worden, wie beweert wel. Op een subtiele manier wordt hier twijfel gezaaid over het waarheidsgehalte van de uitspraken van een Amerikaanse generaal die niet stroken met het heersende script aan de verbreiding waarvan men zelf een forse bijdrage heeft geleverd.
Dit is wat ze werkelijk denken: de Russen komen niet.
In het stuk zelf wordt dit procedé herhaalt. De eerste alinea gaat over de zorgen van Noordse en Baltische staten over een geringere Amerikaanse militaire aanwezigheid. De tweede verwijst naar een bericht van de New York Times over hoeveel militair materieel de VS wel niet wil verplaatsen. En pas in de derde alinea — beter verstoppen kan niet — verschijnt dan het citaat van Grynkewich waarmee de Financial Times een dag eerder kwam: de Russen komen niet.
Wie, wat, waar, wanneer zijn de vragen die in een goed journalistiek stuk, zo heb ik op de journalistenschool geleerd, in de eerste alinea’s aan bod moeten komen. De rest van het stuk kan dan worden gewijd aan vragen als hoe en waarom, die nu eenmaal meer context vereisen.
Hier moet de lezer wachten tot de derde alinea voor de vier w’s worden beantwoord en komt hij niet eens te weten dat Grynkewich zijn uitlatingen deed op een Berlijnse wapenbeurs; geen overbodige informatie, omdat dit een omgeving is waarin alleen leden van het militair-industrieel complex rondlopen en geen gewone burgers en er derhalve geen noodzaak bestaat om de werkelijkheid te verhullen: backstage kan men nu eenmaal eerlijker zijn over de ware stand van zaken dan frontstage. Die Russische dreiging is, zoals wij hier op de wapenbeurs allemaal weten, een verzinsel waarmee we een forse greep in de portemonnee van de burger kunnen doen.
Dat was de tweede les van Tooze: probeer de elite te betrappen als ze zich onbespied wanen. Dan verdwijnt namelijk de retoriek en kan je horen wat ze werkelijk denken.
Dit is wat ze werkelijk denken: de Russen komen niet.
De vierde alinea roept vervolgens doodleuk twijfels op over het waarheidsgehalte van die uitlating. Het verwijst naar onderzoek van de Baltische media (zo ongeveer de fanatiekste Atlantische haviken denkbaar) dat zou leren dat er juist sprake is van forse troepenopbouw langs de Baltische grens. Om vervolgens in zeven alinea’s allerlei leden van het Noordse en Baltische veiligheidscomplex aan het woord te laten die de een na de ander indirect de woorden van Grynkewich in twijfel trekken. Volgens hen komen de Russen wel.
De auteur laat er geen twijfel over bestaan wie het in zijn ogen bij het rechte eind hebben: niet de bloemenkinderen in het Westen, wel de burgers uit het Oosten die per slot van rekening aan den lijve hebben ervaren hoe afschuwelijk de Russen zijn.
De aap komt in de slotalinea uit de mouw: “Het is niet gezegd dat dit daadwerkelijk tot oorlog zal leiden…” Oftewel, het is allemaal maar speculatie en Grynkewich kan heel wel gelijk hebben, ook al zijn in het stuk alleen maar individuen aan het woord gelaten die zijn brisante ontkrachtingen in twijfel hebben getrokken.
De auteur eindigt met een verwijzing naar opiniepeilingen die een steeds grotere “perceptiekloof” tussen Oost en West zouden hebben aangetoond. En de laatste zin van het stuk luidt:
“Hier gaat het leven gewoon door, terwijl langs de Oostflank de vrees voor een conflict steeds reëler wordt.”
De auteur laat er geen twijfel over bestaan wie het in zijn ogen bij het rechte eind hebben: niet de bloemenkinderen in het Westen, wel de burgers uit het Oosten die per slot van rekening aan den lijve hebben ervaren hoe afschuwelijk de Russen zijn. Dat is het perspectief waarmee de auteur zich heeft vereenzelvigt
Het lijkt nuchtere nieuwsgaring, gebaseerd op maar liefst zeven interviews met topmilitairen uit Zweden, Finland, Noorwegen, Duitsland en Estland (of zijn hun woorden overgenomen uit het eerder genoemde onderzoek, en dus een typisch staaltje luie journalistiek?), maar het is loepzuivere militariseringspropaganda.
Columnistiek verpakt als nieuwsgaring.
Let op de woordkeuze: het fijn militaristisch en deskundig klinkende “oostflank” in plaats van “grens”; “bezweren” in plaats van “beweren” om de frame-bevragende uitlatingen van een Amerikaanse generaal mee aan te duiden; het kleine nieuws groot maken en het grote nieuws in de derde alinea verstoppen en in de navolgende alinea’s indirect tegenspreken; en troepenopbouw aan Russische zijde als een separaat fenomeen presenteren en niet als een mogelijke reactie op een soortgelijke troepenopbouw van de NAVO in Polen en de Baltische staten, zoals de Financial Times onlangs in een indrukwekkende journalistieke productie wel liet zien.
Het druipt van de keuzes die de redactie waarschijnlijk zelf als neutrale, objectieve journalistieke keuzes presenteert maar die feitelijk zwaar ideologisch geladen zijn. Nu al ruim vier jaar propageert de krant het narratief van het militair-industrieel complex door alleen informatie te presenteren die binnen het frame past en informatie die het frame bevraagt buiten de krant te houden, of als dat niet gaat, zoals hier, te marginaliseren en eigenhandig, leunend op andermans nieuwsgaring, te weerspreken.
Waarom de uitlatingen van leden van het militair-industrieel complex voor zoete koek slikken? Waarom niet eens de andere kant bevraagd? Waarom niet zelf op onderzoek uitgaan? Waarom de collega die dat wel doet vervolgens verketteren en verbannen? Waarom niet steevast de financiële belangen benoemd? Waarom “deskundigen” op het schild hijsen die een uitgesproken belang hebben bij militarisering? Waarom niet wat meer argwaan en achterdocht jegens militaire woordvoerders? Waarom drone-waarnemingen heel groot maken en de herroepingen ervan niet noemen? Waarom zo overduidelijk partij kiezen?
Dit soort vragen worden nu al ruim vier jaar niet gesteld, content als men lijkt te zijn met toegang tot het ecosysteem van de NAVO en onderwijl kennelijk niet beseffend dat men daarmee tot de megafoon van het militair-industrieel complex is verworden.
Met desastreuze gevolgen voor het publieke debat, de politieke besluitvorming, de verzorgingsstaat, het welzijn van jonge generaties, van Russen en Oekraïners, van natuur, dier en milieu.
Militarisering is namelijk een pest.
Hou me ten goede: het kan, en mag, en gebeurt, maar met journalistiek heeft het niets te maken.
Ewald Engelen is free today. But if you enjoyed this post, you can tell Ewald Engelen that their writing is valuable by pledging a future subscription. You won't be charged unless they enable payments.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten