maandag 14 april 2008

De Nieuwe Reporter 2


De Nieuwe Reporter omschreef Carl Bernstein als volgt:
'Overal waar hij verscheen, vielen de mensen in bewondering aan de voeten van de halfgod van de journalistiek. Halfgod, omdat hij de eer moet delen met die andere grootheid: Bob Woodward.'
Mooi zo, en wat zei de halfgod: 'En dus herhaalde de goeroe het nog maar eens: “The best obtainable version of the truth”! Daar moet een journalist aan werken. “Dat is altijd de standaard geweest in de journalistiek en ik hoop dat het ook zo zal blijven, ook op internet.”'

Toemaar, het kan niet op. Daarom ter ontnuchtering de realiteit zoals ik die waarneem:
Al in de jaren twintig van de vorige eeuw had de befaamde Amerikaanse columnist Walter Lippmann geschreven dat journalisten als ‘gespecialiseerde klasse’ de taak hebben om de ‘gemeenschappelijke belangen… die voor het overgrote deel de publieke opinie ontgaan’ zo te presenteren dat ze door de massa aanvaard werden, waarbij natuurlijk de ‘gemeenschappelijke belangen’ vooral de rijken dienden. Met andere woorden: de media moesten de visie van de machtigen propageren. De toonaangevende Lippmann, een fervent adept van de imperialistische presidenten Theodore Roosevelt en Woodrow Wilson, was uiterst sceptisch over de mogelijkheid van een ware democratie in een complexe moderne samenleving. Het gewone volk kon zijn eigen belangen niet zomaar gaan formuleren, want dan zou het een chaos worden. ‘Het publiek moet zijn plaats weten,’ zodat ‘verantwoordelijke mensen… niet gestoord door het gestamp en het gebrul van een verbijsterde kudde’ hun beleid kunnen bepalen. De enige ‘functie’ in een democratische samenleving van ‘onwetende en bemoeizuchtige buitenstaanders’ was die van ‘geïnteresseerde toeschouwers.’ Zij mochten tijdens verkiezingen hun stem geven aan - door coöptatie gekozen – beleidsbepalers en verder niets. Om dit proces mogelijk te maken moest de pers worden gebruikt. Zij was verantwoordelijk voor ‘het fabriceren van consensus… een zelfbewuste vaardigheid en standaard instrument van een regeringen die namens het volk besturen.’ Keer op keer onderstreepte Lippmann het belang dat journalisten de juiste ‘reflexen’ ontwikkelden en voldoende ‘geconditioneerd’ zouden worden waardoor ‘de aandacht van de media natuurlijk voor een belangrijk deel gestuurd’ kon worden ‘door de politieke machten.’ Hij besefte de propagandistische waarde van een gecontroleerde pers, die er diep van doordrongen is dat ze ‘moet… kiezen.’ Als lid van Wilson’s Commissie voor Publieke Informatie, speciaal in het leven geroepen om de oorlogspropaganda te coördineren, was hij erin geslaagd de sentimenten zo te bespelen dat de Amerikaanse bevolking deelname aan de Eerste Wereldoorlog uiteindelijk accepteerde. Maar niet alleen Lippmann, die onder president Wilson als assistent van de minister van Oorlog diende, was zo negatief over de wenselijkheid van een echte democratie. Het was de heersende opvatting in brede kringen van de Amerikaanse elite. Zo verklaarde Robert Lansing, minister van Buitenlandse Zaken onder president Wilson, dat de grote massa van de bevolking ‘onwetend en geestelijk onvolwaardig’ was en dus via de pers in de juiste richting gemanipuleerd moest worden. En ook Reinhold Niebuhr, hoogleraar Praktische Theologie uit New York, de ‘officiële theoloog van het establishment,’ waarschuwde voor ‘de domheid van de gemiddelde mens… het proletariaat,’ die niet de rede volgde maar het geloof en daarom door de media gevoed moest worden met ‘emotioneel krachtige oversimplificaties,’ die dienden om de ‘noodzakelijke illusie,’ in stand te houden. De illusie dat de VS een echte democratie was, waarbij iedere burger in alle vrijheid de politieke koers van zijn land bepaalt. Volgens deze vooraanstaande adviseur van degenen die ‘de verantwoordelijkheden van de macht onder ogen zien,’ moest dit een ‘noodzakelijke illusie’ blijven, wilde tenminste de economische en politieke elite ongestoord haar werk kunnen doen, wat in de praktijk neerkwam op het uitbuiten en onderdrukken van het ‘proletariaat’ dat wereldwijd ‘onwetend en geestelijk onvolwaardig’ was. Het volk moest door de media gedisciplineerd worden en gedirigeerd, anders zou de Westerse beschaving ten onder gaan, zo vreesde Niebuhr. Het resultaat van deze strategie is niet uitgebleven, want ondanks of beter nog dankzij de overvloed aan massamedia is de constatering van de Britse auteur John Berger correct dat ‘er grote delen van de… arbeiders en middenklasse bestaan die zich niet helder kunnen uitdrukken als gevolg van de grootscheepse culturele deprivatie. De middelen om datgene wat ze weten te vertalen in gedachten is hen ontnomen… Ze bezitten geen voorbeelden die ze kunnen volgen, waarbij woorden ervaringen duidelijk maken.’ Een avondje televisie kijken en men weet wat Berger bedoeld. ‘Wat kan er, uitgezonderd halve waarheden, grove simplificaties of onbenulligheden, overgebracht worden aan dat halfgeletterde massale gehoor, dat… overal de voorstelling mag bijwonen?’ zo schreef de hoogleraar George Steiner, die aan Yale en Oxford doceerde. Op zijn beurt noemt de auteur Milan Kundera journalisten ‘termieten van de reductie,’ die ‘over de hele wereld dezelfde simplificaties en clichés uit[strooien], waarvan mag worden verwacht dat ze door de meerderheid zullen worden aanvaard, door allen, door de hele mensheid.’ Iedereen die deze consensus verbreekt, iedereen die weigert de rol van propagandist te spelen, vormt per definitie een bedreiging en moet dan ook met alle wapens bestreden worden.
Zo, na al die praatjes van een 'goeroe' staan we nu weer met beide benen op de grond. Theo Dersjant schreef het verhaal en mijn advies aan hem is: daal af naar de aarde, en interview volgende keer kritisch! Wat zou er nu toch nieuw zijn aan De Nieuwe Reporter? Dat ze indirect door de overheid worden gesubsidieerd?

2 opmerkingen:

Anoniem zei

Voor nog meer komisch nieuws over Theo Dersjant en De Nieuwe reporter:


http://www.hetvrijevolk.com/?pagina=5918

Anoniem zei

Aha Marcel Vreemans, u bent er voorwaar weer zo eentje die de publieke omroep "te links" vindt.

Wat is er "links" aan die omroep?
Is de PvdA "links"?
Hoe definieert u "links"?
Is het "links" als, bijv., bij de NOS, zeer veel Palestijnse doden nauwelijks nieuwswaardig zijn en veel minder Israelische doden wel?
Is het "links" als G.W. alle aandacht van de wereld krijgt terwijl het nergens over gaat?
Is het "links" als de waarheid over 9-11 krampachtig onder het tapijt wordt gehouden?
Is het "links" als men doet, in de "verslaggeving" van de Am. verkiezingscampagne, alsof de VS een werkelijk democratisch land is, ondanks bijna een decennium van manipulatie met stemmen en stemmachines?
Is het "links" als Rita Verdonk, die EEN ZETEL in de Tweede Kamer heeft, een ongekende hoeveelheid aandacht krijgt in de Publ. Omr. voor het spelen van het Wilhelmus, het varen met een bootje, en het veroordelen van slavernijmonumenten?
Is het "links" als de arabist Hans Jansen niet weg te slaan is van de publieke zenders?
Is het "links" als de presidentskandidaat Ron Paul, die bijv. fundamentele kritiek heeft op de Amerikaanse centrale bank, het buitenlands beleid, etc., wordt doodgezwegen?
Is het "links" als Radio 1 een hopeloze aaneenschakeling van irrelevant onkritisch geneuzel is?
Is het "links" als Paul Witteman openlijk toegeeft dat hij niet zijn goede relatie met politici op het spel gaat zetten voor zoiets lulligs als "kritische vragen"?
Is het "links" als het goedkeuren van het gebruik verarmd uranium munitie door Nederland voor geen enkele publieke omroeper aanleiding is voor een aanklacht?

Is het "links" als ...

we kunnen nog wel een tijdje doorgaan, maar ik hoop wel dat het zin heeft Marcel Vreemans.

Het zit namelijk zo Marcel Vreemans, de publieke omroep is niet links, niet rechts, maar CONFORMISTISCH, en zelfgenoegzaam en lui ook, zou ik daar aan willen toevoegen als ik niet had geleerd, gij zult niet oordelen.

Maar dat heeft weinig te maken met "LINKS".

Anders kun je misschien even aan Stan van Houcke vragen hoe "links" de publieke omroep is, die heeft daar geloof ik wat ervaring mee.

Ik vind persoonlijk puur het feit dat Paul Witteman op de PvdA stemt geen aanwijzing dat hij "links" zou zijn.
Hoe kan God nou links of rechts zijn?