Dit zegt Holman in een interview:
'Als ik dan Frènk van der Linden met Felix Rottenberg in DWDD over Rutger van GeenStijl hoor zeggen dat er een fatsoenkloof is in de journalistiek, dan denk ik: Hallo zeg, dit is mijn vader die scheldt over de VPRO: ‘Wat onfatsoenlijk!’ Omdat hij twee tieten zag bij Hoepla. Ik heb altijd een enorm bezwaar gehad tegen dat woord ‘fatsoen’. En nu hoor ik het daar. Ik hoor het constant daar. Ik denk dat de werkelijke avant-garde zich elders bevindt. Die zit niet in de kunstwereld die het voor het zeggen heeft. Die zit niet in de journalistiek. De avant-garde zit op het internet, bij blogs.'
http://www.dagelijksestandaard.nl/2012/03/theodor-holman-ik-voel-me-verwant-met-breivik
Et voila, de aap is uit de mouw. Het gaat om de gedachtenwereld van de voormalige VPRO. Frenk van der Linden heeft nooit bij de VPRO gezeten, en Felix Rottenberg slechts korte tijd. De geciteerde uitspraken zijn bovendien gedaan tijdens een VARA-programma. Maar de VPRO dus, die op 1 lijn wordt gesteld met zijn vader. De VPRO vertegenwoordigde dus een zekere autoriteit voor Holman. En hij is nooit gevraagd door de oude VPRO-Radio om mee te doen. De reden daarvoor is simpel: hij paste niet in de toenmalige links-liberaire VPRO. Dat zit hem kennelijk na al die jaren nog steeds dwars, gezien zijn recente uitspraak. Hij wil wraak nemen omdat hij genegeerd werd door de VPRO en al die anderen die in zijn ogen een zekere autoriteit uitstraalden. Hij, de Indische jongen, die zich zo graag wil bewijzen. Die de wereld wil toeschreeuwen dat hij net zo goed is als al die blanke Nederlanders. Sterker nog: hij weet veel beter dan welke blanke Hollander dan ook wat de blanke, christelijke, Europese cultuur voorstelt. Vandaar zijn haat tegen bijvoorbeeld arabieren, tegen islamieten, tegen kritische joden als Adorno, Horkheimer en Marcuse, tegen alles dat afwijkt van de burgerlijke normen die de kleinburgerlijke Holman erop nahoudt. Tegen de vroegere VPRO dus. Ziedaar Theodor Holman, wiens rancune ergens in geprojecteerd moet worden. Vandaar zijn affiniteit met de autoritaire Breivik, een andere
'avant-gardist' die zich afgewezen voelde en dus kinderen begon te vermoorden. De geschiedenis zit vol met gefrustreerde dwazen die niet erkend werden en vervolgens aan het moorden sloegen. Holman leeft niet in het nazi-Duitsland van de jaren dertig. Hij zou een overtuigde SS-er kunnen zijn geweest. Maar dat wil niet zeggen dat deze hansworst nu niet gevaarlijk is.
Het begrip maakte het onderwerp uit van een studie in 1950, uitgevoerd aan de
universiteit van Berkeley. Deze studie leidde tot een maatstaf voor fascistische neigingen, bekend als de F-schaal (
"implicit antidemocratic tendencies and fascist potential", "impliciete antidemocratische neigingen en fascistisch potentieel"), die nog steeds gebruikt wordt. Deze schaal is opgebouwd aan de hand van een reeks subschalen:
- Conventionalisme -- de neiging om sociale conventies te aanvaarden en te gehoorzamen, en zich te schikken naar wat gezagsfiguren wensen, gehechtheid aantradities en algemeen aanvaarde regels;
- Autoritaire onderwerping -- onderwerping aan overheden en gezagsfiguren;
- Autoritaire agressie -- een agressieve opstelling tegen individuen en groepen die niet erg op prijs gesteld worden door de overheid, in het bijzonder groepen en personen die traditionele waarden bedreigen;
- Anti-intraceptie -- afwijzing van het subjectieve, van de verbeelding en van het esthetische;
- Substitutie en stereotypen -- bijgeloof, clichévorming, hokjesdenken en fatalistisch determinisme;
- Kracht en hardheid -- identificatie met de machthebbers, overmatig belang gehecht aan sociaal wenselijke persoonlijkheidskenmerken;
- Destructivisme en cynisme -- veralgemeende vijandigheid en genoegen om anderen naar beneden te halen;
- Projectie -- de overtuiging dat er een "kwaad" bestaat in de wereld en de veruitwendiging of externalisering van de eigen onbewuste emotionele impulsen dienaangaande;
- Seks -- overdreven bezorgdheid met betrekking tot seksuele activiteiten.'