• All governments lie, but disaster lies in wait for countries whose officials smoke the same hashish they give out.

  • I.F. Stone

donderdag 20 oktober 2016

Frank Westerman's Provinciale Schrijverij 28


Om te beginnen, enkele feiten uit 'the land of the free and home of the brave':

The top one tenth of one percent of Americans has as much wealth as the bottom 90 percent of Americans combined. Out of the 540 billionaires in the United States just three are black, 

zijnde 000,5 procent, terwijl toch 14,6 procent van de bevolking uit zwarten bestaat. Representatief is als tenminste 90 miljardairs in de VS zwart zouden zijn en niet 3. De gigantische ongelijkheid blijkt tevens uit het feit dat 0,1 procent van de Amerikanen evenveel bezit als de onderste 90 procent. Desondanks stelt de journalist/schrijver Geert Mak dat het de ‘Amerikaanse presidenten, Wilson en Roosevelt [waren],’ die ‘een begin van orde brachten in de mondiale politiek en economie,’ en dat bovendien de VS na de Tweede Wereldoorlog moet worden gezien als 'decennialang' de ‘ordewaker en politieagent’ van de wereld. Op zijn beurt verkondigde dr. Ruud van Dijk, universitair docent 'history of recent international relations' van de Universiteit van Amsterdam, in de Volkskrant van 19 december 2015:

Een van de belangrijkste doelstellingen van het Europese en Nederlandse beleid moet zijn te voorkomen dat Amerika niet langer verantwoordelijk wil zijn voor het functioneren van het internationale systeem… de Verenigde Staten blijven de onmisbare ordeningsmogendheid in het internationale systeem… Voor ons in Europa is een constructieve, activistische Amerikaanse rol intussen essentieel… Amerika's invloed is afgenomen, en het land ligt met zichzelf in de knoop onder invloed van de gevolgen van globalisering. Een volk dat zich per definitie als exceptioneel ziet, voelt zich door de buitenwereld belaagd.

Kort samengevat ‘blijven’ in de ogen van ‘onze’ zelfbenoemde ‘politiek-literaire elite’ de ‘Verenigde Staten,’ waar een handjevol schatrijken evenveel bezit als de overgrote meerderheid van de Amerikaanse bevolking, ‘de onmisbare ordeningsmogendheid in het internationale systeem.’  En daarom is ‘voor ons in Europa een constructieve activistische’ rol van de ‘ordebewaker en politieagent’ van de wereld ‘essentieel,’ zodat de kloof tussen de arm en rijk met geweld in stand  wordt gehouden. Dat die ‘orde’ van de ‘ordeningsmogendheid’ zelfs in de VS een grote sociale, politieke en economische wanorde heeft veroorzaakt, is volgens de al dan niet academisch geschoolde Makkianen en Van Dijken een te verwaarlozen detail, dat hooguit moet worden opgevat als ‘collateral damage,’ op weg naar de beoogde wereldwijde heilstaat, en daarmee de lang verwachte en gehoopte verlossing van de gehele mensheid. Degenen die zich gewapenderhand zijn gaan verzetten tegen deze neoliberale 'verlossing,' moeten als ‘terroristen’ tot de orde worden geroepen, want de ‘pen kan niet zonder het zwaard,’ aldus de journalist/schrijver Frank Westerman, die een heel boek over ‘het terrorisme’ schreef, zonder overigens de westerse terreur te behandelen. Ziedaar het intellectuele polderniveau. Het ware probleem is dat in tegenstelling tot de literator de mainstream-journalist niet in staat is ‘to reimagine, to reframe, the world.’ Het ontbreekt hem aan verbeeldingskracht en visie. Hij kan slechts in cliché’s denken, en pas achteraf ontdekken dat de werkelijkheid kennelijk volstrekt anders was. Die mentaliteit verklaart waarom de oud NOS-Journaal correspondent in Washington, Eelco Bosch van Rosenthal, in september 2016 opmerkte dat hijAmerika nog nooit zo in vertwijfeling’ heeft ‘gezien als dit jaar,’ terwijl toch al decennialang Amerikaanse auteurs, academici, cineasten, regisseurs de intense ‘vertwijfeling’ in de VS in woord en beeld tonen, én analyseren. Het is de 'vrije' polderpers allemaal ontgaan, net als het de Sovjet-journalisten ontging dat hun imperium op instorten stond. Gezien het gebrek aan kennis en inzicht van bijvoorbeeld opiniemaker Geert Mak, die, zoals ik uit ervaring weet, altijd de mening napraat van degene met wie hij het laatst heeft gesproken, is de propaganda van ‘de populairste geschiedenisleraar van het land’  levensgevaarlijk. In het televisieprogramma College Tour van 14 oktober 2016 adviseerde mijn oude vriend Geert het grote publiek om mogelijke vrienden en familie in de VS ‘op het hart te binden’ niet op Donald Trump te stemmen, maar op Hillary Clinton, aangezien 

Trump een enorm temperament [heeft]. Hij zal inderdaad nu zoete broodjes bakken met Rusland, maar dat is heel tijdelijk, denk ik, want het is echt iemand die vanwege een vervelende tweet in razernij kan uitbarsten. Zo iemand moet je niet als opperbevelhebber hebben. Wat Hillary Clinton zei is ook terecht: ‘hij is ongeschikt,’ en dat is zelden gezegd.

Omdat de programmamaker Twan Huijs — eveneens geen groot licht — Mak’s beweringen voor zoete koek slikte, zal ik ze hier tegen het licht houden. Bekend is dat Trump geen oorlog met Rusland wil, maar tot groot ongenoegen van de elite in Washington en op Wall Street, juist wil samenwerken met de Russische Federatie. Woensdag 12 oktober 2016 verklaarde Jill Stein, presidentskandidaat van de progressieve Amerikaanse ‘Green Party,’ een onafhankelijke partij -- waarop men vooral niet moet stemmen, aldus Mak tijdens de College Tour-uitzending -- dat Donald Trump, wat oorlog en vrede betreft, ‘minder angstaanjagend is,’ dan Hillary Clinton. Mevrouw Stein lichtte haar standpunt asls volgt toe: 

It's important to look at where we are going. It's not just a moment in time, but where has the strategy of voting for the lesser evil taken us? 

All these times you have been told to vote for the lesser evil because you didn't want the wars, or the meltdown of the climate, or the offshoring of our jobs, or the attack on immigrants, or the massive bailout for Wall Street, but that is actually what we have gotten. By the droves (in groten getale. svh.)

Because we with public interest allow ourselves to be silent, and voted for the lesser evil. But the lesser evil doesn't solve the problem. 

The Obama administration, even with both houses of Congress, actually did all of these fossil fuel emissions. ‘All of the above’ gave us some renewable energy but it completely amplified and intensified our carbon production, which has been incredibly destructive to the climate. 

The wars have gotten bigger, we are now bombing seven countries.

It is important to not just look at the rhetoric but also look at the track record and the reality is the lesser people and greater people is a race to the bottom, and even Donald Trump in the right wing extremism grows out of the policies of the Clintons, in particular Nafta, which sent our jobs overseas and Wall Street deregulation, which blew 9 million jobs up into smoke. 

That is what is creating this right wing extremism. A vote for Hillary Clinton isn't going to fix it...

It is now Hillary Clinton that wants to start an air war with Russia over Syria by calling for a no fly zone. 

We have 2000 nuclear missiles on hair-trigger alert. They are saying we are closer to a nuclear war than we have ever been. 

Under Hillary Clinton, we could slide into nuclear war very quickly from her declared policy in Syria. 

I sure won't sleep well at night if Donald Trump is elected, but I sure won't sleep well at night if Hillary Clinton elected. We have another choice other than these two candidates who are both promoting lethal policies. 

On the issue of war and nuclear weapons, it is actually Hillary's policies which are much scarier than Donald Trump who does not want to go to war with Russia. 

He wants to seek modes of working together, which is the route that we need to follow not to go into confrontation and nuclear war with Russia.
Afgaande van de feiten is mevrouw Clinton’s oorlogszuchtige verleden inderdaad angstaanjagender dan die van Trump. Zij is voorstander van ‘an air war with Russia over Syria by calling for a no fly zone,’ een ‘lucht-oorlog’ die kan uitlopen op een nucleair armageddon waneer één van de partijen dreigt te verliezen. Maar dit verzweeg Geert Mak, net zoals zijn vader, Catrinus Mak, in 1936 verzweeg dat de Neurenberger Rassenwetten zouden kunnen uitlopen op een poging ‘het uitverkoren volk’ te vernietigen, zeker als ook gezagsgetrouwe dominees dit antisemitisme als ‘staatkundig tolerabel’ goedkeurde, zoals Catrinus Mak publiekelijk deed. Dat Geert Mak met vuur speelt weet hij, ik heb hem daar herhaaldelijk op gewezen. Maar zodra hij voor een cameralens zit, verliest hij onmiddellijk alle proporties en produceert hij zoveel mogelijk kitsch, in de verwachting daarmee een zo groot mogelijk publiek te behagen. Daarom criminaliseert hij Trump’s uitspraak om geen oorlog met Rusland uit te lokken met de woorden ‘zoete broodjes bakken,’ hetgeen betekent: ‘dingen zeggen om een goede indruk achter te laten bij mensen met invloed.’ Dat Trump en de westerse bevolking een financieel en daarmee politiek belang kunnen hebben bij vrede met Rusland kan er bij Mak niet in. Als overtuigd Atlanticus staat hij aan de kant van het militair-industrieel complex, waarvoor president Eisenhower lang geleden met klem gewaarschuwd heeft. Geert Mak is een pathologisch geval, een half geïnformeerde, naar bevestiging zoekende opportunist, zoals ik keer op keer van zeer dichtbij heb kunnen vaststellen. Ert blijft bij nader inzien weinig over van zijn stelling dat Trump ‘een enorm temperament’ heeft en daarom niet ‘met zijn vingers aan de atoomknop’ moet kunnen ‘zitten,’ terwijl hij impliceert dat Hillary Clinton geen last heeft van ‘een enorm temperament.’ Klopt dit? Nee, niet volgens ter zake kundige insiders. Integendeel zelfs, er zijn ontelbare verhalen over haar razernij. Een voorbeeld. Dinsdag 21 juni 2016 kon men het volgende lezen: 

Gary Byrne, a former Secret Service agent for President Bill Clinton has written a book in which he exposes the rage and ‘eruptive’ behavior of Hillary Clinton during her time as first lady.

Breitbart News has released an excerpt of the book. In the excerpt, the author wrote, ‘The First Lady had a different sort of liveliness.’ 

He went on to say, ‘She once threw a Bible at an agent on her detail, hitting him in the back of the head. He bluntly let her know it wasn’t acceptable. He told me that story himself.’

In the book, Byrne — who was posted at the door to the Oval Office for three years — states that an assignment to the former first lady’s detail was considered a punishment.

Byrne also wrote the agents knew to brace for the eruptions, saying, ‘They didn’t happen every day, but behind closed doors we learned about them fast. In public, she was everyone’s best friend. Privately, she was her normal self.’

At one point in the book, Byrne gives an account of Clinton telling one agent to ‘Go to hell!,’ while telling another to, ‘Go f*** yourself!’

Byrne expressed concern that Clinton may become the next president.

He wrote, ‘Hillary Clinton is now poised to become the Democratic nominee for president of the United States, but she simply lacks the integrity and temperament to serve in the office.’

Bryne went on to say, ‘From the bottom of my soul, I know this to be true. And with Hillary’s latest rise, I realize that her own leadership style — volcanic, impulsive, enabled by sycophants, and disdainful of the rules set for everyone else — hasn’t changed a bit.’


Afgaande op informatie van betrokken insiders blijft er dus niets over van Mak’s beweringen. Het toppunt van zijn nonsens is wel dat hij Hillary Clinton aanhaalt om te bewijzen dat Trump ‘ongeschikt’ is om ‘opperbevelhebber’ te zijn van de Amerikaanse strijdkrachten. Het enige zinnige is te stellen dat ‘it takes one to know one.’  Even absurd is zijn suggestie dat ‘een vervelende tweet’ voor Trump kan uitlopen op ‘razernij,’ die vervolgens zou eindigen in een nucleaire genocide. Nagenoeg alles wat mijn oude vriend op televisie stelt is een leugen, zelfs wanneer hij beweert dat het ‘zelden’ is ‘gezegd’ dat Trump ‘ongeschikt’ is om president te worden. Bijna de voltallige westerse mainstream-pers vertelt permanent niets ander. Zo vaak zelfs dat kritische Amerikanen het alleen maar als verdacht beschouwen hoe het hele politieke en economische establishment zich tegen Trump keert. Maar in het piepkleine kikkerland gaan de Makkianen ervan uit dat het van gezond verstand getuigt om zich achter mevrouw Clinton te scharen, desnoods ‘met een wasknijper op de neus.’ Het was de Spaanse anarchist Buenaventura Durruti die tijdens de Spaanse burgeroorlog opmerkte dat 

Geen enkele regering het fascisme bestrijdt om het te vernietigen. Wanneer de bourgeoisie ziet dat de macht uit haar handen glipt, kweekt ze het fascisme om haar privileges vast te houden. 

De wil te heersen is zo sterk bij de elite dat het bereid is haar eigen wereld te vernietigen, voordat zij noodgedwongen toch het toneel moet verlaten. Die fase begint nu aan te breken, en het zijn charlatans als Mak, Westerman, en Van Dijk die als propagandisten dit stervensproces zolang mogelijk proberen te rekken. ‘De ideale kandidaat,’ zoals wijlen Henk Hofland mevrouw Clinton een jaar voor zijn dood in De Groene Amsterdammer noemde, ‘de ideale kandidaat’ op wie ‘je’ volgens Mak desnoods ‘met een wasknijper op je neus’ moet stemmen, is degene die verklaarde dat ‘de helft van Donald Trump’s aanhangers’ simpelweg ‘verachtelijk’ waren. De vrouw die president van alle Amerikanen wil worden veracht als ‘ideale kandidaat’ een substantieel deel van haar landgenoten, maar dat interesseert de Makkianen en de Hoflanden niet, want ook de onderdanige mainstream-pers kijkt neer op de gedupeerde onderkaste, aangezien zij volledig ‘out of touch’ zijn ‘with an economically hard-hit electorate.’  Mak mag dan wel tegenover Twan Huijs beweren dat hij ‘een sterk ontwikkeld schuldgevoel [had], zeker op het gebied van de zeden,’ daarmee doelend op hert domein van de seksualiteit, maar in de praktijk blijkt geenszins dat hij zich op een of andere manier schuldig voelt voor de smerige propaganda die hij verspreidt. Daarom kan hij zonder ook maar over één concreet feit te beschikken beweren dat Trump, maar ‘heel tijdelijk’ geen conflict met Rusland zal zoeken. In het besef dat zijn televisie-optreden de verkoop van zijn laatste boek ten goede zal komen, is Geert Mak bereid datgene te vermijden wat controversieel kan worden opgevat door de elite en de massa. Dat is de voornaamste reden waarom hij de officieel gesanctioneerde versie van de werkelijkheid blijft herhalen. Hij is even schaamteloos en gevaarlijk als zijn vader, die in het interbellum ‘het uitverkoren volk’ van de gereformeerde God verraadde. Wat de zo bewonderde opiniemaker verzuimde te vertellen toen hij opriep om op Hillary Clinton te stemmen, was ondermeer het feit dat zij als minister van Buitenlandse Zaken zich inspande om de schatrijke donateurs van de Clinton Foundation te belonen met lucratieve opdrachten in Derde Wereldlanden. Enige achtergrond-informatie:

THE CLINTON FACTOR IN THE DEMOCRATIC REPUBLIC OF CONGO (DRC.svh)

When she was a senator, Hillary Clinton was one of the first 12 cosponsors to sign on in support of the Democratic Republic of the Congo Relief, Security, and Democracy Promotion Act of 2006. The Act addressed the issue of conflict minerals in a bid to combat the violence which resulted because of the mineral trade as well as human rights and corruption. In strongly worded speeches, she asserted her support for the ordinary citizens of the country, even proclaiming, ‘We will help you build a strong, civilian-led government that is accountable and transparent.’ 

Those were just words! When DRC held widely disputed elections in 2011, the State Department she was leading stayed out of it and called it an ‘internal affair.’ The United Nations Group of Experts then revealed Rwanda’s involvement in the DRC but under Hillary Clinton who served as Secretary of State, the State Department ‘sought to block or delay publication of the damning portion of the investigation.’ Clinton Cash establishes a connection between Clinton’s reluctance to act on her words in the DRC and her relations with business people like Lukas Lundin who committed $100 million to the Clinton Foundation through a charity called Lundin for Africa. Lundin’s companies operate in controversial, war torn areas where competition avoids. Adolph Lundin, the founder of the companies had made his money mining in apartheid South Africa even after the United Nations applied international sanctions. The Lundin’s had entered the DRC by striking deals with then rebel leader, Laurent Kabila who they sponsored in return for mining rights if he ascended to power, which he did. The Act which Clinton had cosponsored was a real threat to the Lundin interests and logically, they would not have wanted to see it being implemented. It would seem the $100 million was enough to stop Clinton from implementing the Relief, Security and Democracy Promotion Act. 

CLINTON’S UNHOLY ETHIOPIAN TIES

One of Saudi Arabia’s richest men, Mohammed al-Amoudi is said to have made his fortune from his ties with Ethiopia’s Meles Zenawi and his repressive government. This same man (Amoudi) committed $20 million to the Clinton Foundation in May 2007. Meanwhile, the Ethiopia Democracy and Accountability Act had been introduced and was then passed that October. The idea was to pressurise the government of the country to be more transparent if it was to get aid from the USA. This pressure to change would have affect Amoudi who benefitted from the status-quo, so he made his move. Amoudi, a man not known for his philanthropy, a man who had been approached by local AIDS organizations for fractions of what he gave the Clinton Foundation but turned them down suddenly became the prime example of generosity. An Ethiopian human rights organization flagged this in a letter to Bill Clinton, writing, ‘We have reason to believe that the huge donation to the Clinton Foundation was made on behalf of the Ethiopian government.’

Hillary Clinton’s tenure as Secretary of State predictably did not change much in Ethiopia. If anything, Zenawi, though famed for his repressive streak was held with high regard by the Clintons, even being called up for Clinton Foundation events. Though the Accountability Act had been passed, Clinton’s State Department continued to give hundreds of millions worth of aid though it was clear that the Ethiopian government was not transparent in its dealings. Amoudi’s Dashen Bank reaped unimaginable benefits from the USAID’s Development Credit Authority. Was this what Amoudi’s $20 million bought him?

THE DARK CLINTON SHADOW IN SOUTH SUDAN

In the United States corridors of power, one Joe Wilson commands a lot of respect because of his close relationship to the Clintons. In the first Hillary Clinton presidential campaign, he was vocal and proclaimed Hillary, ‘easily the better candidate’ than Obama. This same Wilson became vice chairman of Jarch Capital, a company with interests in natural resources in countries it expected ‘sovereignty changes.’ This is a politically correct representation of “war-torn” countries. Philippe Heilberg, the founder of the company had said, ‘You have to go to the guns, this is Africa.’ He meant his company would strike deals with warlords. Through its subsidiary, Jarch Management, the company has brokered massive deals taking advantage of the South Sudanese situation. The leaders of the company are quite possibly the grey suits behind the continued conflict in the region. It is this soiled character (Joe Wilson) who was considered a key adviser to Hillary Clinton in her tenure as Secretary of State. How unfortunate!

EVEN IN NIGERIA

One of the Clintons’ favorite people is businessman, Gilbert Chagoury. Chagoury’s partnership with despotic Sani Abacha helped him amass much wealth. Nuhu Ribadu who led the anti-corruption prosecution in Nigeria said, ‘You couldn’t investigate corruption without looking at Chagoury.’ He further said Chagoury had helped siphon $4 billion from Nigeria into tax havens. This same Chagoury is then found in history contributing $469,000 to the Clinton re-election campaign in 1996 ‘on Abacha’s behalf.’ The policy towards Nigeria took a dramatic 180 degree turn with an evidently tolerant tone for Abacha being adopted. Chagoury was later convicted for the crime of money laundering during the Abacha administration but the Clintons remained friends with him. In 2009, he even pledged $1 billion to the Clinton legacy project. Such a character who has been at the center of robbing Africa should be the last person the Clintons associate with but not in this case.

One may say some of these relationships the Clintons have are entirely personal but such naivety would encourage Africa to look away as the American leadership strengthens characters who are destroying the continent. Media Matters for America attempted to undermine the findings of Clinton Cash but in the case of Africa, the one argument it proffered was that Clinton was simply continuing with a policy-framework of the Bush administration. This does not make it better! Africa is not going to be comforted by the fact that leader after leader in the United States chooses to support looting dictators, warlords and unscrupulous businesspeople who connive to strip the continent of all it has. This whole business has colonial undertones and the Clintons are the face of this new age of imperialism. 


Ondanks de corruptie van de Clinton’s waar allereerst de neokoloniale elite profiteert, had de ‘chroniqueur’ van de westerse wereld geen enkel moreel probleem dit te verzwijgen, en zijn ‘interviewer,’ het journalistieke lichtgewicht Twan Huijs, liet zich vrijwillig medeplichtig maken aan Mak’s ‘conspiracy of silence.’ De ijdele Twan zat er als een sidekick bij, en liet de verbale diarree over zichzelf en zijn witte publiek heenkomen. Had hij zijn huiswerk gedaan dan had Huijs geweten dat ten tijde van haar ministerschap mevrouw Clinton op de hoogte was dat bevriende staten van Amerika de terroristische organisatie ISIS financieel en militair steunden. De gerenommeerde Midden-Oosten correspondent Patrick Cockburn bevestigde in de Independent van vrijdag 14 oktober 2015 een aantal feiten die via internet al langere tijd bekend waren. Hij schreef:

It is fortunate for Saudi Arabia and Qatar that the furore over the sexual antics of Donald Trump is preventing much attention being given to the latest batch of leaked emails to and from Hillary Clinton. Most fascinating of these is what reads like a US State Department memo, dated 17 August 2014, on the appropriate US response to the rapid advance of Isis forces, which were then sweeping through northern Iraq and eastern Syria.

At the time, the US government was not admitting that Saudi Arabia and its Sunni allies were supporting Isis and al-Qaeda-type movements. But in the leaked memo, which says that it draws on ‘western intelligence, US intelligence and sources in the region’ there is no ambivalence about who is backing Isis, which at the time of writing was butchering and raping Yazidi villagers and slaughtering captured Iraqi and Syrian soldiers.

The memo says: ‘We need to use our diplomatic and more traditional intelligence assets to bring pressure on the governments of Qatar and Saudi Arabia, which are providing clandestine financial and logistic support to Isis and other radical groups in the region.’ This was evidently received wisdom in the upper ranks of the US government, but never openly admitted because to it was held that to antagonize Saudi Arabia, the Gulf monarchies, Turkey and Pakistan would fatally undermine US power in the Middle East and South Asia.

Cockburn berichtte dit op dezelfde dag dat Mak zijn oproep deed om op Hillary Clinton te stemmen. Het feit dat zij de samenwerking tussen ISIS enerzijds en Turkije, Saoedie-Arabië en Qatar anderzijds ongestoord liet doorgaan, was voor Mak een te verwaarlozen detail, net zoals dit voor zijn bevriende collega Frank Westerman een irrelevant detail was en daardoor verzwegen werd in zijn boek over ‘het terrorisme,’ waartegen ‘we,’ volgens Westerman, zo ‘weerloos’ zijn. De reden waarom mevrouw Clinton geen politieke stappen ondernam tegen de steun van de drie Amerikaanse bondgenoten aan ISIS is vrij simpel: de VS is met eenderde van alle wapenverkopen wereldwijd de belangrijkste wapenexporteur, en alleen al Saoedie-Arabië is de op één na grootste wapenimporteur ter wereld, en besteedt in 2016 tenminste 13,7 procent van zijn Bruto Binnenlands Product aan het militaire apparaat, procentueel meer dan zes keer dat van China. In 2015 spendeerde het Wahabitisch Saoedisch regime meer dan 16,3 miljard meer aan bewapening dan Rusland, en 33,9 miljard meer dan India. Ter vergelijking: China telt  bijna 1,4 miljard inwoners, Saoedi-Arabië 27 miljoen, India ongeveer 1,3 miljard. Het is gezien haar neoliberale ideologie en de grote sommen geld die de Clinton Foundation van grote concerns en bellicose staten ontvangt geenszins verwonderlijk dat mevrouw Clinton de lucratieve handel van de Amerikaanse wapenfabrikanten niet in gevaar wilde brengen. Al deze informatie is binnen een seconde via internet te verkrijgen. Dat Amerikaanse bondgenoten het terrorisme steunen, is allang geen nieuws meer. Zo berichtte Patrick Cockburn in de London Review of Books van  6 november 2014:

When the bombing of Syria began in September, Obama announced with pride that Saudi Arabia, Jordan, the United Arab Emirates, Qatar, Bahrain and Turkey were all joining the US as military partners against Isis. But, as the Americans knew, these were all Sunni states which had played a central role in fostering (aanmoedigen. svh) the jihadis in Syria and Iraq. This was a political problem for the US, as Joe Biden revealed to the embarrassment of the administration in a talk at Harvard on 2 October. He said that Turkey, Saudi Arabia and the UAE had promoted ‘a proxy Sunni-Shia war’ in Syria and ‘poured hundreds of millions of dollars and tens of thousands of tons of weapons into anyone who would fight against Assad -- except that the people who were being supplied were al-Nusra and al-Qaida and the extremist element of jihadis coming from other parts of the world.’ He admitted that the moderate Syrian rebels, supposedly central to US policy in Syria, were a negligible military force. Biden later apologized for his words, but what he had said was demonstrably true and reflects what the administration in Washington really believes. Though they expressed outrage at Biden's frankness, America's Sunni allies swiftly confirmed the limits of their co-operation. Prince al-Waleed bin Talal al-Saud, a business magnate and member of the Saudi royal family, said: ‘Saudi Arabia will not be involved directly in fighting Isis in Iraq or Syria, because this does not really affect our country explicitly.' In Turkey, Erdogan said that so far as he was concerned the PKK was just as bad as Isis.

En al op 12 mei 2013 schreef de goed geïnformeerde Canadese hoogleraar Michel Chossudovsky onder de kop ‘America is Losing its Covert Syria War: US Sponsored Al Nusra Rebels Defeated by Syrian Armed Forces’ dat: 

Ironically, while the Al Nusra terrorists are directly supported and financed by the Pentagon, they are on the State Department’s list of terrorist organizations.

Secretary of State John Kerry’s recent initiatives have largely been instrumental in increasing the flow of money and military support to the terrorists under the disguise of ‘humanitarian aid.’

Dat de VS de al-Nusra terroristen steunt en beschermt werd nog eens op 21 september 2016 bevestigd in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties door John Kerry zelf. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken verklaarde over de tot dan toe geheim gehouden inhoud van de overeenkomst met Rusland betreffende het Syrische bestand:

It was also very importantly part of the plan that when those efforts of cooperation commenced Syrian warplanes would be prohibited from flying over areas where the legitimate opposition, al-Nusra, were present, in order to give us the opportunity to work at the separation. 

Geert Mak zwijgt over de steun aan al-Nusra, die een aanvang nam onder Kelly’s voorganger, Hillary Clinton. Ook Frank Westerman zwijgt in zijn boek over ‘het terrorisme’ over de Amerikaanse steun aan terroristische groeperingen, zodra die de geopolitieke belangen van de VS veilig lijken te stellen. En natuurlijk zweeg ook mevrouw Clinton hierover toen zij minister van Buitenlandse Zaken was. Eén van de gevolgen is dat al-Nusra,  Amerika’s bondgenoot in de poging om het Assad-regime in Syrië ten val te brengen nu, midden oktober 2016, Aleppo nog steeds bezet houdt.   

The Obama administration has long portrayed the opposition groups it has been arming with anti-tank weapons as independent of Nusra Front.  In reality, the administration has been relying on the close cooperation of these ‘moderate’ groups with Nusra Front  to put pressure on the Syrian government. The United States and its allies — especially Saudi Arabia and Turkey —- want the civil war to end with the dissolution of the government of Syrian President Bashar al-Assad, who is backed by US rivals like Russia and Iran.

Reflecting the fact that Nusra Front was created by Al Qaeda and has confirmed its loyalty to it, the administration designated Nusra as a terrorist organization in 2013.  But the US has carried out very few airstrikes against it since then, in contrast to the other offspring of Al Qaeda, the Islamic State or ISIS (Daesh), which has been the subject of intense air attacks from the US and its European allies. The US has remained silent about Nusra Front’s leading role in the military effort against Assad, concealing the fact that Nusra’s success in northwest Syria has been a key element in Secretary of State John Kerry’s diplomatic strategy for Syria.

undercoverinfo.org  reports, 

‘In a recent article in the Guardian, Professor David Graeber of the London School of Economics stated how "Back in August, the YPG, fresh from their victories in Kobani and Gire Spi, were poised to seize Jarablus, the last Isis-held town on the Turkish border that the terror organisation had been using to resupply its capital in Raqqa with weapons, materials, and recruits -- Isis supply lines pass directly through Turkey." Graeber added: "Commentators predicted that with Jarablus gone, Raqqa would soon follow. Erdogan reacted by declaring Jarablus a "red line": if the Kurds attacked, his forces would intervene militarily -- against the YPG. So Jarablus remains in terrorist hands to this day, under de facto Turkish military protection.’



Maar ook deze informatie verzweeg mijn oude vriend Mak, zonder dat Twan Huijs zich genoodzaakt voelde een vraag hierover te stellen. Dat Turkije als NATO-lid de terroristen van ISIS steunt, en de VS als aanvoerder van de NAVO de terroristen van al-Nusra steunt en Washington geassisteerd door  Brussel op een gewapend conflict met de Russische Federatie aanstuurt, zijn voor de polderpers dermate irrelevante zaken dat hieraan geen aandacht wordt besteed. Het gevolg van de 'conspiracy of silence' is dat ook in Nederland de mainstream-journalistiek door de meerderheid wordt beschouwd als onbetrouwbaar, zo blijkt uit opinie-onderzoeken. Maar zelfs dit feit is voor de mainstream-pers van ondergeschikt belang, zolang de adverteerders zich niet terugtrekken. De corruptie van de commerciële media wordt evenwel steeds problematischer aangezien de mensheid vandaag de dag steeds afhankelijker is van serieuze informatie om te kunnen overleven. In de Volkskrant van woensdag 19 oktober 2016 zette Jan Bransen, hoogleraar filosofie van de gedragswetenschappen, uiteen wat het grote gevaar is. Op enigszins grove wijze, maar anders wordt men in Nederland niet gehoord, schreef hij: ‘wie er zomaar een eind op los lult, die geeft echt niet meer om de waarheid,’ oftewel:

Je negeert haar zo volstrekt dat er iets anders gebeurt, iets dat veel belangrijker is dan de waarheid. Want als je lult, maak je een écht gesprek onmogelijk. Je maakt het onmogelijk jezelf en elkaar serieus te nemen.

Dáár gaat het om, dat we élkaar serieus nemen. Daar hoort de waarheid bij. Maar dat is slechts het begin. Een klein en doorgaans onbeduidend begin, omdat eigenlijk alles dat er écht toe doet pas aan de orde kan komen als we het niet meer over de feiten hoeven te hebben.

En dit kan pas op het moment dat bijvoorbeeld een opiniemaker als Geert Mak allereerst de feiten kent, en bovendien beseft in welke context die feiten betekenis hebben. Geen van beide weet hij, zoals ik herhaaldelijk op deze website heb aangetoond. Geert Mak en de Makkianen maken inderdaad ‘een écht gesprek onmogelijk.’ Door een wezenlijk gebrek aan zelfrespect en aan waardigheid slaagt hij er niet in zichzelf en zijn publiek ‘serieus’ te nemen, en is hij, gelijk zijn vader, dominee Mak, een levensgevaarlijk warhoofd, die zich laat gebruiken. In plaats van onmiddellijk op te draven, zodra Hilversum weer eens een beroep op zijn niet bestaande deskundigheid doet, zou hij er beter aan doen zich te verdiepen in het onderwerp waarover hij in no-time een mening heeft. Hij zou bijvoorbeeld het boek Queen of Chaos. The Misadventures of Hillary Clinton (2016) kunnen lezen van de Amerikaanse onderzoeksjournalist Diana Johnstone, een uitgebreid gedocumenteerd werk waarover de voormalige Amerikaanse presidentskandidaat Ralph Nader schreef: 

Veteran journalist Diana Johnstone captures the imperial worldview of Hillary Clinton in memorable detail. Hillary the Hawk, as U.S. Senator and Secretary of State, never saw a weapons system she did not support nor a U.S. war practice she did not endorse. This included her hyper-aggressive launch of the war on I.ibya (against the opposition of Secretary of Defense Robert Gates) and the resulting sprawling chaos, violence and weapons dispersal spilling beyond Libya’s war-torn society to larger regions of central Africa. Johnstone documents Hillary Clinton as ‘the top salesperson for the ruling oligarchy’ and ‘the favorite candidate of the War Part.’ That is what is at stake in November 2016.

Maar weet Mak veel, hij leest hooguit de mainstream-pers, en alles dat buiten het geijkte propaganda-model valt is voor hem taboe, omdat dissidente informatie ongunstig is voor zijn toko. Net als zijn vader in de jaren dertig zich drukker maakte over het herstel van de ‘zondagsrust,’ maakt zijn zoon Geert zich momenteel drukker over het herstel van de Amerikaanse ‘orde,’ waarvoor hij volgens eigen zeggen, altijd al een ‘geheime liefde’ koesterde. Zijn argumenten strekken niet verder dan die van het eigenbelang. In De eeuw van mijn vader (1999) schreef Mak junior over het interbellum: 

Mijn vader was in deze woelige periode op één front actief: hij pleitte ijverig voor de invoering van de zondagsrust op de plantages. Op de Indische ondernemingen kregen de employés en koelies maar twee vrije dagen per maand en alle kerken liepen daartegen te hoop…

Als ik de radiolezing van mijn vader over dit onderwerp doorneem — ik vond haar terug in een doos met oude preken — is het duidelijk dat hij en zijn collega’s zich vooral druk maakten om de zondagsrust van het Europese personeel. Dat zag door deze regeling namelijk steeds minder de kerk van binnen, en steeds vaker de sociëteit.

En waarom was Mak senior blind voor de werkelijkheid, waarin hij als onmisbaar schakeltje fungeerde van de propagandamachine in dienst van de heersende ‘orde,’ die hij uiteindelijk zelfs militair verdedigde? Zijn zoon Geert zwijgt er over. Wel merkte hij op:

Veel later, toen hij zijn herinneringen opschreef, sprak mijn vader van een ‘schuldige tijdgebondenheid.’ Achteraf schaamde hij zich diep over deze periode. Ik maakte me, schreef hij, enkel druk over de handhaving van het sabbatsgebod. De andere negen geboden  — ‘Gij zult niet stelen. Gij zult niet begeren. Gij zult uw naaste liefhebben als uzelve’ — leken niet te bestaan ten aanzien van de Indiërs ‘Hebben wij — de kerkeraad en onze gemeenteleden — ons solidair verklaard met hen, die vochten voor vrijmaking van onze koloniale overheersing? Ik moet eerlijk bekennen: nee, geen sprake van.’ Bij excessen ergerde men zich, zeker, ‘maar voor de rest hadden we met de maatschappelijke structuur geen moeite.’ 

‘Was er bij ons enige pijnlijke gedachte of ongerustheid, dat wij ondanks de zegeningen van ons bewind, in feite hun overheersers waren en vaak hun uitbuiters? In het minst niet!’ Vlak na de oorlog vonden bijna alle Nederlanders het nog vanzelfsprekend dat de oude posities zonder slag of stoot weer zouden worden ingenomen. ‘Zelf was ik ook zo naïef.’ Pas daarna zou hij wakker worden. 

De overeenkomsten tussen Mak senior en junior zijn verbijsterend. De geschiedenis herhaalt zich. Maar daarover de volgende keer.

Dan ook meer over Diana Johnstone's stelling dat:

The   U.S.   Presidential   election   is   essentially  a   popular entertainment event. Billionaire sponsors send two carefully-vetted contenders into the arena, sure to win either way. The intellectual level of Republican-Democrat confrontation increasingly recalls that of the parties that divided the early Byzantine Empire, based on blue and green chariot racing teams. In the 2016 presidential election, the Good Cop party and the Bad Cop party will disagree about domestic policy issues before everything gets stalled in Congress. But the most significant issue of all is the choice of war. 

Since the War Party dominates both branches of the Two-Party-System, the recent track record suggests that the Republicans will nominate a candidate bad enough to make Hillary look good. 







Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen