Zoeken in deze blog 🔎🔎

donderdag 26 februari 2009

De Israelische Oorlogsmisdaden 70

'Volume 57, February 2009
http://www.adalah.org/

International Criminal Law

Adalah Attorney Fatmeh El-'Ajou writes a legal position paper on the question of whether Israeli military attacks on the civilian police force and government buildings and institutions of Hamas in Gaza constitute war crimes under international criminal law
Dr. Hala Khoury-Bisharat, an international law expert and a member of Adalah’s Board of Directors, speaks about the groundbreaking January 2009 decision by the Spanish National Court to probe Israel’s killing of Salah Shehadeh and 14 Palestinian civilians in Gaza in 2002
Roundtable discussion at Adalah on enforcing international law – The Case of Israel
The Siege on Gaza
Adalah to Attorney General: Seizure of Lebanese ship bound for Gaza by Israel violates international law which prohibits prevention of delivery of humanitarian aid to civilians
Employment Rights
Following Adalah’s petition, municipal regulations preventing Arab business owners in Akka from opening their shops on Saturdays is cancelled
Economic Rights
Adalah and the Regional Council for the Unrecognized Villages in the Naqab: Ministry of Agriculture lacks authority to condition the granting of land for grazing cattle to Arab Bedouin farmers on provision of tax statements
Freedom of Expression
National Labor Court upholds suspension of Arab employee for participating in a demonstration against the siege on Gaza
Prisoners’ Rights
Adalah to Justice Minister: Holding court hearings on prisoners’ cases inside prisons violates their rights
Health Rights
Adalah to Health Minister: Excluding MRI scans for breast cancer from basket of health services violates National Insurance Law and has very harmful effect on Arab women
New Publication
Adalah’s Annual Report 2008
Adalah’s Newsletter is a monthly publication issued in Arabic, Hebrew and English. It highlights Adalah’s main activities, provides analysis of human rights issues, and links to new reports. Suggestions, articles and commentaries from our readers are welcome. View previous volumes
Arabic
Hebrew
Subscribe a Friend
Upcoming Court Hearings
Tuesday, 03.03.09 and Wednesday, 11.03.0912:00 p.m. (1769/08, Beer el-Sabe Mag. Ct.)Seeking cancellation of home demolition orders issued against Bedouin families living in Al-Sura, an unrecognized village in the Naqab Thursday, 05.03.0915:30 p.m. (1998/08, Tel Aviv Dist. Ct.)Demanding that the Arab town of Jisr al-Zarqa be connected via roadway to the Tel Aviv-Haifa coastal highwayMonday, 09.03.098:30 a.m. (H.C. 10532/04,Sup. Ct.)Demanding recognition for Muslim holy sites in Israel in name of religious leadersTuesday, 10.03.0910:30 a.m. (Hearing before the Northern District Planning and Building Committee)Appeal against Kamoun and planning authorities for refusing to issue a building permit to Arab family living on their privately-owned land in caravanSunday, 15.03.0910:00 a.m. (H.C. 466/07, Sup. Ct.)Challenging a racist law prohibiting family unification of Palestinian citizens of Israel and Palestinians from the OPT and other "enemy states"Tuesday, 17.03.098:30 a.m. (1152/09, Tel Aviv Mag. Ct.)Representing protestors arrested in Tel Aviv during demonstrations against the Israeli military attacks on Gaza Tuesday, 24.03.099:00 a.m. (H.C. 2028/08, Sup. Ct.)Demanding the annulment of a law, which blatantly violates the basic rights of detainees suspected of committing security offenses
Interview
Rights Protections for Native Peoples: Interview with Rene Antezana from "Poder Local" on Bolivia’s new constitution
Blog
Guantanamo blog by Attorney Jamil Dakwar of the American Civil Liberties Union
New Report
The Arab Association for Human Rights: "Health Discrimination"
Main office:
94 Yaffa Street, PO Box 8921, Haifa 31090
Tel:
(972)-4-950-1610
Fax:
(972)-4-950-3140
Naqab office:
28 Reger Ave # 35 Beer el Sabe, Israel
Tel:
(972)-8-665-0740
Fax:
(972)-8-665-0853
adalah@adalah.org
http://www.adalah.org/
© All Rights Reserved to Adalah'

H.J.A. Hofland 6

Beste Henk,

Paul Mazer, een vooraanstaande bankier van de inmiddels failliete Lehman Brothers, omschreef het in de jaren dertig van de vorige eeuw als volgt: 'We must shift America from a 'needs' to a 'desires' culture, people must be trained to desire, to want new things even before the old has been completely consumed . We must shape a new mentality in America, man's desires must overshadow his needs.'

'Deze krant en nrc.next die nu verkocht dreigen te worden, vormen op zichzelf een economisch gezond bedrijf met trotse redactie en een kritische, trouwe lezerskring. Mij dunkt dat deze basis stevig genoeg is om een poging tot verzelfstandiging te wagen.'

Een 'trotse redactie en een kritische... lezerskring' zijn begrippen die niet meer passen in een postmoderne massamaatschappij waarin consumptie de plaats heeft ingenomen van alle andere waarden. En hoe 'trots' is een redactie die de recent door Amnesty International gedocumenteerde Israelische oorlogsmisdaden eind vorig jaar nog rechtvaardigde met de volgende foutieve maar niet gerectificeerde bewering: 'Hamas bood Israel het, in deze vicieuze cirkel logische, motief of navenant te reageren'. Op dat moment wist de NRC-redactie al dat de Israelische troepen 'buitensporig geweld' gebruikten waarbij al enkele honderden Palestijnse burgers gedood waren. En hoewel de NRC dit weet verzwijgt de redactie deze informatie nog steeds. Dat alles om de simpele reden dat de NRC anders Hamas niet meer de schuld kan geven van de Israelische oorlogsmisdaden, waarover overigens de ‘slijpsteen voor de geest’ nog steeds geen deskundig en gedocumenteerd artikel heeft geschreven omdat die informatie ‘weinig nieuwe gezichtspunten bevat... Met vriendelijke groet, Anna Visser, redacteur Opinie NRC/H.', aldus de redactie in een reactie aan Nederlandse deskundigen op het gebied van het internationaal recht.
Henk, deze houding getuigt niet van journalistieke 'trots' maar van laf opportunisme, dat er kennelijk als zoete koek inging bij de 'kritische... lezerskring' van de 'slijpsteen voor de geest' die zegt de 'nuance' te zoeken. Ook 'verzelfstandigt' zal de NRC-redactie genoodzaakt zijn de wetten van de markt te gehoorzamen. Die markt wordt bepaald door 'desires' niet door 'needs'.

H.J.A. Hofland 5

Beste Henk,
Al wandelend tussen het winkelend publiek in onze stad Amsterdam dacht ik na over de volgende woorden die je schreef: 'meer dan ooit zijn de serieuze kranten de organen van – het hoge woord moet ermaar uit – een elite.' Hier zit een paradox in verscholen, want je hebt het over dezelfde 'elite' die ons naar het punt heeft geleid waar we nu zijn aanbeland, te weten de uitverkoop van bedrukt papier, de kranten. Het is dus dezelfde opiniemakende 'elite' op economisch, politiek en cultureel gebied die onze samenleving richting en inhoud heeft gegeven en die een ideologie heeft verspreid waarbij nu uiteindelijk jouw krant net als wc-papier wordt verhandeld. Kennelijk hebben de de 'serieuze kranten' nooit een echt alternatief geboden. Dissidente stemmen zijn niet serieus aan het woord gelaten, met als gevolg dat de keerzijde van het neoliberalisme niet duidelijk zichtbaar werd.
Kortom Henk, de vraag is niet 'wat voor soort publieke opinie willen we', zoals jij stelt, maar wat voor soort informatie willen we zodat we 'een goed geinformeerde burgerij' krijgen. Het blijkt nu dat de NRC, de Volkskrant en Trouw tenminste de afgelopen kwarteeuw hun taak niet naar behoren hebben vervuld. Deze kranten hebben zich vooral gericht op zo hoog mogelijke oplagen en dus winstcijfers voor hun werkgevers. De al eerder genoemde Kundera schreef over deze tendens: 'Op grond van de dwingende noodzaak te behagen en zo de aandacht van het grootst mogelijke publiek te trekken, is de esthetiek van de massamedia onvermijdelijk die van de kitsch en naarmate de massamedia ons gehele leven meer omsluiten en infiltreren, wordt de kitsch onze dagelijkse esthetiek en moraal.'
Jijzelf constateert terecht: 'De afgelopenhalve eeuw zijn de media in het algemeen steeds luchtiger geworden, hebben zich meer toegelegd op entertainment, fun, emotie, en ook de waan van de dag. Dat is een aspect van hun strijd om hun bestaan.' Maar je suggereert ten onrechte dat de NRC buiten deze ontwikkeling staat.
Henk, jij bent een van de mensen die mijn generatie heeft geleerd kritisch te kijken. Mijn vraag aan jou is waarom je nu een verkeerde voorstelling van zaken geeft? Waarom schrijf je dit: 'Objectieve nieuwsvoorziening en gefundeerde opinievorming zijn een openbaar belang, een publieke voorziening zoals die van gas, wateren licht'? Objectieve nieuwsvoorziening heeft nooit bestaan, dat kan ook niet, daar is de menselijke geest niet toe in staat. Alles is per definitie gekleurd. En wat een 'gefundeerde opinievorming' betreft, die is onmogelijk zolang de dissidente visie wordt verzwegen, de keerzijde van de officiele versie van de werkelijkheid. Daardoor hebben wij nu een 'elite' die alleen maar zijn eigen belangen op korte termijn ziet, met alle negatieve gevolgen van dien. Ook de virutele werkelijkheid is net als alle andere werkelijkheden begrensd.
In 1988 schreef de journalist Ryszard Kapuscinski: 'Sinds de ontdekking dat informatie een product is die torenhoge winsten oplevert, is deze niet meer aan de traditionele criteria van waarheid en leugen onderworpen, maar is ze geleidelijkaan aan volkomen andere wetten ondergeschikt gemaakt, namelijk die van de markt, met hun streven naar steeds hogere inkomsten en naar een monopolie.' Het gevolg is dat de inhoud en de functie van informatie fundamenteel is veranderd, en daarmee ook de waarheid. Kapuscinski: 'Vroeger had de correspondent van een krant, een persagentschap of de radio eeen hoge mate van zelfstandigheid en het recht op eigen initiatief -- hij zocht informatie, probeerde iets te ontdekken, iets te scheppen. Tegenwoordig is hij een pion die als een schaakstuk wordt verplaatst door zijn baas in de centrale (die zich aan het andere eind van de aardbol kan bevinden). Deze baas beschikt over informatie omtrent de gegeven gebeurtenis uit velerlei bronnen tegelijk, hij kan een heel ander beeld van de gebeurtenissen hebben dan de reporter ter plaatse. Zonder te wachten op de resultaten van het werk van zijn reporter informeert de centrale hem wat men van die gebeurtenis weet, en verwacht van hem louter en alleen een bevestiging dat de situatie er inderdaad zo voor staat als de centrale zich voorstelt.'
Mede door de opiniemakende 'elite' leven we nu in een fictieve werkelijkheid, met een verzonnen waarheid, die elk moment weer kan veranderen, domweg omdat voor de neoliberale ideologie maar 1 'waarheid' echt bestaat, het maken van winst. Jij denkt nog dat je voor een krant schrijft, in werkelijkheid schrijf je voor bedrukt papier dat een zo hoog mogelijke winst moet opleveren.

H.J.A. Hofland 4

Nogmaals Henk, de filosoof David Hume: 'we shall find, that as Force is always on the side of the governed, the governors have nothing to support them but opinion. It is therefore, on opinion only that government is founded; and this maxim extends to the most despotic and most military governments, as well as to the most free and most popular.'

Jij beseft dat beter dan welke journalist in Nederland dan ook, want ook jij hebt ernstige bedenkingen tegen de democratie. Je schrijft over de elite tot wie jij en ook ik behoor:

'Maar wat voor soort publieke opinie willen we dan hebben? Het klinkt langzamerhand wat ouderwets, maar een democratie kan alleen behoorlijk functioneren bij de gratie van een goed geïnformeerde burgerij. Die laat zich vande toestand en de vooruitzichten in stad, land en wereld op de hoogte stellen door de experts van de drukpers en de televisie. De afgelopen halve eeuw zijn de media in het algemeen steeds luchtiger geworden, hebben zich meer toegelegd op entertainment, fun, emotie, en ook de waan van de dag. Dat is een aspect van hun strijdom hun bestaan. En meer dan ooit zijn de serieuze kranten de organen van – het hoge woord moet ermaar uit – een elite. Dat is een relatief kleine groep mensen die er prijs op stelt van dag tot dag zo nauwkeurig mogelijk op hoogtete worden gesteld door objectieve redacties die hun vak verstaan.'

Ik concludeer hieruit dat jij ondanks je bedenkingen de NRC toch als een 'kwaliteitskrant' ziet. Ik ben het met deze kwalificatie niet eens. Ook de NRC dient belangen die regelmatig geen puur journalistieke belangen zijn, zoals je op deze weblog kunt lezen. Je stelt jezelf de vraag 'wat voor soort publieke opinie willen we dan hebben?' Als ik 'we' was zou ik allereerst dit willen stellen: niet zozeer opinies zijn belangrijk, want opinies zijn net als een neusverkoudheid, uitermate besmettelijk, zo wist Karl Kraus al. Henk, veel belangrijker is welke informatie verspreiden we, en vooral welke informatie wordt bewust of onbewust verzwegen omdat het buiten de consensus valt? Daar komt nog iets anders bij: als er iemand in Nederland is die mij erop gewezen heeft dat ons land geen 'volwassen democratie' is dan ben jij het wel, zoals je al 30 jaar geleden tijdens de Lockheed-affaire permanent terecht benadrukte. Met andere woorden: 'Orde bestaat niet', Henk, het zijn jouw woorden. Waar ben je nu ineens bang voor? De Opstand der Horden? Die is allang begonnen. De massamaatschappij heet niet voor niets een massamaatschappij. En die maatschappij wordt gedreven door maar 1 ideologie: consumeren en produceren tot de mensheid erbij neervalt. Of de natuur zoals we die nu kennen. Dat proces is niet net begonnen met de dreigende verkoop van drie kranten. Ik denk dat je een ernstige denkfout maakt wanneer je schrijft dat 'door de crisis ook de economische basis van de gedrukte pers ernstig wordt aangetast'. De vercommercialisering van de wereld heeft in pricipe niets met de crisis te maken, het versnelt die ontwikkeling hooguit, maar de vercommercialisering zelf is al eeuwenoud en is allereerst een westers cultureel fenomeen dat onvermijdelijk heeft geleid tot de situatie waarin we nu verkeren.

H.J.A. Hofland 3

Een ander wezenlijk gegeven dat Hofland in zijn lofrede op de commerciele pers buiten beschouwing laat is het volgende dat Noam Chomsky schreef over de grote verlichtingsfilosoof David Hume: 'in considering his First Principles of Government, he expressed his puzzlement over ''the easiness with which the many are governed by the few" and "the implicit submission with which the men resign their own sentiments and passions to those of their rulers". "When we enquire by what means this wonder is brought about", Hume concluded, "we shall find, that as Force is always on the side of the governed, the governors have nothing to support them but opinion. It is therefore, on opinion only that government is founded; and this maxim extends to the most despotic and most military governments, as well as to the most free and most popular.'''

Opinies dus. En die meningen worden verspreid door de priesters van de moderniteit, de journalisten die, net als de geestelijkheid vroeger, bepalen wat waar is en wat niet, wie de macht behoort te hebben en wie niet, wie een barbaar is en wie niet, wie de vijand is en wie niet, waar de hele mensheid in moet geloven en waar niet in.

Hofland schrijft: 'Op het eerste gezicht heeft de zwaar bedreigde partij van de oude gedrukte kranten niet veel meer in te brengen; zou er dus het verstandigst aan doen haar mond te houden en er het beste van te hopen. Dit is de wijsheid van de dag.' Ik had de doorgaans opportunistische houding van de meesten van mijn Neederlandse collega's niet beter kunnen verwoordden. Hofland beschrijft precies wat de 'wijsheid van de dag' is voor werknemers die voor hun inkomen volledig afhankelijk zijn van degenen die bepalen wat zij in de tijd van hun werkgever dienen te doen. Niks 'de redacties zijn onafhankelijk, in alle opzichten.' Niks 'ze bestaan uit journalisten die hun baan te danken hebben aan hun ervaring, vakmanschap, schrijftalent, kennis van zaken. Ze doen onbevooroordeeld verslag van de actualiteit.' Dit is een volstrekt clichematige voorstelling van zaken. Veel dichter bij de waarheid is Hofland als hij schrijft dat zwijgen 'het verstandigst' is voor degenen met een poldergeest die hij zelf zo genadeloos helder heeft beschreven in zijn roman Het diepste punt van Nederland : 'Het antwoord op de oorlog was dat ze hem normaliseerden. De geschiedenis zette een nieuw decor [...] op; binnen een half jaar was er een nieuwe stad ontstaan waarin het dagelijkse leven werd geleefd met een vanzelfsprekendheid waaraan niet viel te merken dat een half jaar tevoren de oude binnen een middag was verdwenen, en niemand had nog goed begrepen dat het met het land en de wereld waarvan die stad deel uitmaakte dezelfde kant opging.'

Hofland schrijft in zijn column vervolgens dit: 'Door de crisis wordt ook de economische basis van de gedrukte pers ernstig aangetast. Met de gratis kranten en internet heeft het publiek al genoeg nieuwsbronnen, het kan de overvloed niet meer aan. En als je op een digitale krant iets leest wat je niet bevalt, kun je dat onmiddellijk laten weten. Van die faciliteit wordt dankbaar gebruik gemaakt. De internetkrant Nu.nl, een serieus nieuws medium, stelt de lezers instaat te reageren in de rubriek Nujij. Je weet vaak niet wat je leest. Hier heeft de zwijgende meerderheid duidelijk een stem gekregen. Nooit in de geschiedenis hebben zoveel zwijgende mensen een zo oorverdovend kabaal gemaakt.'

Kom op Henk, je hebt zelf de oorlog meegemaakt, het nazidom, het fascisme waarin het 'oorverdovend kabaal' van de rancunepartij de boventoon voerde. Natuurlijk is er veel kabaal op internet. Net zoveel als in de commerciele pers. Er wordt procentueel net zoveel onzin in de NRC beweert als op internet. Dat is de mens nu eenmaal eigen. Lees mijn gedocumenteerde kritieken op de NRC eens. Het goede nu juist van internet is dat, zoals ook jijzelf constateert, nonsens ogenblikkelijk bekritiseerd kan worden, in tegenstelling tot je eigen krant, die nooit, maar dan ook nooit gereageerd heeft op mijn verzoeken om op mijn kritiek te reageren. Bovendien kan de NRC nooit zo'n breed aanbod van bronnen geven als internet. De commerciele massamedia, Henk, hebben het monopolie op de berichtgeving verloren en daarmee de greep op de 'waarheid'. Die 'waarheid' wordt niet meer exclusief door journalisten gefilterd. De pers kan niet langer bepalen wat de 'waarheid' is, net zomin als het Vaticaan dat nog kon toen de boekdrukkunst was uitgevonden en de gelovigen zelf de bijbel konden lezen. De consequentie is dat de wereld van de krant aan het verdwijnen is, zoals je zelf nu merkt. Maar ja, alles verdwijnt ooit eens, behalve dan de domheid zolang de mensheid blijft bestaan.

H.J.A. Hofland 2


Degene die inlogt op de NRC ziet als eerste deze advertentie:

'Ervaar de Citroën C5 met Snow Motion
De CITROËN C5* is uitgerust met Snow Motion, een absolute wereldprimeur op het gebied van verkeersveiligheid. Dankzij de Snow Motion heeft de CITROËN C5 uitstekend grip op de weg bij het wegrijden en accelereren onder alle omstandigheden, zelfs op een nat, besneeuwd of beijzeld wegdek.
De techniek achter Snow Motion

Snow Motion maakt gebruik van ASR (Anti-Slipregeling) en voegt daar een extra dimensie aan toe. Een computer analyseert de conditie van de weg (zoals de helling en de gladheid van het wegdek) en berekent op basis daarvan uitermate nauwkeurig de benodigde grip. De aandrijving wordt vervolgens zeer precies over het linker- en rechtervoorwiel verdeeld.
De CITROËN C5 met Snow Motion levert op sneeuw en ijs een weggedrag dat het gedrag van een four-wheel drive benadert.
Maak kans op een weekend in de sneeuw met de CITROËN C5

De CITROËN C5 met Snow Motion kunt u het beste zelf ervaren. Nu is een proefrit in de CITROËN C5 altijd al genieten, maar tijdelijk ook extra aantrekkelijk. Iedere 50e proefritaanvraag wordt namelijk beloond met een weekend in de sneeuw met de CITROËN C5 met Snow Motion. Maak daarom direct een afspraak voor een proefrit!
* Snow Motion is standaard op alle CITROËN C5 uitvoeringen, behalve de 2.0i automaat.
Bekijk de actievoorwaarden'

Waarom 'opent' de zich als 'kwaliteitskrant' afficherende NRC met een advertentie? Het antwoord is eenvoudigweg deze: de krant wordt voor het grootste deel gefinancierd door advertenties, de commerciele massamedia zijn niet voor niets commercieel. Zonder die commercie zou de krant niet kunnen bestaan. Vandaar dat ook de slijpsteen voor de geest zich nooit tegen het kapitalisme verzet. Integendeel zelfs! De context van waaruit de NRC bericht is neoliberaal. De redactie ziet het kapitalisme als de absolute voorwaarde voor wat de krant bejubelt als Lux et Libertas, licht en vrijheid. De versie van de werkelijkheid die de NRC-journalisten geven is de officiele door het kapitalisme gesanctioneerde versie. Fundamentele kritiek op deze ideologie zal nooit de context zijn van waaruit de NRC-journalisten berichten. Ze kijken wel uit, ze weten binnen welke grenzen ze moeten blijven. Ik heb daar op deze weblog talloze voorbeelden van gegeven, zowel wat betreft de Midden-Oosten verslaggeving als de financiele berichtgeving.

Henk Hofland schrijft nu dit over Trouw, Volkskrant en NRC Handelsdblad:

'De redacties zijn onafhankelijk, in alle opzichten. Ze bestaan uit journalisten die hun baan te danken hebben aan hun ervaring, vakmanschap,schrijftalent, kennis van zaken. Ze doen onbevooroordeeld verslag van de actualiteit, ze voegen er hun analyse en opinie aan toe, ongeacht wat de directie,de aandeelhouders, de regering,de politiek, de zwijgende meerderheid daarvan mogen vinden.'

De stelligheid van deze bewering is gebaseerd op een mythe, namelijk dat journalisten van de commerciele massamedia 'onafhankelijk' zijn en ook nog eens 'in alle opzichten'. Als dit waar zou zijn dan had een groot schrijver als Milan Kundera nooit het volgende kunnen constateren: 'het is niet zo belangrijk dat in de verschillende organen van de media de verschillende politieke belangen tot uiting komen. Achter het uiterlijke verschil heerst een en dezelfde geest. Je hoeft de Amerikaanse en Europese opiniebladen maar door te kijken, van rechts zowel als links, van Time tot Der Spiegel: in al die bladen tref je dezelfde kijk op het leven aan, die zich in dezelfde volgorde waarin hun inhoudsopgave is opgebouwd weerspiegelt, in dezelfde rubrieken, dezelfde journalistieke aanpak, dezelfde woordkeus en stijl, in dezelfde artistieke voorkeuren en in dezelfde hierarchie van wat ze belangrijk en onbeduidend achten. De gemeenschappelijke geestesgesteldheid van de massamedia, die schuilgaat achter hun politieke verscheidenheid is de geest van de tijd.’

Met andere woorden: in tegenstelling tot wat Hofland beweert is de commerciele westerse pers geenszins 'onafhankelijk, in alle opzichten.' Journalisten weten maar al te goed binnen welke consensus ze moeten berichtgeven en wat de consequenties zijn zodra men de grenzen van de officiele versie van de werkelijkheid stelselmatig schendt.

Ik begrijp wel waarom Henk Hofland de commerciele pers in zijn column zo bejubelt. De reden is dat hij een tegenstelling wil scheppen. Aan de ene kant de volledig vrij pers en aan de andere een stelletje kapitalistische cynici voor wie alles een prijs heeft en niets een waarde, lui die geen verschil zien in wc-papier en krantenpapier. Alleen de winst geldt.

Hofland: 'Door commercieel wanbeheer gedwongen, staat PCM nu op hetpunt deze drie kranten te verkopen. Aan wie? Dat is niet duidelijk... Wat zouden de toekomstige eigenaren met hun verworvenheden gaan doen? Dat weten zij misschien, maar verder niemand. Dit betekent dat het onafhankelijk instituutvan deze dagbladen aan het particuliere, ongecontroleerde inzichtvan de nieuwe eigenaar is overgeleverd.'

Maar dit is een valse voorstelling van zaken, want de redactie is uiteindelijk altijd 'overgeleverd' geweest aan de 'eigenaar'. Dat is nu eenmaal onlosmakelijk verbonden aan het eigendomsrecht in het kapitalisme. De eigenaar heeft daarin altijd de absolute macht. Dat is niet iets nieuws zoals Hofland suggereert. Het enige nieuwe is dat het door de NRC gepropageerde neoliberale systeem nu ook het eigen redactielokaal binnendringt. Ook de NRC is een speculatie-object geworden, net als alle andere eigendommen in het neoliberalisme. Niets nieuws onder de zon. Henk Hofland is kennelijk vergeten wat onze grote voorouders al lang hadden geconstateerd. Zo schreef in 1933, het jaar dat Hitler democratisch aan de macht kwam, de gezaghebbende Amerikaanse hoogleraar Harold Lasswell in de Encyclopedia of the Social Sciences dat aangezien de 'masses are still captive to ignorance and superstition' de komst van de democratie 'compelled the development of a whole new technique of control, largely through propaganda.' Want, zo stelt Lasswell, propaganda is 'the one means of mass mobilisation which is cheaper than violence, bribery or other possible control techniques.' En om een hoog technologische massamaatschappij zo efficient mogelijk te laten draaien is propaganda de goedkoopste en veiligste manier voor de elite om de massa gehoorzaam te houden. Let wel, Lasswell was geen marginale figuur met wat maffe standpunten. Hij werd en wordt nog steeds alom bewonderd. Dit is wat de Nederlandse versie van Wikipedia over hem meldt:
'Lasswell was één van de meest creatieve en invloedrijke wetenschappers van zijn tijd.Door gebruik te maken van een scala van psychologische en sociologische methoden in een discipline die tot dan toe alleen gebruik maakte van historische, juridische en filosofische methoden werd Harold Lasswell de grondlegger van de hedendaagse politieke wetenschap en met name de politieke psychologie. Ook op het gebied van de communicatiewetenschappen heeft hij met zijn communicatiemodel een grote invloed gehad. Op het gebied van beleidsstudies was het Harold Lasswell die de richting aangaf met de omschrijving waaraan deze (toen) nieuwe discipline moest voldoen (multi-disciplinair, probleem oplossend, expliciet normatief).' Zie: http://nl.wikipedia.org/wiki/Harold_Lasswell
Als een van de belangrijkste adviseurs van de politieke en economische elite verklaarde Lasswell dat propaganda onmisbaar was in een democratie omdat 'men are often poor judges of their own interests' en dus bewerkt moeten worden om zaken te steunen die ze normaal niet zouden steunen. De commerciele massamedia spelen in dit proces een doorslaggevende rol. Ook de andere topadviseur van Amerikaanse politici en zakenmensen, Edward Bernays, waarschuwde de elite voor de gevaren van de democratie, aangezien op die manier grote groepen burgers een greep konden krijgen op hun eigen toekomst. Dit zou de macht van de elite drastisch beperken. In 1947 schreef Bernays een belangrijk artikel voor het prestigieuze Annals of the American Academy of Political and Social Sciences, getiteld 'The Engineering of Consent'. In dit artikel schreef Bernays dat 'the engineering of consent is the very essence of the democratic proces, the freedom to persuade and suggest.' Het zal duidelijk zijn dat die 'freedom' alleen in handen kan zijn van de machtigen en rijken, die de middelen hebben om die 'freedom' vorm en inhoud te geven. Voor alle duidelijkheid schreef Bernays dan ook dat de gemiddelde Amerikaan 'has only six years of schooling... [Therefore] democratic leaders must play their part in... engineering consent... Today it is impossible to overestimate the importance of engineering consent; it affects almost every aspect of our daily lives.'
Voor zijn invloedrijke wetenschappelijke bijdragen werd Bernays in 1949 geëerd door de American Psychological Association. Hoe invloedrijk de inzichten van Bernays waren werd hetzelfde jaar nog eens duidelijk gemaakt door Fortune. De redactie van dit tijdschrift stelde zonder enige ironie dat 'it is as impossible to imagine a genuine democracy without the science of persuasion [ i.e. propaganda] as it is to think of a totalitarian state without coercion. The daily tonage output of propaganda and publicity... has become an important force in American life. Nearly half of the contents of the best newspapers is derived from publicity releases; nearly all the the contents of the lesser papers... are directly or indirectly the work of PR departments.'

Wat Henk Hofland ook verzwijgt is het volgende: al in de jaren twintig van de vorige eeuw schreef de befaamde Amerikaanse columnist Walter Lippmann dat journalisten als ‘gespecialiseerde klasse’ de taak hebben om de ‘gemeenschappelijke belangen… die voor het overgrote deel de publieke opinie ontgaan’ zo te presenteren dat ze door de massa aanvaard werden, waarbij natuurlijk de ‘gemeenschappelijke belangen’ vooral de rijken dienden. Met andere woorden: de media moesten de visie van de machtigen propageren. De toonaangevende Lippmann, een fervent adept van de imperialistische presidenten Theodore Roosevelt en Woodrow Wilson, was uiterst sceptisch over de mogelijkheid van een ware democratie in een complexe moderne samenleving. Het gewone volk kon zijn eigen belangen niet zomaar gaan formuleren, want dan zou het een chaos worden. ‘Het publiek moet zijn plaats weten,’ zodat ‘verantwoordelijke mensen… niet gestoord door het gestamp en het gebrul van een verbijsterde kudde’ hun beleid kunnen bepalen. De enige ‘functie’ in een democratische samenleving van ‘onwetende en bemoeizuchtige buitenstaanders’ was die van ‘geïnteresseerde toeschouwers.’ Lees verder: http://stanvanhoucke.blogspot.com/2008/10/de-commerciele-massamedia-143.html

Met andere woorden: de media moesten de visie van de machtigen propageren. De toonaangevende Lippmann, een fervent adept van de imperialistische presidenten Theodore Roosevelt en Woodrow Wilson, was uiterst sceptisch over de mogelijkheid van een ware democratie in een complexe moderne samenleving. Het gewone volk kon zijn eigen belangen niet zomaar gaan formuleren, want dan zou het een chaos worden. Het publiek mocht tijdens verkiezingen hun stem geven aan - door coöptatie gekozen – beleidsbepalers en verder niets. Om dit proces mogelijk te maken moest de pers worden gebruikt. Zij was verantwoordelijk voor ‘het fabriceren van consensus… een zelfbewuste vaardigheid en standaard instrument van een regeringen die namens het volk besturen.’ Keer op keer onderstreepte Lippmann het belang dat journalisten de juiste ‘reflexen’ ontwikkelden en voldoende ‘geconditioneerd’ zouden worden waardoor ‘de aandacht van de media natuurlijk voor een belangrijk deel gestuurd’ kon worden ‘door de politieke machten.’ Hij besefte de propagandistische waarde van een gecontroleerde pers, die er diep van doordrongen is dat ze ‘moet… kiezen.’ Als lid van Wilson’s Commissie voor Publieke Informatie, speciaal in het leven geroepen om de oorlogspropaganda te coördineren, was hij erin geslaagd de sentimenten zo te bespelen dat de Amerikaanse bevolking deelname aan de Eerste Wereldoorlog uiteindelijk accepteerde. Maar niet alleen Lippmann, die onder president Wilson als assistent van de minister van Oorlog diende, was zo negatief over de wenselijkheid van een echte democratie. Het was de heersende opvatting in brede kringen van de Amerikaanse elite. Zo verklaarde Robert Lansing, minister van Buitenlandse Zaken onder president Wilson, dat de grote massa van de bevolking ‘onwetend en geestelijk onvolwaardig’ was en dus via de pers in de juiste richting gemanipuleerd moest worden. En ook Reinhold Niebuhr, hoogleraar Praktische Theologie uit New York, de ‘officiële theoloog van het establishment,’ waarschuwde voor ‘de domheid van de gemiddelde mens… het proletariaat,’ die niet de rede volgde maar het geloof en daarom door de media gevoed moest worden met ‘emotioneel krachtige oversimplificaties,’ die dienden om de ‘noodzakelijke illusie,’ in stand te houden. De illusie dat de VS een echte democratie was, waarbij iedere burger in alle vrijheid de politieke koers van zijn land bepaalt. Dezelfde illusie dus die Hofland tegen beter weten in in zijn column verspreidt. Volgens Niebuhr moet men ‘de verantwoordelijkheden van de macht onder ogen zien,’ zodat de ‘noodzakelijke illusie’ kon blijven bestaan. Die was noodzakelijk wilde de economische en politieke elite ongestoord haar werk kunnen doen, wat in de praktijk neerkwam op het uitbuiten en onderdrukken van het ‘proletariaat’ dat wereldwijd ‘onwetend en geestelijk onvolwaardig’ was. Het volk moest door de media gedisciplineerd worden en gedirigeerd, anders zou de Westerse beschaving ten onder gaan, zo vreesde Niebuhr. Het resultaat van deze strategie is niet uitgebleven, want ondanks of beter nog dankzij de overvloed aan massamedia is de constatering van de Britse auteur John Berger correct dat ‘er grote delen van de… arbeiders en middenklasse bestaan die zich niet helder kunnen uitdrukken als gevolg van de grootscheepse culturele deprivatie. De middelen om datgene wat ze weten te vertalen in gedachten is hen ontnomen… Ze bezitten geen voorbeelden die ze kunnen volgen, waarbij woorden ervaringen duidelijk maken.’ Een avondje televisie kijken en men weet wat Berger bedoeld. ‘Wat kan er, uitgezonderd halve waarheden, grove simplificaties of onbenulligheden, overgebracht worden aan dat halfgeletterde massale gehoor, dat… overal de voorstelling mag bijwonen?’ zo schreef de hoogleraar George Steiner, die aan Yale en Oxford doceerde. Op zijn beurt noemt de auteur Milan Kundera journalisten ‘termieten van de reductie,’ die ‘over de hele wereld dezelfde simplificaties en clichés uit[strooien], waarvan mag worden verwacht dat ze door de meerderheid zullen worden aanvaard, door allen, door de hele mensheid.’ Iedereen die deze consensus verbreekt, iedereen die weigert de rol van propagandist te spelen, vormt per definitie een bedreiging en moet dan ook met alle wapens bestreden worden.
Het was de voormalige hoofdredacteur van Trouw, Frits van Exter die het zo fraai verwoordde toen hij tegenover Extra, een tijdschrift dat de media kritisch volgde, onder de kop: 'De conditionering van de kudde' het volgende verklaarde: 'Lezers horen wantrouwend te zijn tegenover de media ... De aandacht van de media [wordt] natuurlijk voor een belangrijk deel gestuurd … door de politieke machten … Dat geldt voor de nationale politiek, maar natuurlijk ook voor de internationale politiek … Het heeft voor een deel te maken met de vluchtigheid van het medium. Deels ook volgen de media elkaar, sommige zijn dominanter, en andere lijden aan kuddegedrag … Als je volgend bent, dan betekent dat als een autoriteit, of iemand die gekozen is om een bepaald gezag uit te oefenen, zegt “ik vind dit een belangrijk onderwerp, daar gaan we nou es wat aan doen,” dat je dat ook bekijkt. De dingen waar hij (sic) het niet over heeft, die volg je dus minder… het werkt voor een deel reflexmatig. Reflexen zijn het, je bent daar geconditioneerd in.'
Zie:
http://stanvanhoucke.blogspot.com/search?q=lippmann

Meer kritiek op Hofland's column in een volgend stukje.

H.J.A. Hofland

Henk Hofland is een van de scherpst analiserende Nederlandse journalisten, de eerbiedwaardige nestor van de Nederlandse pers die in 1985 beschreef wat ik altijd intuitief aanvoelde, namelijk: 'Orde Bestaat Niet. (en is verderfelijk)', zoals de titel van een van zijn boeken luidt. Tegenover mij verklaarde Henk dat hij dit besef kreeg nadat hij als 12-jarig jongetje getuige was geweest van het nazi-bombardement op Rotterdam. Orde is flinterdun en kan in een gewone doordeweekse meidag om half twee 's middags ineens zijn weggebombardeerd. Niks westerse beschaving, niks Verlichting, niks cultuur, gewoon barbarij zodra de tijd daarvoor rijp is. En in principe kan de chaos op elk moment aanbreken, plotseling blijkt de terreur je huis binnen te zijn gemarcheerd. In zijn roman Het diepste punt van Nederland schrijft Hofland over zijn land en zijn stad: 'De Oorlog had zich voltrokken aan de laatste provincie van Europa, bewoond door de naieven die generatie na generatie van de prins geen kwaad hadden geweten. Het antwoord op de oorlog was dat ze hem normaliseerden. De geschiedenis zette een nieuw decor [...] op; binnen een half jaar was er een nieuwe stad ontstaan waarin het dagelijkse leven werd geleefd met een vanzelfsprekendheid waaraan niet viel te merken dat een half jaar tevoren de oude binnen een middag was verdwenen, en niemand had nog goed begrepen dat het met het land en de wereld waarvan die stad deel uitmaakte dezelfde kant opging.'

Het zijn dit soort inzichten die Henk Hofland tot een groot journalist maakt, een vakman die ik respecteer. Vanuit die optiek wil ik nu fundamentele kritiek leveren op iets dat Henk Hofland gisteren in de NRC schreef:

'Column H.J.A. Hofland
NH 25-02-09 katern 1 pagina 07
Kranten te koop

PCM, het bedrijf dat nu nog de
drie Nederlandse ‘k wa l i t e i t s -
kranten’ uitgeeft (Trouw, de Volkskrant
en NRC Handelsblad) heeft
één voordeel: de uitgever heeft –
voorzover ik weet – zich nooit met
de redactionele inhoud bemoeid.
(Ik zet kwaliteitskrant tussen aanhalingstekens.
Het woord smaakt
te veel naar een hybris, een zelf
toegekende onfeilbaarheid). De
redacties zijn onafhankelijk, in alle
opzichten. Ze bestaan uit journalisten
die hun baan te danken
hebben aan hun ervaring, vakmanschap,
schrijftalent, kennis
van zaken. Ze doen onbevooroordeeld
verslag van de actualiteit, ze
voegen er hun analyse en opinie
aan toe, ongeacht wat de directie,
de aandeelhouders, de regering,
de politiek, de zwijgende meerderheid
daarvan mogen vinden.
De redactie van een dagblad of
weekblad is een instituut dat, met
aanpassing aan de steeds veranderende
tijd, zichzelf continueert.
Dat kan ze doen dankzij het globale
vertrouwen van een grote
groep lezers, die weer adverteerders
trekt. Zo blijft het dag- of
weekblad door de jaren heen een
hecht instituut.
Door commercieel wanbeheer
gedwongen, staat PCM nu op het
punt deze drie kranten te verkopen.
Aan wie? Dat is niet duidelijk.
Voorzover we weten hebben
zich drie partijen aangediend: de
Belgische Persgroep, een mediaconcern
dat wordt geleid door
Christiaan van Thillo, de Rotterdamse
investeringsmaatschappij
HAL, en de Weekbladpers, die onder
andere Vrij Nederland, Opzij, en
Voetbal International uitgeeft. Wa t
zouden de toekomstige eigenaren
met hun verworvenheden gaan
doen? Dat weten zij misschien,
maar verder niemand. Dit betekent
dat het onafhankelijk instituut
van deze dagbladen aan het
particuliere, ongecontroleerde inzicht
van de nieuwe eigenaar is
overgeleverd.
Van Thillo staat bekend als iemand
die verstand heeft van dagbladen
en bovendien een genadeloze
saneerder is. Met kleinere redacties
zou het ook kunnen. Dat
moet proefondervindelijk worden
bewezen. Bovendien zou hij deze
krant of de Volkskrant willen
doorverkopen. Aan wie? Aan De
Te l e g r a a f, zeggen de geruchten.
Waarom niet aan Rupert Murdoch,
de Australische mediatsaar
die weet hoe hij redacties naar zijn
hand moet zetten. Of aan de HAL
waarvan wordt gezegd dat die een
Rotterdamse traditie vertegenwoordigt?
Of aan de Weekbladpers
die ook van plannen tot doorverkoop
wordt verdacht?
Op het eerste gezicht heeft de
zwaar bedreigde partij van de oude
gedrukte kranten niet veel
meer in te brengen; zou er dus het
verstandigst aan doen haar mond
te houden en er het beste van te
hopen. Dit is de wijsheid van de
dag. Door de crisis wordt ook de
economische basis van de gedrukte
pers ernstig aangetast. Met de
gratis kranten en internet heeft
het publiek al genoeg nieuwsbronnen,
het kan de overvloed
niet meer aan. En als je op een digitale
krant iets leest wat je niet
bevalt, kun je dat onmiddellijk laten
weten. Van die faciliteit wordt
dankbaar gebruik gemaakt. De internetkrant
Nu.nl, een serieus
nieuwsmedium, stelt de lezers in
staat te reageren in de rubriek Nu
jij. Je weet vaak niet wat je leest.
Hier heeft de zwijgende meerderheid
duidelijk een stem gekregen.
Nooit in de geschiedenis hebben
zoveel zwijgende mensen een zo
oorverdovend kabaal gemaakt.
Maar wat voor soort publieke
opinie willen we dan hebben? Het
klinkt langzamerhand wat ouderwets,
maar een democratie kan alleen
behoorlijk functioneren bij
de gratie van een goed geïnformeerde
burgerij. Die laat zich van
de toestand en de vooruitzichten
in stad, land en wereld op de
hoogte stellen door de experts van
de drukpers en de televisie. De afgelopen
halve eeuw zijn de media
in het algemeen steeds luchtiger
geworden, hebben zich meer toegelegd
op entertainment, fun, emotie,
en ook de waan van de dag.
Dat is een aspect van hun strijd
om hun bestaan. En meer dan ooit
zijn de serieuze kranten de organen
van – het hoge woord moet er
maar uit – een elite. Dat is een relatief
kleine groep mensen die er
prijs op stelt van dag tot dag zo
nauwkeurig mogelijk op hoogte
te worden gesteld door objectieve
redacties die hun vak verstaan.
Het in stand houden van een uitgebreid
net van buitenlandse correspondenten,
plaatselijke verslaggevers,
goed geïnformeerde
journalisten in het Haagse circuit,
specialisten in de economie – dat
kost veel geld. Door de crisis en de
digitale revolutie worden nu de
serieuze kranten ernstig bedreigd.
Zouden ze in hun wezen worden
aangetast, dan zou daarvan onherroepelijk
de publieke opinie het
slachtoffer worden.
De neergang van de gedrukte
media is internationaal. Objectieve
nieuwsvoorziening en gefundeerde
opinievorming zijn een
openbaar belang, een publieke
voorziening zoals die van gas, water
en licht. In Amerika gaan
stemmen op om het geheel van de
serieuze gedrukte media tot een
groot instituut zonder winstoogmerk
te maken, zoals scholen en
universiteiten, of de openbare
weg, waarvoor je misschien een
basisbedrag aan tol zou moeten
betalen. Voor Nederland lijkt het
me een onpraktische gedachte.
Zo’n voorstel zou eerst een hels
kabaal veroorzaken en dan binnen
een jaar vergeten zijn.
Deze krant en nrc.next die nu
verkocht dreigen te worden, vormen
op zichzelf een economisch
gezond bedrijf met trotse redactie
en een kritische, trouwe lezerskring.
Mij dunkt dat deze basis
stevig genoeg is om een poging tot
verzelfstandiging te wagen.
v© Reageren kan op nrc.nl/hofland'


Mijn kritiek hierop volgt in andere stukjes.

Joods Zionistische Leugens

  Red Collective @RedCollectiveUK Don't take my word that Israel killed the majority of its own civilians on October 7th. Here's Is...