Zoeken in deze blog 🔎🔎

Posts gesorteerd op relevantie tonen voor zoekopdracht egbert kalse. Sorteren op datum Alle posts tonen
Posts gesorteerd op relevantie tonen voor zoekopdracht egbert kalse. Sorteren op datum Alle posts tonen

donderdag 29 oktober 2009

Egbert Kalse van de NRC 5

Dit schreef ik meer dan een jaar geleden, op woensdag 8 oktober 2008:
Egbert Kalse van de NRC


Gisteren legde Egbert Kalse, economisch redacteur van nrc.next, de financiele crisis als volgt uit voor de leek: 'Jij vraagt je natuurlijk af waarom jouw bank in Nederland in hemelsnaam in Amerikaanse hypotheken gaat beleggen? Dat komt omdat ze dachten daar meer geld mee te kunnen verdienen dan met andere beleggingen. Iedereen (dan bedoel ik voor de verandering maar weer eens echt iedereen) dacht dat de huizenprijzen in Amerika altijd zouden blijven stijgen. Dom natuurlijk, maar zo was het wel. En omdat iedereen dat dacht, dacht ook iedereen dat het wel veilig was daarin te beleggen. Niet dus.'

Met andere woorden: een foutje van iedereen, de bankiers, de politici en de overgrote meerderheid van de journalisten die al jaren het gespecuuleer met geld dat er niet is hebben toegejuicht zodra er op de beurs weer een record werd gebroken.
Maar Egbert is niet goed geinformeerd. De lezers die de afgelopen drie jaar de rubriek Het Neoliberale Geloof op deze weblog hebben gelezen, weten dat bepaalde Amerikaanse deskundigen hier allang voor hebben gewaarschuwd. Een voorbeeld van iemand die al lang geleden met klem waarschuwde:
'On Sept. 7, 2006, Nouriel Roubini, an economics professor at New York University, stood before an audience of economists at the International Monetary Fund and announced that a crisis was brewing. In the coming months and years, he warned, the United States was likely to face a once-in-a-lifetime housing bust, an oil shock, sharply declining consumer confidence and, ultimately, a deep recession. He laid out a bleak sequence of events: homeowners defaulting on mortgages, trillions of dollars of mortgage-backed securities unraveling worldwide and the global financial system shuddering to a halt. These developments, he went on, could cripple or destroy hedge funds, investment banks and other major financial institutions like Fannie Mae and Freddie Mac.The audience seemed skeptical, even dismissive. As Roubini stepped down from the lectern after his talk, the moderator of the event quipped, "I think perhaps we will need a stiff drink after that." People laughed — and not without reason. At the time, unemployment and inflation remained low, and the economy, while weak, was still growing, despite rising oil prices and a softening housing market. And then there was the espouser of doom himself: Roubini was known to be a perpetual pessimist, what economists call a "permabear." When the economist Anirvan Banerji delivered his response to Roubini’s talk, he noted that Roubini’s predictions did not make use of mathematical models and dismissed his hunches as those of a career naysayer.'

Maar naar deze deskundigen luisterden Egbert Kalse en de meeste andere journalisten niet. Sterker nog, deze deskundigen werden gemarginaliseerd omdat ze buiten de officieel erkende consensus stonden. Een 'permabear' werd je dan denigrerend genoemd.

Wat ronduit absurd is, is het feit dat economisch redacteuren als Egbert Kalse nu opgevoerd worden als 'deskundigen', die de oorzaak van de luchthandel gemakshalve als 'dom' afdoen. Dat is geen verklaring Egbert, maar een mening, een negatieve kwalificatie. Waarom geef je geen verklaring voor die zogeheten domheid? Jij bent een van de 'deskundigen' die deze fundamentele ineenstorting niet hebt voorzien, en nu doe je alsof je er alles van afweet en dat alleen al die anderen 'dom' waren. Die stelling is aantoonbaar onjuist en toch word jij opgevoerd als een deskundige die weet hoe de vork in de steel zit. Zo goed als je toen niet goed geinformeerd was, ben je nu weer niet goed geinformeerd. Hoe kunnen jouw lezers, die kennelijk allemaal leken zijn, nu iets leren van de wereld? Hoe kunnen ze als het ware hun geest slijpen aan de slijpsteen voor de geest?

Volgende keer iets bescheidener Egbert. Niet iedereen is 'dom'. (En dan bedoel ik voor de verandering maar weer eens echt niet iedereen. Niet dus.)
Maar bescheidenheid is een schaars goed in de Nederlandse journalistiek, waar nagenoeg iedereen elkaar napraat.

woensdag 7 september 2022

Egbert Kalse en de Bankroete Journalistiek

Leest u deze wartaal eens:

Woensdag 7 september 2022


nrc.nl/economie
door
Egbert Kalse

Goedemiddag! Oliereuzen Shell en ExxonMobil zijn begonnen met de uitverkoop van de NAM. Grootste risico hierbij is wie er uiteindelijk de rekening betaalt voor de aardbevingsschade. En verder: Europa wil minder afhankelijk zijn van Taiwanese chips. Hoe onherroepelijk is een belastingaanslag eigenlijk? En het definitieve zorgakkoord ligt er, vol wollige taal en met grote consequenties voor patiënten.

Kees van de Veen   

Neem, nam, genomen. Verhoogde staat van opwinding gisterenmiddag op de burelen van onze economieredactie. Persbureau Reuters meldde dat oliereuzen Shell en ExxonMobil hun joint venture de Nederlandse Aardolie Maatschappij van de hand zouden willen doen. De NAM! Die van de boringen en de bevingen, die juist deze weken onderwerp van een parlementaire enquête zijn.

Verslaggevers Chris Hensen, Jeroen Wester en Mark Middel doken erin, en ontdekten dat de soep - zoals wel vaker - niet zo heet gegeten wordt. Shell en Exxon zijn alleen formeel begonnen met de al eerder aangekondigde verkoop van wat kleine gas- en olievelden, wat platformen en andere installaties en infrastructuur.

Daarmee is de ontmanteling van wat eens een heel grote NAM was in een stroomversnelling gekomen. Wat er na de geplande verkoop (die 1 tot 1,5 miljard euro op zou moeten brengen) resteert, is een zak met geld, het winnings- en exploitatierecht op de Groningse gasvelden (die niet meer leeggetrokken mogen worden) plus twee ondergrondse gasopslagen in Norg en Grijpskerk.

Toch zijn al deze manoeuvres minder onschuldig dan ze lijken. De hamvraag zal worden hoe om te gaan met een vennootschap waarvan het belangrijkste bezit een pot geld is en waar een claim van onzekere omvang op rust: de vergoeding van de aardbevingsschade en de versterking van huizen in het gebied.

  • Juist hierover soebatten Rijk en NAM al langere tijd. Het zorgt er mede voor dat de afhandeling van de schade in Groningen tergend langzaam verloopt.
  • Kritische buitenstaanders zullen er vooral alert op zijn hoeveel geld achterblijft in de huls die de NAM gaandeweg wordt.
  • Groningers zullen ervoor willen waken dat er niet te veel geld naar de aandeelhouders Shell en Exxon stroomt, en er voldoende overblijft voor versterkingen van de huizen en het herstel van schade.

Zeker is dat dit een uiterst complex ondernemingsrechtelijk vraagstuk zal zijn, waar ongetwijfeld eindeloos over geprocedeerd kan worden. Zorgelijk gerucht: de overheid zou de NAM wel willen kopen.

Gisteren publiceerde het FD een verhaal waarin de balans werd opgemaakt van decennia aan gaswinning. Met de gaswinning in Groningen is, gecorrigeerd voor inflatie, 428 miljard euro verdiend, waarvan een kleine 65 miljard voor Shell en ExxonMobil. Tip aan de onderhandelaars namens de overheid: de periode van winsten privatiseren en verliezen socialiseren hebben we nu wel gehad. Shell en Exxon mogen alleen vertrekken als er keiharde afspraken gemaakt worden over de financiële afhandeling van de aardbevingsschade.

Liedje voor de lunch: Taken For A Fool – The Strokes


Dit is geschreven door Egbert Kalse, over wie ik veertien jaar geleden het volgende schreef:


woensdag 8 oktober 2008

Egbert Kalse van de NRC


Gisteren legde Egbert Kalse, economisch redacteur van nrc.next, de financiele crisis als volgt uit voor de leek: 'Jij vraagt je natuurlijk af waarom jouw bank in Nederland in hemelsnaam in Amerikaanse hypotheken gaat beleggen? Dat komt omdat ze dachten daar meer geld mee te kunnen verdienen dan met andere beleggingen. Iedereen (dan bedoel ik voor de verandering maar weer eens echt iedereen) dacht dat de huizenprijzen in Amerika altijd zouden blijven stijgen. Dom natuurlijk, maar zo was het wel. En omdat iedereen dat dacht, dacht ook iedereen dat het wel veilig was daarin te beleggen. Niet dus.'

Met andere woorden: een foutje van iedereen, de bankiers, de politici en de overgrote meerderheid van de journalisten die al jaren het gespecuuleer met geld dat er niet is hebben toegejuicht zodra er op de beurs weer een record werd gebroken. 
Maar Egbert is niet goed geinformeerd. De lezers die de afgelopen drie jaar de rubriek Het Neoliberale Geloof op deze weblog hebben gelezen, weten dat bepaalde Amerikaanse deskundigen hier allang voor hebben gewaarschuwd. Een voorbeeld van iemand die al lang geleden met klem waarschuwde:

'On Sept. 7, 2006, Nouriel Roubini, an economics professor at New York University, stood before an audience of economists at the International Monetary Fund and announced that a crisis was brewing. In the coming months and years, he warned, the United States was likely to face a once-in-a-lifetime housing bust, an oil shock, sharply declining consumer confidence and, ultimately, a deep recession. He laid out a bleak sequence of events: homeowners defaulting on mortgages, trillions of dollars of mortgage-backed securities unraveling worldwide and the global financial system shuddering to a halt. These developments, he went on, could cripple or destroy hedge funds, investment banks and other major financial institutions like Fannie Mae and Freddie Mac.The audience seemed skeptical, even dismissive. As Roubini stepped down from the lectern after his talk, the moderator of the event quipped, "I think perhaps we will need a stiff drink after that." People laughed — and not without reason. At the time, unemployment and inflation remained low, and the economy, while weak, was still growing, despite rising oil prices and a softening housing market. And then there was the espouser of doom himself: Roubini was known to be a perpetual pessimist, what economists call a "permabear." When the economist Anirvan Banerji delivered his response to Roubini’s talk, he noted that Roubini’s predictions did not make use of mathematical models and dismissed his hunches as those of a career naysayer.' 

Maar naar deze deskundigen luisterden Egbert Kalse en de meeste andere journalisten niet. Sterker nog, deze deskundigen werden gemarginaliseerd omdat ze buiten de officieel erkende consensus stonden. Een 'permabear' werd je dan denigrerend genoemd. 

Wat ronduit absurd is, is het feit dat economisch redacteuren als Egbert Kalse nu opgevoerd worden als deskundigen, die de oorzaak van de luchthandel gemakshalve als 'dom' afdoen. Dat is geen verklaring Egbert, maar een mening, een negatieve kwalificatie. Waarom geef je geen verklaring voor die zogeheten domheid? Jij bent een van de 'deskundigen' die deze fundamentele ineenstorting niet hebt voorzien, en nu doe je alsof je er alles van afweet en dat alleen al die anderen 'dom' waren. Die stelling is aantoonbaar onjuist en toch word jij opgevoerd als een deskundige die weet hoe de vork in de steel zit. Zo goed als je toen niet goed geinformeerd was, ben je nu weer niet goed geinformeerd. Hoe kunnen jouw lezers, die kennelijk allemaal leken zijn, nu iets leren van de wereld? Hoe kunnen ze als het ware hun geest slijpen aan de slijpsteen voor de geest?

Volgende keer iets bescheidener Egbert. Niet iedereen is 'dom'. (En dan bedoel ik voor de verandering maar weer eens echt niet iedereen. Niet dus.)

Vijf jaar na te hebben laten weten hoe ongeïnformeerd hij was, werd Kalse benoemd tot adjunct-hoofdredacteur van de NRC. Domheid en luiheid worden bij de zelfbenoemde kwaliteitskrant telkens weer beloond. Tenminste, zolang men het corrupte spel maar meespeelt. Inderdaad, Bankroet, het hele zootje.



donderdag 29 oktober 2009

Egbert Kalse van de NRC 4



Dit beweerde Egbert Kalse van de NRC in oktober 2008:

'Iedereen (dan bedoel ik voor de verandering maar weer eens echt iedereen) dacht dat de huizenprijzen in Amerika altijd zouden blijven stijgen. Dom natuurlijk, maar zo was het wel. En omdat iedereen dat dacht, dacht ook iedereen dat het wel veilig was daarin te beleggen. Niet dus.'

Desondanks wist dezelfde Egbert Kalse na al die jaren onwetendheid binnen 6 maanden tijd het volgende:

'In Bankroet beschrijven Kalse en Van Lent de oorzaken en gevolgen van de zwaarste economische crisis sinds de Grote Depressie. Van de huiseigenaren in Californië tot zakenbankiers op Wall Street. Van de whizzkids die de ingewikkelde financiële producten verzonnen tot Nederlandse bankiers aan de Zuidas. Van de toezichthouders die de crisis niet meer konden stoppen tot politici die hun nationale banken moesten redden.'

Naast zijn gewone dagelijkse beslommeringen als redacteur van de 'slijpsteen voor de geest' wist Egbert ineens al deze achtergrond-informatie te vergaren, informatie waarvan hij voorheen allemaal niet op de hoogte was geweest, terwijl hij als journalist toch al deze feiten had moeten weten. Maar niet alleen dat, hij 'beschrijft welke maatregelen kunnen helpen om een crisis als deze te voorkomen.' Ook dat nog eens.

'Bankroet gaat op zoek naar de schuldigen van deze crisis, beschrijft welke maatregelen kunnen helpen om een crisis als deze te voorkomen, analyseert hoe door die maatregelen alweer de zaadjes voor een nieuwe crisis gezaaid worden en blikt vooruit hoe het nu verder moet met het mondiale economische systeem.'

Ik zou zeggen dat een van de belangrijkste 'schuldigen van deze crisis' de journalisten zijn van de commerciele massamedia, zoals Egbert Kalse zelf, die al die jaren bewust gezwegen hebben. Bewust informatie hebben achtergehouden door niet serieus de werkelijkheid te bestuderen, waardoor de samenleving niet gealarmeerd werd. Per slot van rekening functioneert een democratie alleen wanneer de burgerij goed is geinformeerd. Dit boek achteraf is in feite een brevet van onvermogen die Egbert aan zichzelf uitreikt.

Hoe is het te verklaren dat Egbert Kalse ineens claimt de werkelijkheid te beschrijven, terwijl hij voorheen volgens eigen zeggen te 'dom' was om die werkelijkheid te kunnen zien? Daarover later meer.

Egbert Kalse van de NRC 3

Oktober vorig jaar verklaarde Egbert Kalse het volgende in zijn krant:

'Jij vraagt je natuurlijk af waarom jouw bank in Nederland in hemelsnaam in Amerikaanse hypotheken gaat beleggen? Dat komt omdat ze dachten daar meer geld mee te kunnen verdienen dan met andere beleggingen. Iedereen (dan bedoel ik voor de verandering maar weer eens echt iedereen) dacht dat de huizenprijzen in Amerika altijd zouden blijven stijgen. Dom natuurlijk, maar zo was het wel. En omdat iedereen dat dacht, dacht ook iedereen dat het wel veilig was daarin te beleggen. Niet dus.'

Maar aangezien de NRC geen enkele schaamte kent schreef Egbert in no time het volgende boek:

'Bankroet

E. Kalse

Het begon met huiseigenaren in Orange County, Californië die hun hypotheeklasten niet meer konden opbrengen. Drie jaar later is hun ellende uitgegroeid tot een economische crisis die miljoenen mensen in de wereld hun baan dreigt te kosten. Een crisis die jaren van wereldwijde economische voorspoed weer tenietdoet.

In Bankroet beschrijven Kalse en Van Lent de oorzaken en gevolgen van de zwaarste economische crisis sinds de Grote Depressie. Van de huiseigenaren in Californië tot zakenbankiers op Wall Street. Van de whizzkids die de ingewikkelde financiële producten verzonnen tot Nederlandse bankiers aan de Zuidas. Van de toezichthouders die de crisis niet meer konden stoppen tot politici die hun nationale banken moesten redden.'

En al die tijd wist Egbert Kalse van niets. 'Dom natuurlijk, maar zo was het wel. En omdat iedereen dat dacht, dacht ook iedereen dat het wel veilig was daarin te beleggen. Niet dus.'

'Bankroet gaat op zoek naar de schuldigen van deze crisis, beschrijft welke maatregelen kunnen helpen om een crisis als deze te voorkomen, analyseert hoe door die maatregelen alweer de zaadjes voor een nieuwe crisis gezaaid worden en blikt vooruit hoe het nu verder moet met het mondiale economische systeem.

Meer informatie

Levertijd:

Direct leverbaar, 1-3 werkdagen

Aantal:

€ 19,95

Egbert Kalse en Daan van Lent zijn financieel redacteur van nrc Handelsblad en hebben de kredietcrisis gevolgd sinds deze begin 2007 uitbrak.'

http://www.nrclux.nl/Bankroet-E-Kalse-D-van-Lent-9789044612646/nl/product/155094/

There must be somewhere out of here,

said the joker to the thief.


Bankroet, inderdaad, de commerciele massamedia zijn moreel bankroet.

woensdag 8 oktober 2008

Egbert Kalse van de NRC


Gisteren legde Egbert Kalse, economisch redacteur van nrc.next, de financiele crisis als volgt uit voor de leek: 'Jij vraagt je natuurlijk af waarom jouw bank in Nederland in hemelsnaam in Amerikaanse hypotheken gaat beleggen? Dat komt omdat ze dachten daar meer geld mee te kunnen verdienen dan met andere beleggingen. Iedereen (dan bedoel ik voor de verandering maar weer eens echt iedereen) dacht dat de huizenprijzen in Amerika altijd zouden blijven stijgen. Dom natuurlijk, maar zo was het wel. En omdat iedereen dat dacht, dacht ook iedereen dat het wel veilig was daarin te beleggen. Niet dus.'

Met andere woorden: een foutje van iedereen, de bankiers, de politici en de overgrote meerderheid van de journalisten die al jaren het gespecuuleer met geld dat er niet is hebben toegejuicht zodra er op de beurs weer een record werd gebroken.
Maar Egbert is niet goed geinformeerd. De lezers die de afgelopen drie jaar de rubriek Het Neoliberale Geloof op deze weblog hebben gelezen, weten dat bepaalde Amerikaanse deskundigen hier allang voor hebben gewaarschuwd. Een voorbeeld van iemand die al lang geleden met klem waarschuwde:
'On Sept. 7, 2006, Nouriel Roubini, an economics professor at New York University, stood before an audience of economists at the International Monetary Fund and announced that a crisis was brewing. In the coming months and years, he warned, the United States was likely to face a once-in-a-lifetime housing bust, an oil shock, sharply declining consumer confidence and, ultimately, a deep recession. He laid out a bleak sequence of events: homeowners defaulting on mortgages, trillions of dollars of mortgage-backed securities unraveling worldwide and the global financial system shuddering to a halt. These developments, he went on, could cripple or destroy hedge funds, investment banks and other major financial institutions like Fannie Mae and Freddie Mac.The audience seemed skeptical, even dismissive. As Roubini stepped down from the lectern after his talk, the moderator of the event quipped, "I think perhaps we will need a stiff drink after that." People laughed — and not without reason. At the time, unemployment and inflation remained low, and the economy, while weak, was still growing, despite rising oil prices and a softening housing market. And then there was the espouser of doom himself: Roubini was known to be a perpetual pessimist, what economists call a "permabear." When the economist Anirvan Banerji delivered his response to Roubini’s talk, he noted that Roubini’s predictions did not make use of mathematical models and dismissed his hunches as those of a career naysayer.'

Maar naar deze deskundigen luisterden Egbert Kalse en de meeste andere journalisten niet. Sterker nog, deze deskundigen werden gemarginaliseerd omdat ze buiten de officieel erkende consensus stonden. Een 'permabear' werd je dan denigrerend genoemd.

Wat ronduit absurd is, is het feit dat economisch redacteuren als Egbert Kalse nu opgevoerd worden als deskundigen, die de oorzaak van de luchthandel gemakshalve als 'dom' afdoen. Dat is geen verklaring Egbert, maar een mening, een negatieve kwalificatie. Waarom geef je geen verklaring voor die zogeheten domheid? Jij bent een van de 'deskundigen' die deze fundamentele ineenstorting niet hebt voorzien, en nu doe je alsof je er alles van afweet en dat alleen al die anderen 'dom' waren. Die stelling is aantoonbaar onjuist en toch word jij opgevoerd als een deskundige die weet hoe de vork in de steel zit. Zo goed als je toen niet goed geinformeerd was, ben je nu weer niet goed geinformeerd. Hoe kunnen jouw lezers, die kennelijk allemaal leken zijn, nu iets leren van de wereld? Hoe kunnen ze als het ware hun geest slijpen aan de slijpsteen voor de geest?

Volgende keer iets bescheidener Egbert. Niet iedereen is 'dom'. (En dan bedoel ik voor de verandering maar weer eens echt niet iedereen. Niet dus.)

zaterdag 28 februari 2009

Jan Marijnissen van de SP 5

Jan Marijnissen,

Wat lees ik nu toch allemaal? Je schrijft in de NRC van vandaag dit: 'Politici zijn om twee redenen ten zeerste verbonden met de journalistiek. Ze hebben de journalistiek nodig om via de verslaggever de burger kond te doen van hun opvattingen. En ze zijn afhankelijk van goede journalistiek als intermediair tussen de samenleving en henzelf. Macht leidt to machtsmisbruik en slecht bestuur als er geen sprake is van een effectieve controle en verantwoording.'

Ik geloof het allemaal direct, het zijn open deuren. Zonder journalisten zouden de politici hun meningen niet kunnen verspreiden, dat is absoluut waar, en natuurlijk leidt macht tot machtsmisbruik zonder een 'onafhankelijke' pers. Maar Jan, het is jou kennelijk niet opgevallen, maar we zitten midden in een geweldige crisis, een financiele en economische crisis. En dat allemaal ondanks, of misschien wel juist mede dankzij 'de journalistiek'. Veel mensen weten dat ze door politici worden belogen en bedrogen en geloven niet echt meer in de 'politiek'. En ook westerse journalisten verliezen steeds meer aan geloofwaardigheid. Neem dat nu maar van mij aan, ik ben al meer dan vier decennia journalist. De journalistiek bewaakt de macht niet, maar staat al langh in dienst van de macht. Ik zal je een tamelijk recent voorbeeld geven.

Dit schreef ik op acht oktober vorig jaar:

'Gisteren legde Egbert Kalse, economisch redacteur van nrc.next, de financiele crisis als volgt uit voor de leek: 'Jij vraagt je natuurlijk af waarom jouw bank in Nederland in hemelsnaam in Amerikaanse hypotheken gaat beleggen? Dat komt omdat ze dachten daar meer geld mee te kunnen verdienen dan met andere beleggingen. Iedereen (dan bedoel ik voor de verandering maar weer eens echt iedereen) dacht dat de huizenprijzen in Amerika altijd zouden blijven stijgen. Dom natuurlijk, maar zo was het wel. En omdat iedereen dat dacht, dacht ook iedereen dat het wel veilig was daarin te beleggen. Niet dus.'
Met andere woorden: een foutje van iedereen, de bankiers, de politici en de overgrote meerderheid van de journalisten die al jaren het gespeculeer met geld dat er niet is hebben toegejuicht zodra er op de beurs weer een record werd gebroken.
Maar Egbert is niet goed geinformeerd. De lezers die de afgelopen drie jaar de rubriek Het Neoliberale Geloof op deze weblog hebben gelezen, weten dat bepaalde Amerikaanse deskundigen hier allang voor hebben gewaarschuwd. Een voorbeeld van iemand die al lang geleden met klem waarschuwde:
'On Sept. 7, 2006, Nouriel Roubini, an economics professor at New York University, stood before an audience of economists at the International Monetary Fund and announced that a crisis was brewing. In the coming months and years, he warned, the United States was likely to face a once-in-a-lifetime housing bust, an oil shock, sharply declining consumer confidence and, ultimately, a deep recession. He laid out a bleak sequence of events: homeowners defaulting on mortgages, trillions of dollars of mortgage-backed securities unraveling worldwide and the global financial system shuddering to a halt. These developments, he went on, could cripple or destroy hedge funds, investment banks and other major financial institutions like Fannie Mae and Freddie Mac.The audience seemed skeptical, even dismissive. As Roubini stepped down from the lectern after his talk, the moderator of the event quipped, "I think perhaps we will need a stiff drink after that." People laughed — and not without reason. At the time, unemployment and inflation remained low, and the economy, while weak, was still growing, despite rising oil prices and a softening housing market. And then there was the espouser of doom himself: Roubini was known to be a perpetual pessimist, what economists call a "permabear." When the economist Anirvan Banerji delivered his response to Roubini’s talk, he noted that Roubini’s predictions did not make use of mathematical models and dismissed his hunches as those of a career naysayer.'
Zie: http://stanvanhoucke.blogspot.com/2008/10/het-neoliberale-geloof-207.html

Maar naar deze deskundigen luisterden Egbert Kalse en de meeste andere journalisten niet. Sterker nog, deze deskundigen werden gemarginaliseerd omdat ze buiten de officieel erkende consensus stonden. Een 'permabear' werd je dan denigrerend genoemd.
Wat ronduit absurd is, is het feit dat economisch redacteuren als Egbert Kalse nu opgevoerd worden als deskundigen, die de oorzaak van de luchthandel gemakshalve als 'dom' afdoen. Dat is geen verklaring Egbert, maar een mening, een negatieve kwalificatie. Waarom geef je geen verklaring voor die zogeheten domheid? Jij bent een van de 'deskundigen' die deze fundamentele ineenstorting niet hebt voorzien, en nu doe je alsof je er alles van afweet en dat alleen al die anderen 'dom' waren. Die stelling is aantoonbaar onjuist en toch word jij opgevoerd als een deskundige die weet hoe de vork in de steel zit. Zo goed als je toen niet goed geinformeerd was, ben je nu weer niet goed geinformeerd. Hoe kunnen jouw lezers, die kennelijk allemaal leken zijn, nu iets leren van de wereld? Hoe kunnen ze als het ware hun geest slijpen aan de slijpsteen voor de geest?'

Ter zake Jan Marijnissen, per slot van rekening ben je geen volksvertegenwoordiger om praatjes te verkopen. Nu de werkelijkheid: een redactie is uiteindelijk altijd 'overgeleverd' geweest aan de 'eigenaar'. Dat is nu eenmaal onlosmakelijk verbonden aan het eigendomsrecht in het kapitalisme. De eigenaar heeft daarin altijd de absolute macht. Dat is niet iets nieuws zoals bijvoorbeeld Henk Hofland suggereert. Het enige nieuwe is dat het door de NRC gepropageerde neoliberale systeem nu ook het eigen redactielokaal binnendringt. Ook de NRC is een speculatie-object geworden, net als alle andere eigendommen in het neoliberalisme. Niets nieuws onder de zon. Al in 1933, het jaar dat Hitler democratisch aan de macht kwam, schreef de gezaghebbende Amerikaanse hoogleraar Harold Lasswell in de Encyclopedia of the Social Sciences dat aangezien de 'masses are still captive to ignorance and superstition' de komst van de democratie 'compelled the development of a whole new technique of control, largely through propaganda.' Want, zo stelt Lasswell, propaganda is 'the one means of mass mobilisation which is cheaper than violence, bribery or other possible control techniques.' En om een hoog technologische massamaatschappij zo efficient mogelijk te laten draaien is propaganda de goedkoopste en veiligste manier voor de elite om de massa gehoorzaam te houden. Let wel, Lasswell was geen marginale figuur met wat maffe standpunten. Hij werd en wordt nog steeds alom bewonderd. Dit is wat de Nederlandse versie van Wikipedia over hem meldt:
'Lasswell was één van de meest creatieve en invloedrijke wetenschappers van zijn tijd. Door gebruik te maken van een scala van psychologische en sociologische methoden in een discipline die tot dan toe alleen gebruik maakte van historische, juridische en filosofische methoden werd Harold Lasswell de grondlegger van de hedendaagse politieke wetenschap en met name de politieke psychologie. Ook op het gebied van de communicatiewetenschappen heeft hij met zijn communicatiemodel een grote invloed gehad. Op het gebied van beleidsstudies was het Harold Lasswell die de richting aangaf met de omschrijving waaraan deze (toen) nieuwe discipline moest voldoen (multi-disciplinair, probleem oplossend, expliciet normatief).' Zie: http://nl.wikipedia.org/wiki/Harold_Lasswell
Als een van de belangrijkste adviseurs van de politieke en economische elite verklaarde Lasswell dat propaganda onmisbaar was in een democratie omdat 'men are often poor judges of their own interests' en dus bewerkt moeten worden om zaken te steunen die ze normaal niet zouden steunen. De commerciele massamedia spelen in dit proces een doorslaggevende rol. Ook de andere topadviseur van Amerikaanse politici en zakenmensen, Edward Bernays, waarschuwde de elite voor de gevaren van de democratie, aangezien op die manier grote groepen burgers een greep konden krijgen op hun eigen toekomst. Dit zou de macht van de elite drastisch beperken. In 1947 schreef Bernays een belangrijk artikel voor het prestigieuze Annals of the American Academy of Political and Social Sciences, getiteld 'The Engineering of Consent'. In dit artikel schreef Bernays dat 'the engineering of consent is the very essence of the democratic proces, the freedom to persuade and suggest.' Het zal duidelijk zijn dat die 'freedom' alleen in handen kan zijn van de machtigen en rijken, die de middelen hebben om die 'freedom' vorm en inhoud te geven. Voor alle duidelijkheid schreef Bernays dan ook dat de gemiddelde Amerikaan 'has only six years of schooling... [Therefore] democratic leaders must play their part in... engineering consent... Today it is impossible to overestimate the importance of engineering consent; it affects almost every aspect of our daily lives.'
Voor zijn invloedrijke wetenschappelijke bijdragen werd Bernays in 1949 geëerd door de American Psychological Association. Hoe invloedrijk de inzichten van Bernays waren werd hetzelfde jaar nog eens duidelijk gemaakt door Fortune. De redactie van dit tijdschrift stelde zonder enige ironie dat 'it is as impossible to imagine a genuine democracy without the science of persuasion [ i.e. propaganda] as it is to think of a totalitarian state without coercion. The daily tonage output of propaganda and publicity... has become an important force in American life. Nearly half of the contents of the best newspapers is derived from publicity releases; nearly all the the contents of the lesser papers... are directly or indirectly the work of PR departments.'
Wat jij verzwijgt of niet weet is het volgende: al in de jaren twintig van de vorige eeuw schreef de befaamde Amerikaanse columnist Walter Lippmann dat journalisten als ‘gespecialiseerde klasse’ de taak hebben om de ‘gemeenschappelijke belangen… die voor het overgrote deel de publieke opinie ontgaan’ zo te presenteren dat ze door de massa aanvaard werden, waarbij natuurlijk de ‘gemeenschappelijke belangen’ vooral de rijken dienden. Met andere woorden: de media moesten de visie van de machtigen propageren. De toonaangevende Lippmann, een fervent adept van de imperialistische presidenten Theodore Roosevelt en Woodrow Wilson, was uiterst sceptisch over de mogelijkheid van een ware democratie in een complexe moderne samenleving. Het gewone volk kon zijn eigen belangen niet zomaar gaan formuleren, want dan zou het een chaos worden. ‘Het publiek moet zijn plaats weten,’ zodat ‘verantwoordelijke mensen… niet gestoord door het gestamp en het gebrul van een verbijsterde kudde’ hun beleid kunnen bepalen. De enige ‘functie’ in een democratische samenleving van ‘onwetende en bemoeizuchtige buitenstaanders’ was die van ‘geïnteresseerde toeschouwers.’ Lees verder: http://stanvanhoucke.blogspot.com/2008/10/de-commerciele-massamedia-143.html
Met andere woorden: de media moesten de visie van de machtigen propageren. De toonaangevende Lippmann, een fervent adept van de imperialistische presidenten Theodore Roosevelt en Woodrow Wilson, was uiterst sceptisch over de mogelijkheid van een ware democratie in een complexe moderne samenleving. Het gewone volk kon zijn eigen belangen niet zomaar gaan formuleren, want dan zou het een chaos worden. Het publiek mocht tijdens verkiezingen hun stem geven aan - door coöptatie gekozen – beleidsbepalers en verder niets. Om dit proces mogelijk te maken moest de pers worden gebruikt. Zij was verantwoordelijk voor ‘het fabriceren van consensus… een zelfbewuste vaardigheid en standaard instrument van een regeringen die namens het volk besturen.’ Keer op keer onderstreepte Lippmann het belang dat journalisten de juiste ‘reflexen’ ontwikkelden en voldoende ‘geconditioneerd’ zouden worden waardoor ‘de aandacht van de media natuurlijk voor een belangrijk deel gestuurd’ kon worden ‘door de politieke machten.’ Hij besefte de propagandistische waarde van een gecontroleerde pers, die er diep van doordrongen is dat ze ‘moet… kiezen.’ Als lid van Wilson’s Commissie voor Publieke Informatie, speciaal in het leven geroepen om de oorlogspropaganda te coördineren, was hij erin geslaagd de sentimenten zo te bespelen dat de Amerikaanse bevolking deelname aan de Eerste Wereldoorlog uiteindelijk accepteerde. Maar niet alleen Lippmann, die onder president Wilson als assistent van de minister van Oorlog diende, was zo negatief over de wenselijkheid van een echte democratie. Het was de heersende opvatting in brede kringen van de Amerikaanse elite. Zo verklaarde Robert Lansing, minister van Buitenlandse Zaken onder president Wilson, dat de grote massa van de bevolking ‘onwetend en geestelijk onvolwaardig’ was en dus via de pers in de juiste richting gemanipuleerd moest worden. En ook Reinhold Niebuhr, hoogleraar Praktische Theologie uit New York, de ‘officiële theoloog van het establishment,’ waarschuwde voor ‘de domheid van de gemiddelde mens… het proletariaat,’ die niet de rede volgde maar het geloof en daarom door de media gevoed moest worden met ‘emotioneel krachtige oversimplificaties,’ die dienden om de ‘noodzakelijke illusie,’ in stand te houden. De illusie dat de VS een echte democratie was, waarbij iedere burger in alle vrijheid de politieke koers van zijn land bepaalt. Dezelfde illusie dus die Hofland tegen beter weten in in zijn column verspreidt. Volgens Niebuhr moet men ‘de verantwoordelijkheden van de macht onder ogen zien,’ zodat de ‘noodzakelijke illusie’ kon blijven bestaan. Die was noodzakelijk wilde de economische en politieke elite ongestoord haar werk kunnen doen, wat in de praktijk neerkwam op het uitbuiten en onderdrukken van het ‘proletariaat’ dat wereldwijd ‘onwetend en geestelijk onvolwaardig’ was. Het volk moest door de media gedisciplineerd worden en gedirigeerd, anders zou de Westerse beschaving ten onder gaan, zo vreesde Niebuhr. Het resultaat van deze strategie is niet uitgebleven, want ondanks of beter nog dankzij de overvloed aan massamedia is de constatering van de Britse auteur John Berger correct dat ‘er grote delen van de… arbeiders en middenklasse bestaan die zich niet helder kunnen uitdrukken als gevolg van de grootscheepse culturele deprivatie. De middelen om datgene wat ze weten te vertalen in gedachten is hen ontnomen… Ze bezitten geen voorbeelden die ze kunnen volgen, waarbij woorden ervaringen duidelijk maken.’ Een avondje televisie kijken en men weet wat Berger bedoeld. ‘Wat kan er, uitgezonderd halve waarheden, grove simplificaties of onbenulligheden, overgebracht worden aan dat halfgeletterde massale gehoor, dat… overal de voorstelling mag bijwonen?’ zo schreef de hoogleraar George Steiner, die aan Yale en Oxford doceerde. Op zijn beurt noemt de auteur Milan Kundera journalisten ‘termieten van de reductie,’ die ‘over de hele wereld dezelfde simplificaties en clichés uit[strooien], waarvan mag worden verwacht dat ze door de meerderheid zullen worden aanvaard, door allen, door de hele mensheid.’ Iedereen die deze consensus verbreekt, iedereen die weigert de rol van propagandist te spelen, vormt per definitie een bedreiging en moet dan ook met alle wapens bestreden worden.
Het was de voormalige hoofdredacteur van Trouw en huidige hoofdredacteur van Vrij Nederland, Frits van Exter die het zo fraai verwoordde toen hij tegenover Extra, een tijdschrift dat de media kritisch volgde, onder de kop: 'De conditionering van de kudde' het volgende verklaarde: 'Lezers horen wantrouwend te zijn tegenover de media ... De aandacht van de media [wordt] natuurlijk voor een belangrijk deel gestuurd … door de politieke machten … Dat geldt voor de nationale politiek, maar natuurlijk ook voor de internationale politiek … Het heeft voor een deel te maken met de vluchtigheid van het medium. Deels ook volgen de media elkaar, sommige zijn dominanter, en andere lijden aan kuddegedrag … Als je volgend bent, dan betekent dat als een autoriteit, of iemand die gekozen is om een bepaald gezag uit te oefenen, zegt “ik vind dit een belangrijk onderwerp, daar gaan we nou es wat aan doen,” dat je dat ook bekijkt. De dingen waar hij (sic) het niet over heeft, die volg je dus minder… het werkt voor een deel reflexmatig. Reflexen zijn het, je bent daar geconditioneerd in.'

Jan Marijnissen, wat ik wil zeggen is dit, denk na voordat je publiekelijk met allerlei nonsens aan komt zetten. 'effe dimmen' svp!

donderdag 26 april 2012

Chris Kijne van de VPRO 19


In het personeelskrantje van de Hilversumse omroepmedewerkers beweert Chris Kijne deze week het volgende:
‘Het punt is: er is niemand die het antwoord weet.
Er zijn heel veel schreeuwers  en blaters en kwakers met een mening – ik heb er ook wel eens één - maar de kern van de zaak is dat er de afgelopen decennia een financieel systeem is ontstaan dat zo groot is, en zo ondoorgrondelijk en zo losgezongen van de werkelijke economie, dat niemand meer kan inschatten hoe het in elkaar zit.’ 
'Ondoorgrondelijk... niemand [kan] meer inschatten hoe het in elkaar zit'? Welnu, deze bewering is aantoonbaar onjuist zoals iedereen kan weten die één van de talloze Amerikaanse studies heeft gelezen waarin gedocumenteerd de oorzaken worden beschreven van de kredietcrisis, en de corrumperende werking van het westerse financiele systeem uitvoerig uiteen werd gezet, van Robert Scheer’s The Great American Stickup en Les Leopold's The Looting of America tot Griftopia van de Rolling Stone-journalist Matt Taibbi, William Greider's Who will tell the People en de in het Nederlands vertaalde De Internationale Kredietcrisis van George Soros, om slechts vijf titels te noemen. En als dat teveel informatie is dan had Kijne als Nederlandse columnist nog altijd mijn weblog kunnen lezen waarin ik de afgelopen zes jaar talloze malen verwezen heb naar Amerikaanse publicaties die de onvermijdelijke ineenstorting van de ‘bubble machines, vampire squids, and the long con’ ruim voor 2008 hebben voorspeld. Nadat het onvermijdelijke was gebeurd, schreef ik op 8 oktober 2008 het volgende:
Gisteren legde Egbert Kalse, economisch redacteur van nrc.next, in zijn krant de financiele crisis als volgt uit voor de leek: 'Jij vraagt je natuurlijk af waarom jouw bank in Nederland in hemelsnaam in Amerikaanse hypotheken gaat beleggen? Dat komt omdat ze dachten daar meer geld mee te kunnen verdienen dan met andere beleggingen. Iedereen (dan bedoel ik voor de verandering maar weer eens echt iedereen) dacht dat de huizenprijzen in Amerika altijd zouden blijven stijgen. Dom natuurlijk, maar zo was het wel. En omdat iedereen dat dacht, dacht ook iedereen dat het wel veilig was daarin te beleggen. Niet dus.'

Met andere woorden: een foutje van iedereen, de bankiers, de politici en de overgrote meerderheid van de journalisten die al jaren het gespeculeer met geld dat er niet is hebben toegejuicht zodra er op de beurs weer een record werd gebroken.

Maar Egbert is niet goed geinformeerd. De lezers die de afgelopen drie jaar de rubriek Het Neoliberale Geloof op deze weblog hebben gelezen, weten dat bepaalde Amerikaanse deskundigen hier allang voor hebben gewaarschuwd. Een voorbeeld van iemand die al lang geleden met klem waarschuwde:

'On Sept. 7, 2006, Nouriel Roubini, an economics professor at New York University, stood before an audience of economists at the International Monetary Fund and announced that a crisis was brewing. In the coming months and years, he warned, the United States was likely to face a once-in-a-lifetime housing bust, an oil shock, sharply declining consumer confidence and, ultimately, a deep recession. He laid out a bleak sequence of events: homeowners defaulting on mortgages, trillions of dollars of mortgage-backed securities unraveling worldwide and the global financial system shuddering to a halt. These developments, he went on, could cripple or destroy hedge funds, investment banks and other major financial institutions like Fannie Mae and Freddie Mac.The audience seemed skeptical, even dismissive. As Roubini stepped down from the lectern after his talk, the moderator of the event quipped, "I think perhaps we will need a stiff drink after that." People laughed — and not without reason. At the time, unemployment and inflation remained low, and the economy, while weak, was still growing, despite rising oil prices and a softening housing market. And then there was the espouser of doom himself: Roubini was known to be a perpetual pessimist, what economists call a "permabear." When the economist Anirvan Banerji delivered his response to Roubini’s talk, he noted that Roubini’s predictions did not make use of mathematical models and dismissed his hunches as those of a career naysayer.'

Vier jaar en talloze publikaties later beweert de TV-journalist/columnist Chris Kijne in wezen hetzelfde als Egbert Kalse, die al die jaren volgens eigen zeggen weliswaar ‘dom’ was geweest en dus onwetend, maar die daarna wel zo slim was om in no time het boek Bankroet te schrijven over de oorzaken van de financiele implosie, een boek dat als volgt werd aangekondigd: In Bankroet beschrijven Kalse en Van Lent de oorzaken en gevolgen van de zwaarste economische crisis sinds de Grote Depressie. Van de huiseigenaren in Californië tot zakenbankiers op Wall Street. Van de whizzkids die de ingewikkelde financiële producten verzonnen tot Nederlandse bankiers aan de Zuidas. Van de toezichthouders die de crisis niet meer konden stoppen tot politici die hun nationale banken moesten redden. Bankroet gaat op zoek naar de schuldigen van deze crisis, beschrijft welke maatregelen kunnen helpen om een crisis als deze te voorkomen, analyseert hoe door die maatregelen alweer de zaadjes voor een nieuwe crisis gezaaid worden en blikt vooruit hoe het nu verder moet met het mondiale economische systeem.’
http://stanvanhoucke.blogspot.com/2009/10/egbert-kalse-van-de-nrc.html

Maar zelfs dat boek, geschreven voor een breed publiek, voor slechts 5 euro te koop bij www.bol.com heeft Kijne niet gelezen. Toch heeft hij een uitgesproken mening over de kredietcrisis. En dat terwijl Chris Kijne op de website van de VVOJ, de Vereniging van Onderzoeksjournalisten, vermeld staat als onderzoeksjournalist. http://www.vvoj.nl/cms/bio/chris-kijne/ Dat kan in Nederland. Later meer.



zaterdag 4 april 2009

De Nuance van de NRC 100


http://images.vimeo.com/21/35/09/213509530/213509530_506.jpg
De directeur/hoofdredacteur van de NRC, Birgit Donker, die niet weet dat welopgevoede mensen nooit het woord 'chique' gebruiken, maar dat alleen de nieuwe rijken dit doen, verklaart in het laatste nummer van het NRC-maandblad M: 'Ik zal niet zeggen dat de papieren krant het eeuwige leven heeft. De drager maakt niet zoveel uit. Of het nou inkt of papier is of pixels op het scherm. De kwaliteitsjournalistiek blijft wel van alle tijden.' Opmerkelijk is dat mevrouw Donker werkelijk van mening is dat de NRC kwaliteitsjournalistiek bedrijft, met andere woorden, journalistiek op wereldniveau. Ze meent serieus dat 'onze economiesectie echt ontzettend goed [is], zo niet beter' dan de International Herald Tribune. Slechts 1 voorbeeld: dit schreef ik op acht oktober vorig jaar:

Gisteren legde Egbert Kalse, economisch redacteur van nrc.next, de financiele crisis als volgt uit voor de leek: 'Jij vraagt je natuurlijk af waarom jouw bank in Nederland in hemelsnaam in Amerikaanse hypotheken gaat beleggen? Dat komt omdat ze dachten daar meer geld mee te kunnen verdienen dan met andere beleggingen. Iedereen (dan bedoel ik voor de verandering maar weer eens echt iedereen) dacht dat de huizenprijzen in Amerika altijd zouden blijven stijgen. Dom natuurlijk, maar zo was het wel. En omdat iedereen dat dacht, dacht ook iedereen dat het wel veilig was daarin te beleggen. Niet dus.'

Met andere woorden: een foutje van iedereen, de bankiers, de politici en de overgrote meerderheid van de journalisten die al jaren het gespeculeer met geld dat er niet is hebben toegejuicht zodra er op de beurs weer een record werd gebroken.
Maar Egbert is niet goed geinformeerd. De lezers die de afgelopen drie jaar de rubriek Het Neoliberale Geloof op deze weblog hebben gelezen, weten dat bepaalde Amerikaanse deskundigen hier allang voor hebben gewaarschuwd. Een voorbeeld van iemand die al lang geleden met klem waarschuwde:

'On Sept. 7, 2006, Nouriel Roubini, an economics professor at New York University, stood before an audience of economists at the International Monetary Fund and announced that a crisis was brewing. In the coming months and years, he warned, the United States was likely to face a once-in-a-lifetime housing bust, an oil shock, sharply declining consumer confidence and, ultimately, a deep recession. He laid out a bleak sequence of events: homeowners defaulting on mortgages, trillions of dollars of mortgage-backed securities unraveling worldwide and the global financial system shuddering to a halt. These developments, he went on, could cripple or destroy hedge funds, investment banks and other major financial institutions like Fannie Mae and Freddie Mac.The audience seemed skeptical, even dismissive. As Roubini stepped down from the lectern after his talk, the moderator of the event quipped, "I think perhaps we will need a stiff drink after that." People laughed — and not without reason. At the time, unemployment and inflation remained low, and the economy, while weak, was still growing, despite rising oil prices and a softening housing market. And then there was the espouser of doom himself: Roubini was known to be a perpetual pessimist, what economists call a "permabear." When the economist Anirvan Banerji delivered his response to Roubini’s talk, he noted that Roubini’s predictions did not make use of mathematical models and dismissed his hunches as those of a career naysayer.'

Maar naar deze deskundigen luisterden Egbert Kalse en de meeste andere journalisten niet. Sterker nog, deze deskundigen werden gemarginaliseerd omdat ze buiten de officieel erkende consensus stonden. Een 'permabear' werd je dan denigrerend genoemd.
Wat ronduit absurd is, is het feit dat economisch redacteuren als Egbert Kalse nu opgevoerd worden als deskundigen, die de oorzaak van de luchthandel gemakshalve als ''dom'' afdoen.

Welnu, dat was zes maanden geleden. En intussen is bij de commerciele media niets wezenlijks veranderd. Niet voor niets probeerde Andre Spoor, de eerste hoofdredacteur van NRC/Handelsblad, Donker uit te leggen dat hij 'de eigenwijze stemmen van controversiele spannende figuren, de stem van de rebel [miste]' in de door haar geleide krant. Een stem, die dus niet voldoet aan het profiel van de krant die zij voor zich ziet als 'een grande dame' die niet alleen 'avontuurlijk' is, maar tevens 'chique' met 'een open geest', en ook nog eens voldoet aan de allereerste en belangrijkste eis, te weten dat ze geld oplevert.

Het is de droom van een meisje uit een beschermd milieu, dat ineens in de grote mensenwereld is terechtgekomen. Dit alles heeft natuurlijk niets met serieuze kwaliteitsjournalistiek te maken. Kwaliteitsjournalistiek heeft alles te maken met wat de Amerikaanse president en opsteller van de Grondwet, James Madison, als volgt formuleerde: 'A popular Government without popular information or the means of acquiring it, is but a Prologue to a Farce or a Tragedy or perhaps both. Knowledge will forever govern ignorance, and a people who mean to be their own Government, must arm themselves with the power knowledge gives.' Als geen ander zag hij hoe de begeerte en het egoisme bezit nam van de opkomende politieke klasse, die de democratie misbruikten om zichzelf te verrijken en zo de democratie uitholden. Men kan veel zeggen over onze parlementaire democratie, maar niet dat dit systeem de meerderheid van de burgers werkelijk de mogelijkheid geeft om zijn lot te bepalen. Dat wordt bepaald in de directiekamers van banken en grote concerns.

Wat Birgit Donker niet weet is dat de eerste generaties journalisten na de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring alles behalve 'grandes dames' waren. Integendeel, ze waren straatvechters die de politieke en economische macht het vuur aan de schenen legden. Of zoals in het boek Tragedy and Farce. How the American Media Sell Wars, Spin Elections, and Destroy Democracy' beschreven staat: 'The New York Tribune, the great American Journal of the mid-nineteenth century, was never neutral. It prodded the still-new nation to adress the sin of slavery, to consider the dangers of imperialism and to recognize the need to provide for the common welfare.' En over de journalisten 'they were anything but impartial observers.' Deze werkelijkheid staat haaks op die van mevrouw Donker. Het is geen toeval dat Birgit tot hoofdredacteur en directeur benoemd. Ze zit daar om winst te maken. Dat is alles. En de rest is gebabbel van een mevrouw die zich graag als een 'grande dame' ziet. Het heeft zowel iets van een tragedie als van een farce. Such is life.

I’m a Scholar of Genocide. We’re Entering a Terrifying New Era. A Must Read

  GIVE THE TIMES Account OPINION GUEST ESSAY I’m a Scholar of Genocide. We’re Entering a Terrifying New Era. July 21, 2026 Credit... Laura S...