• All governments lie, but disaster lies in wait for countries whose officials smoke the same hashish they give out.

  • I.F. Stone

zondag 13 november 2016

Frank Westerman's Provinciale Schrijverij 36


Geert Mak vergelijkt Trump met Hitler  — en schetst een gitzwarte toekomst. ‘Het is een drama,’ zegt historicus en Amerikakenner Geert Mak over de verkiezing van Trump. En voor wie dat niet wil horen heeft hij ook een boodschap, ‘je kunt je kop niet onder een emmer van domheid verschuilen.’ 
Blendle. Zaterdag 12 november 2016.

De eenvoud waarmee Nederlandse opiniemakers de gecompliceerde werkelijkheid kunnen reduceren tot een strijd tussen goed en kwaad, gepersonifieerd in twee personen, blijft verbijsterend. Mak verwart het symptoom van een ziekelijk fenomeen met de ziekte zelf. Op die manier weet hij wederom zijn ‘kop onder een emmer van domheid’ te ‘verschuilen.’ De profeet uit Bartlehiem reageert als het ware als een kind dat zich aan een tafel stoot en de tafel de schuld geeft. De profeet uit Bartlehiem en zijn mainstream-interviewers beseffen niet dat Trump het resultaat is van de wet van oorzaak en gevolg. De bredere context waaruit Trump is voortgekomen verdwijnt achter het simplistisch manicheïsme van de Makkianen. In zijn bestseller Reizen zonder John. Op zoek naar Amerika (2012) sprak mijn oude vriend prijzend en met grote stelligheid over 'het vitale karakter van de Amerikaanse democratie,’ en wel omdat hij, zo weet ik uit vele gesprekken met hem, niet in staat is door de uiterlijke schijn heen te kijken en zich laat bedwelmen door anekdotiek. Zijn pretenties staan in geen verhouding met zijn kennis. Hoewel Mak in al zijn onwetendheid er tot voor kort nog heilig van overtuigd was dat er sprake was van een ‘vitale… democratie’ in de VS, was die democratie allang tot op het bot uitgehold. In de woorden van de Amerikaanse journalist/auteur en oud New York Times-correspondent Chris Hedges:

Our capitalist democracy ceased to function more than two decades ago. We underwent a corporate coup carried out by the Democratic and Republican parties. There are no institutions left that can authentically be called democratic. Trump and Hillary Clinton in a functioning democracy would have never been presidential nominees. The long and ruthless corporate assault on the working class, the legal system, electoral politics, the mass media, social services, the ecosystem, education and civil liberties in the name of neoliberalism has disemboweled the country. It has left the nation a decayed wreck. We celebrate ignorance. We have replaced political discourse, news, culture and intellectual inquiry with celebrity worship and spectacle.

Maar ‘de populairste geschiedenisleraar van het land,’ zoals een ander journalistiek lichtgewicht  hem noemde, zag niets en hoorde niets tijdens zijn rondreizen door het land waarnaar hij, volgens eigen zeggen, ‘op zoek’ was, maar desalniettemin 'altijd al' een 'geheime liefde' voor koesterde. De Nederlandse mainstream-pers was laaiend enthousiast. NRC Handelsblad oordeelde onder de kop 'Mak schminkt Steinbeck af,' dat 

Mak er [helaas] al snel achter[komt] dat ‘Reizen met Charley’ een charmant maar gemankeerd model is om na te volgen. Steinbeck was vooral aan het jakkeren op amfetamine en vermeed eerder het contact met Amerika dan dat hij het zocht. Vele ontmoetingen onderweg zijn waarschijnlijk uit zijn dikke schrijversduim gezogen.

De neoconservatieve Volkskrant-columnist Paul Brill beweerde zelfs dat we hier te maken hadden met ‘een monumentaal boek met prachtige passages en een schat aan informatie,’ en dat ‘In dit boek Mak minstens zoveel goede momenten [heeft] als zijn illustere voorganger. En qua betrouwbaarheid wint hij het met gemak,’ van Nobelprijswinnaar John Steinbeck, die door Mak werd gekwalificeerd als een man, wiens ‘eeuwig sluimerende pessimisme,’ tenslotte leidde tot de conclusie dat:

Tijdens zijn reis met Charley hij voor het eerst ongenadig geconfronteerd [werd] met degene die hij in werkelijkheid was: een oudere man die zichzelf overschreeuwde, die zijn leeftijd niet kon accepteren, zijn jeugd niet kon loslaten.

Voortdurend op zoek naar ‘hoop’ omdat hij ‘niet zonder hoop’ kan leven, is bestseller-auteur Geert Mak, zoals zijn boeken aantonen, niet bereid dan wel niet in staat de werkelijkheid te zien, ook niet als die beschreven wordt door auteurs van wereldnaam, zoals Steinbeck, die al in de jaren vijftig voorzag dat de VS ‘een gitzwarte toekomst’ tegemoet ging, vanwege een ‘creeping, all pervading, nerve-gas of immorality which starts in the nursery and does not stop before it reaches the highest offices, both corporate and governmental,’ en die in een brief aan zijn vriend en toenmalige Democratische presidentskandidaat Adlai Stevenson uiteenzette:

We can stand anything God and Nature can throw at us save only plenty. If I wanted to destroy a nation, I would give it too much and I would have it on its knees, miserable, greedy and sick… Someone has to reinspect our system and that soon. We can’t expect to raise our children to be good and honorable men when the city, the state, the government, the corporation all offer the highest rewards for chicanery and dishonesty. On all levels it is rigged, Adlai.

Zelfs nog in 2012 was Geert Mak te bot om dit profetisch inzicht op zijn waarde te kunnen schatten en beschuldigde hij Steinbeck — wiens Travels with Charley (1962) nog steeds herdrukt wordt en nu ook in het Nederlands is vertaald — ervan een ‘doemdenker’ te zijn. Een charlatan als Mak kan, vooral in Nederland, tot grote hoogte stijgen met een handvol babbels, aangezien de mainstream-pers van nature geen historische kennis bezit, met als gevolg dat ‘in het land der blinden éénoog koning is,’ en je hier ‘je kop’ wel degelijk ‘onder een emmer van domheid’ kunt ‘verschuilen.’ Zijn oproep om op ‘War Hawk’ Hillary Clinton te stemmen, de keuze van de corrupte neoliberale elite, is daarvan een andere typerend voorbeeld. De prominente Amerikaanse onderzoeksjournalist Robert Parry schreef in een analyse, onder de kop ‘Why Trump Won; Why Clinton Lost,’ op 9 november 2016:

In the end, Hillary Clinton became the face of a corrupt, arrogant and out-of-touch Establishment, while Donald Trump emerged as an almost perfectly imperfect vessel for a populist fury that had bubbled beneath the surface of America.

There is clearly much to fear from a Trump presidency, especially coupled with continued Republican control of  Congress. Trump and many Republicans have denied the reality of climate change; they favor more tax cuts for the rich; they want to deregulate Wall Street and other powerful industries – all policies that helped create the current mess that the United States and much of the world are now in.

Further, Trump’s personality is problematic to say the least. He lacks the knowledge and the temperament that one would like to see in a President — or even in a much less powerful public official. He appealed to racism, misogyny, white supremacy, bigotry toward immigrants and prejudice toward Muslims. He favors torture and wants a giant wall built across America’s southern border.

But American voters chose him in part because they felt they needed a blunt instrument to smash the Establishment that has ruled and mis-ruled America for at least the past several decades. It is an Establishment that not only has grabbed for itself almost all the new wealth that the country has produced but has casually sent the U.S. military into wars of choice, as if the lives of working-class soldiers are of little value.

On foreign policy, the Establishment had turned decision-making over to the neoconservatives and their liberal-interventionist sidekicks, a collection of haughty elitists who often subordinated American interests to those of Israel and Saudi Arabia, for political or financial advantage.

The war choices of the neocon/liberal-hawk coalition have been disastrous — from Iraq to Afghanistan to Libya to Syria to Ukraine — yet this collection of know-it-alls never experiences accountability. The same people, including the media’s armchair warriors and the think-tank ‘scholars,’ bounce from one catastrophe to the next with no consequences for their fallacious ‘group thinks.’ Most recently, they have ginned up a new costly and dangerous Cold War with Russia.

For all his faults, Trump was one of the few major public figures who dared challenge the ‘group thinks' on the current hot spots of Syria and Russia. In response, Clinton and many Democrats chose to engage in a crude McCarthyism with Clinton even baiting Trump as Vladimir Putin’s ‘puppet’ during the final presidential debate.


It is somewhat remarkable that those tactics failed; that Trump talked about cooperation with Russia, rather than confrontation, and won. Trump’s victory could mean that rather than escalating the New Cold War with Russia, there is the possibility of a ratcheting down of tensions.

Thus, Trump’s victory marks a repudiation of the neocon/liberal-hawk orthodoxy because the New Cold War was largely incubated in neocon/liberal-hawk think tanks, brought to life by likeminded officials in the U.S. State Department, and nourished by propaganda across the mainstream Western media.

It was the West, not Russia, that provoked the confrontation over Ukraine by helping to install a fiercely anti-Russian regime on Russia’s borders. I know the mainstream Western media framed the story as ‘Russian aggression’ but that was always a gross distortion. 

There were peaceful ways for settling the internal differences inside Ukraine without violating the democratic process, but U.S. neocons, such as Assistant Secretary of State Victoria Nuland, and wealthy neoliberals, such as financial speculator George Soros, pushed for a putsch that overthrew the elected President Viktor Yanukovych in February 2014.

Putin’s response, including his acceptance of Crimea’s overwhelming referendum to return to Russia and his support for ethnic Russian rebels in eastern Ukraine opposing the coup regime in Kiev, was a reaction to the West’s destabilizing and violent actions. Putin was not the instigator of the troubles.

Similarly, in Syria, the West’s ‘regime change’ strategy, which dates back to neocon planning in the mid-1990s, involved collaboration with Al Qaeda and other Islamic jihadists to remove the secular government of Bashar al-Assad. Again, Official Washington and the mainstream media portrayed the conflict as all Assad’s fault, but that wasn’t the full picture.

From the start of the Syrian conflict in 2011, U.S. ‘allies,’ including Saudi Arabia, Qatar, Turkey and Israel, have been aiding the rebellion, with Turkey and the Gulf states funneling money and weapons to Al Qaeda’s Nusra Front and even to the Al Qaeda spinoff, Islamic State. 

Though President Barack Obama dragged his heels on the direct intervention advocated by then-Secretary of State Hillary Clinton, Obama eventually went in halfway, bending to political pressure by agreeing to train and arm so-called ‘moderates’ who ended up fighting next to Al Qaeda’s Nusra Front and other jihadists in Ahrar al-Sham.

Trump has been inarticulate and imprecise in describing what policies he would follow in Syria, besides suggesting that he would cooperate with the Russians in destroying Islamic State. But Trump didn’t seem to understand the role of Al Qaeda in controlling east Aleppo and other Syrian territory.

De hooguit half-geïnformeerde Mak had voor deze werkelijkheid geen belangstelling. Hij deelde de mening van Hillary Clinton die op 9 september 2016 het volgende had verklaard:

To just be grossly generalistic, you can put half of Trump’s supporters into what I call the ‘basket of deplorables (verachtelijke sujetten. svh).’ Unfortunately there are people like that. And he has lifted them up.

Het grote probleem met Mak en de Makkianen in de journalistiek is dat zij, in tegenstelling tot literatoren, niet bij machte zijn om de realiteit te ontmaskeren. Afgezien nog van hun alles verblindende ideologische georïenteerdheid, ontbreekt het hen aan een bepaalde subtiliteit, die de Duitse auteur Joachim Fest wel bezat. In zijn boek Tegenlicht zette hij het volgende uiteen over de commedia dell’arte

Hun maskers zijn geen vermomming, maar onthulling. In tegenstelling tot het carnavalsmasker blijkt daaruit niet wat iemand in het geheim zou willen zijn, maar wat hij, achter alle kostumering van het permanente carnaval van het leven, in werkelijkheid is… Af en toe kan het onechte in de kunst toch het ware zijn…

Het maatschappelijk lichaam verliest onmerkbaar zijn toekomst. Dan is de tijd gekomen voor genot en algemene consumptie. Het vrijwel altijd schitterende en meeslepende einde van een staatsconstructie wordt gevierd met een feestelijk vuurwerk, waarbij alles wordt verbrand wat men tot die tijd niet durfde te verspillen. De staatsgeheimen, de particuliere schaamtegevoelens, de onderdrukte gedachten, de lange tijd verjaagde dromen, de totale overmatig geprikkelde en opgewekt vertwijfelde bestaansgrondslag, alles wordt naar buiten gekeerd en in het openbare bewustzijn geworpen…

Voor de eerste maal zijn wij getuige van een decadentie-proces dat niet begeleid wordt door verfijningen, dat grootsheid noch stijl afleidt uit het bewustzijn van de eigen vergankelijkheid, en waarbij de instellingen samen met de goede smaak in verval raken. Geen feestelijk vuurwerk in elk geval, geen apotheose, maar een dood zonder verheerlijking. Dat blijkt op allerlei punten, uit het brutalisme van de architectuur en van de kunsten in het algemeen, uit het steeds primitiever worden van de taal en de expressie, en ook uit de ordinaire vreugde in alles wat massaal is. Bij het beeld van cultureel late tijdperken, van het hellenisme tot in het begin van deze eeuw, hoort de cultus van het individuele en wat daar voor doorgaat: scepsis en ironie, het gevoel voor maskerade, spel met ideeën en citaten, en de algemene transformatie van al het reële tot literatuur. In plaats daarvan overheersen nu de overtuigingen. In het koor van als oerkreet uitgestoten opvattingen, waarvan de straten weergalmen, verdrinkt elke mogelijkheid tot intelligente omgang met de tegenstellingen, het geluk van de radeloosheid, zonder dat het gehoord wordt. En een alternatieve cultuur, die alles loochent wat bij het begrip cultuur hoort, namelijk het streven naar vorm in alle opzichten, vindt ontelbare aanhangers. Men kan jammeren over dergelijke verschijnselen. Opvallend is hierin dat de geschiedenis dergelijke regressieprocessen steeds verbindt met de beelden van geestelijke ondermijning of van geweld dat van buiten komt, terwijl de verwoesters in dit geval uit de coulissen van de verouderde cultuur zelf te voorschijn komen: een avant-garde van de verveling, vol verachting voor het traditionele en open voor elke afbrekende neiging; zonder ware kracht echter, ondanks alle voorkeur voor het vulgaire en haveloze…

Dat had een eigenaardige cultuur van onmacht opgeleverd. De kenmerken waren ontrouw, opportunisme, geweld, onverschilligheid en geslepenheid.

Aldus Fest. De communicatiemedia zouden de werkelijkheid moeten laten zien door te ontmaskeren of die juist moeten maskeren met een grotesk masker dat duidelijk laat zien dat we met politiek gevaarlijke malloten te maken hebben. Zij doen geen van beiden. De communicatiemedia zijn een onlosmakelijk onderdeel geworden van de propagandaoorlog die elke dag woedt en waarachter de ware macht zich schuilhoudt. Vandaar dat zij sprakeloos waren toen begin deze eeuw voor hen volkomen onverwacht Pim Fortuyn op het toneel verscheen. Zij hadden al die jaren  niet gemerkt dat onder de bevolking een rancune tegen de gecorrumpeerde politici en media aan het groeien was.  Hierbij speelt de volgende wetmatigheid een doorslaggevende rol: des te minder de journalistiek functioneert, des te slechter weet de macht wat er buiten het pleintje in Den Haag gebeurt, want de macht bezit dan minder ogen en oren om zich een goed beeld te vormen van de werkelijkheid. Net als een despoot krijgt ook de ongeloofwaardig geworden ‘democratische’ macht alleen nog te horen wat zij gewend is te horen en wat zij in feite wil horen. Net zolang tot de realiteit de leugen heeft ingehaald. Alleen de satirici Koot en Bie zagen dat de Tegenpartij (‘is er voor jou en voor mij’) succesvoller werd, maar omdat de journalistiek en de politiek dachten dat zij te maken hadden met twee grappenmakers op televisie trokken zij geen consequenties uit datgene dat zich onder hun neus voltrok. Het is bijna onmogelijk om satirisch te zijn over de satire van de westerse politiek, omdat door de vertekening van de massamedia, de politici en hun woordvoerders de satire niet meer herkennen. Tot de geschiedenis de voordeur binnenmarcheert en de opiniemakers en politici met een mond vol tanden alleen nog weten op te merken dat ‘we’ ineens geconfronteerd zijn met ‘een gitzwarte toekomst,’ en menen dat Trump het probleem is. De Makkianen begrijpen domweg niet wat zich voor hun ogen heeft afgespeeld, een onnozelheid die ook nog eens versterkt wordt door hen uit te nodigen als ‘deskundigen.’ In tegenstelling tot Mak is de vooraanstaande journalist/cineast John Pilger wel bij machte geweest vanuit een breed perspectief de context te beschrijven waarin de acteurs op het politieke toneel staan. Enkele uren na de verkiezingsuitslag verklaarde hij tijdens een televisie-interview: 

I think the only people who are surprised are those who enabled it to happen. I am speaking about mainly what is called in the United States the liberal class. They told us that only a corrupt war-mongering status quo would be acceptable for the majority. They have created Trump, in the same way they created Blair and others like these populists. In the U.S. they corrupted a voting system within the Democratic Party that ensured that the other populist, Bernie Sanders, could not be chosen but instead the corrupt candidate of the status quo, who declared the whole world a battlefield. This grotesque campaigning for a person who represented great rapacious (roofzuchtig. svh) power as a candidate of sanity has been probably the most eye-opening side of this.

She is clearly the embodiment of a corrupt system. She is the embodiment of a dangerous war mongering system, that has declared the world a place where it can go to war, wherever it likes, where it can bombe agricultural communities in Yemen where half the children are malnourished, where it can do what it likes. Syria, do what it likes, Iraq. I think most of humanity regards that kind of behavior from the, allegedly, most powerful country in the world abhorrent (weerzinwekkend. svh) and she has been the embodiment of that. 

Now, what Trump will be is an open question. He says he is anti-establishment, but of course he will come with his own establishment. He is only anti-their establishment. I don’t believe for a moment that he is anti a wider establishment in the U.S., indeed, he is a product of it. 

What we see now is the shocked surprise, the same as after the Brexit-vote, a kind of: how dare these people ven their frustrations at the ballot box. The truth is that in the United States there was no one to vote for. There was perhaps Sanders earlier on, but he was a kind of minority populist with a large following, but the system threw up those who could afford it, Trump had his own money, Clinton was backed by the arms companies. She was the only candidate whose financial backers included all, but one, leading arms manufacturers in the world. People for all kinds of reasons don’t like this, mainly because of what has happened to their lives, the way a corrupt banking system has destroyed their lives, destroyed jobs, destroyed whole cities and towns. The Democratic Party once claimed to represent them. That’s why they voted for Trump. He articulated it very well, there is no question about that. Any Trump coming along, up against a candidate representing this corrupt status quo, this corrupt establishment, would have won. 


Vandaag, zondag 13 november 2016, vraagt de Vlaamse hoofdredacteur Peter Vandermeersch van Neerlands zelfbenoemde ‘kwaliteitskrant’ NRC Handelsblad zich verbaast af:

Waarom zagen wij media Trumps overwinning niet aankomen? Om maar meteen met de deur in huis te vallen: ook op de redactie van NRC waren we in de nacht van dinsdag op woensdag verrast, en velen van ons zelfs geschrokken en geschokt. Samen met zowat alle Amerikaanse media hadden we de verkiezingsoverwinning van Donald Trump niet zien aankomen. Op Amerikaanse media regent het nu mea culpa’s. Sterker nog. Ik had een déjà vu-gevoel, want ook bij de Brexit en het Oekraïnereferendum geloofden velen op de redactie van deze krant dat de bevolking wel een ‘verstandige’ stem zou uitbrengen. Ik sta nog steeds achter het hoofdredactionele artikel waarin we vorige zaterdag schreven dat de VS konden kiezen tussen ‘een vrouw en een historische vergissing’. Maar een week later blijkt dat de VS wel degelijk kozen voor een politieke amateur. Heb ik dan het gevoel dat wij bij NRC onze journalistieke plicht niet naar behoren vervulden? Ik zit er dubbel in. Ik ben blij met de evaluatie die onze onafhankelijke ombudsman maakte. Maar blijf me afvragen of we toch nog een slag meer hadden moeten en kunnen maken. Het is een vraag die we ons vooral moeten stellen met het oog op de naderende verkiezingen in Nederland. 

De hele probleemstelling van Van der Meersch is lachwekkend, evenals zijn kwalificaties als ‘politieke amateur.’ Wie is nu in een zogenaamde ‘democratie’ een ‘politieke amateur’? De man die de risee was van de hele mainstream-journalistiek en won, of de mevrouw die — in de woorden van opiniemaker Henk Hofland — ‘de ideale kandidaat’ was van de hele mainstream-journalistiek, en vervolgens verloor? Of is Trump ‘een politieke amateur’ omdat de gecorrumpeerde mainstream-pers inmiddels zo amateuristisch is dat zij de werkelijkheid niet meer kan registreren? Als onafhankelijk journalist zou ik juist stellen dat mijn collega's van de commerciële pers 'politieke amateurs' zijn. Die merken niet eens dat ze al jaren in hun blote bips rond lopen. Alleen al de beschrijving van hoofdredacteur Peter Vandermeersch is tekenend voor het feit dat John Pilger volkomen gelijk had, toen hij als onderzoeksjournalist van wereldnaam als volgt antwoordde op de vraag waarom de ‘vrije pers’ de uitkomst niet had voorzien:

They are not journalists, they are anti-journalists. One of the most revealing aspects of this has been the exposure of journalism, the exposure of journalism as an extension of that same corrupt establishment power that I have been speaking about. They are not independent, they are echo chambers, they amplify and echo that which is handed down to them, and the greatest echo chambers are the so called enlightened, respectable media. The New York Times has become a kind of Cold War propaganda sheet with all the nonsens about Russia interfering in this campaign. Yesterday (de dag van de verkiezing. svh) there was an article in the Guardian determining ‘Who is to blame for this awful US election?’ with words like ‘The Hall of Shame,’ by Jonathan Freedland (columnist, bekend vanwege zijn uitgesproken zionistische opvattingen. svh), in which he pointed the finger at a truth teller like Jonathan Assange, as if he would be to blame that if Hillary Clinton, this paragon (toonbeeld. svh) of liberale virtue, was defeated. It is grotesque. That is not journalism. If they now sulk and wring their hands, believing we now have a ‘monster in power,’ than they forget there was a monstrous situation applied in the United States, and journalists enabled it. In a sense they created Trump, because the media, along with the Pentagon, the CIA, the State Department and all the rest, including the Republican Party were Trump’s opponents, they all were, the BBC, CNN, Guardian, The New York Times, you name it, because Hillary Clinton represented them. 

Dat de westerse mainstream-media ‘amplify and echo that which is handed down to them,’ is ook precies de taak die de elite en haar woordvoerders voor ogen stond sinds het ontstaan van de massamaatschappij. Bijna een eeuw geleden zette de invloedrijkste Amerikaanse media-ideoloog en adviseur van talloze presidenten, Walter Lippmann, uiteen dat ‘public opinions must be organized for the press if they are to be sound, not by the press,’ aangezien 

[w]ithout some form of censorship, propaganda in the strict sense of the word is impossible. In order to conduct propaganda there must be some barrier between the public and the event. Access to the real environment must be limited, before anyone can create a pseudo-environment that he thinks is wise or desirable.

Op zijn beurt benadrukte Edward Bernays, die als grondlegger van de public relations-industrie in 1999 door Life Magazine werd uitgeroepen tot 'one of the 100 most influential Americans of the 20th century,' al in 1928 dat de:

conscious and intelligent manipulation of the organized habits and opinions of the masses is an important element in democratic society. Those who manipulate this unseen mechanism of society constitute an invisible government which is the true ruling power of our country.

In 1984 concludeerde de Amerikaanse historicus Marvin Olasky dat Bernays in het begin van de twintigste eeuw 'één van de eersten' was geweest 

to realize fully that American 20th Century liberalism would be increasingly based on social control posing as democracy, and would be desperate to learn all the opportunities for social control that it could. 

De Amerikaanse historicus, professor Stewart Ewen, komt in zijn studie PR! A Social History of Spin (1996) tot de conclusie dat:

the mass media, dominated by commercial interests, would provide subservient channels through which as broad public might be schooled to a corporate point of view.

In zijn boek Crystallizing Public Opinion schreef Bernays in 1923 over en voor zijn rijke opdrachtgevers: 

The minority has discovered a powerful help in influencing majorities. It has been possible so to mould the mind of the masses that they will throw their newly gained strength in the desired direction. Propaganda is the executive arm of the invisible government.

The conscious and intelligent manipulation of the organized habits and opinions of the masses is an important element in democratic society. Those who manipulate this unseen mechanism of society constitute an invisible government which is the true ruling power of our country.

En:

If we understand the mechanism and motives of the group mind, is it not possible to control and regiment the masses according to our will without their knowing about it? The recent practice of propaganda has proved that it is possible, at least up to a certain point and within certain limits. 

Volgens hem was 'this scientific technique of opinion-molding’ gericht op ‘engineering of consent’ door ‘regimenting the public mind every bit as much as an army regiments the bodies of its soldiers.’ Dit propagandamodel dat een cultuur van produceren en consumeren mogelijk maakte, lijkt zijn langste tijd te hebben gehad doordat de arbeidersklasse en nu ook de westerse middenklasse steeds meer de dupe wordt van het geglobaliseerde neoliberalisme, zoals talloze kritische intellectuelen in vooral de Angelsaksische landen hebben opgemerkt. Desondanks hebben de elite en haar massamedia die steekhoudende kritiek stelselmatig en uiterst hautain genegeerd. Het probleem voor de zelfbenoemde ‘vrije pers,’ die als ‘an extension’ functioneert van de ‘corrupt establishment power,’ is dat zij niet langer meer vrijblijvend het geloof in de vooruitgang kan verkondigen, nu het kapitalisme de fase van ‘baanloze groei’ is ingegaan, waardoor zelfs volgens de neoliberale spreekbuis The Economist

de mogelijkheden van mensen ongelijk [zullen] blijven. In een wereld die economisch steeds meer gepolariseerd is, zullen velen hun kansen zien verminderen, terwijl hun salarissen worden afgeknepen. De beste manier om hen te helpen is niet, zoals links vaak denkt, dan maar het minimumloon te verhogen. Dat zou de verschuiving van 'werk laten doen door mensen' naar 'werk laten doen door computers' alleen maar versnellen. Het is beter hun lonen op te hogen met publiek geld, zodat iedereen die werkt een redelijk inkomen heeft…

Veel van de banen die gevaar lopen voor mensen [zijn] onderaan de maatschappelijke ladder, terwijl de vaardigheden die het minst kwetsbaar zijn voor automatisering (creativiteit, management) vaak het terrein zijn van hoger geplaatsten…

De boosheid over de toegenomen ongelijkheid zal groeien, maar politici zullen moeite hebben er iets aan te doen. De vooruitgang mijden zal net zo onzinnig blijken te zijn als protesteren tegen de gemechaniseerde weefgetouwen in 1810. Want elk land dat weigert mee te doen wordt ingehaald door landen die de nieuwe technologie omarmen. En de mogelijkheden om de rijken te straffen met hoge belastingen zullen beperkt zijn, omdat kapitaal en hooggeschoolde arbeidskrachten dan doodleuk naar een ander land verhuizen,

met als gevolg dat onder druk van de financiële macht steeds meer werk door de technologische vernieuwingen en het exporteren van werk naar de goedkope lonen landen, steeds meer burgers overtollig worden en daardoor een toenemend sociaal probleem vormen voor het neoliberalisme, zoals nu blijkt uit de geschrokken en verontwaardigde reacties van zowel de elite als haar woordvoerders op de opkomst van het ineens zo gevreesde ‘populisme.’ Die reactie verraadt een gevaarlijke tendens, vergelijkbaar met hetgeen in de jaren dertig vooral in Europa gebeurde, namelijk de opkomst van wat ik voor alle duidelijkheid het fascisme noem. In plaats van naar de politieke en economische oorzaken te zoeken van de opkomst van ‘het populisme,’ is de reflex van mainstream-journalisten om de schuld te leggen bij degenen die in verzet zijn gekomen tegen het ‘corrupt’ en ‘dangerous war mongering system.’ Een typisch voorbeeld hiervan was het onthullende commentaar van de Volkskrant-correspondent Peter Giesen die, na het bekend worden dat Trump de presidentsverkiezing had gewonnen, sprak van 

de enorme bezorgdheid die de verkiezing van Trump in Europa heeft veroorzaakt. 'De gebeurtenissen van de laatste maanden en dagen moeten worden behandeld als een waarschuwingsteken voor iedereen die gelooft in de liberale democratie', zei Donald Tusk, president van de Europese Unie, 

waarbij de letterknecht allereerst en vooral doelde op ‘diplomaten, politici, captains of industry en media,’ die ‘zich zorgen [maken],’ en die ‘het populisme als een demagogische stroming’ zien, ‘waar niets goeds van te verwachten valt.’ Het hypocriete hieraan is dat de commerciële massamedia, inclusief de Volkskrant, op jacht naar zo hoog mogelijke oplages, het juist van ‘het populisme’ moeten hebben, zoals één blik op hun werk onmiddellijk zichtbaar maakt. Maar ondanks alle nadalen heeft de opkomst van het zogeheten ‘populisme’ één groot voordeel: Trump en zijn soortgenoten elders in de westerse wereld hebben de ‘corporate media’ hun masker afgetrokken. Het is nu onmiskenbaar duidelijk te zien welke elite-belangen zij behartigen, en waarom zij tot op het allerlaatste moment niet beseften dat een aanzienlijk deel van de bevolking de huidige elite en hun woordvoerders op radio en tv en in de geschreven media al geruime tijd verafschuwt. Om te voorkomen dat man en paard werden genoemd, schreef Giesen: 

De populistische revolte wordt voor een belangrijk deel gedragen door de visser in Cornwall, de winkelier in de Provence en de werkloze in Mecklenburg-Voorpommeren, die het gevoel hebben dat zij alleen maar slechter worden van de globalisering.

Het feit dat het werk naar de lage lonen landen verdween of geautomatiseerd werd, zonder dat de 'democratie' hiertegen ook maar iets kon ondernemen, is volgens Giesen niet meer dan het ‘gevoel,’ van ‘verachtelijke sujetten’ (Clinton) dat ‘zij alleen maar slechter worden van de globalisering.’ Hij verzwijgt daarbij dat ook de sociaal-democratische politici meenden dat er ‘geen alternatief’ was ‘voor de maatschappelijke constellatie die we nu hebben’ en het ‘dus geen enkele zin’ had ‘daar naar te streven,’ waardoor de politieke vertaling van het verzet tegen de groeiende tweedeling van de samenleving monddood werd gemaakt. Door het neoliberalisme van de grote concerns en banken meenden de volksvertegenwoordigers van zowel gematigd links als rechts dat hier sprake was van een wetmatigheid die hen dwong te dereguleren en te privatiseren, met alle negatieve gevolgen van dien. Nu de politiek verantwoordelijken en de media geconfronteerd worden met hun failliete beleid en hun propaganda ervoor, leggen zij de schuld onmiddellijk bij ‘het populisme.’ John Pilger heeft gelijk te stellen dat opportunisten (als Peter Giesen) ‘are not journalists, they are anti-journalists,’ en dat ‘[o]ne of the most revealing aspects’ van de propagandistische rol die de media vandaag de dag spelen ‘has been the exposure of journalism.’ De commerciële journalistiek dient een systeem dat meer en meer totalitaire trekken heeft aangenomen. Al in de jaren vijftig beschreef de prominente Amerikaanse socioloog C. Wright Mills hoe elk onwelgevallig feit en elke dissidente opvatting in de mainstream-media werden weg gefilterd. Hij zette uiteen dat:

het doel van de opinie-organisatoren [is] om de bevolking in een voortdurende staat van emotionele onderworpenheid te houden... Immers, als het maar eenmaal gelukt is om een mentaliteit van volgzaamheid en gehoorzaamheid te kweken, is het niet moeilijk meer om de mensen te doen geloven en te doen voelen wat men maar wil... hun opinies zijn parallel omdat ze alle uit één bron afkomstig zijn: die van de media.

Het criminaliseren en zelfs demoniseren van Trump en zijn aanhang lost natuurlijk niets op. Het is een stuitende en tegelijk vergeefse poging om het huidige corrupte bestel alsnog te rechtvaardigen, en is niet meer dan een infantiele afleidingsmanoeuvre. De enige rationele conclusie die men uit de mainstream-propaganda kan trekken is gek genoeg dat de huidige politici op zoek moeten naar een nieuw volk, omdat het huidige niet deugt. Nadat Peter Giesen had beweerd dat de kiezers slechts ‘het gevoel hebben dat zij alleen maar slechter worden van de globalisering,’ schreef hij dat juist ‘Daarom populistische leiders rustig [kunnen] liegen, inconsistent zijn of zich schuldig maken aan schaamteloze demagogie.’ Kortom, door een ‘gevoel’ en niets anders, ‘kunnen populistische leiders rustig liegen, inconsistent zijn of zich schuldig maken aan schaamteloze demagogie,’ waarmee de Volkskrant-correspondent impliciet stelt dat als de gedupeerden van het neoliberalisme over feiten hadden beschikt, zij niet op ‘populisten’ hadden gestemd, oftewel: degenen die op een ‘populist’ stemmen, beschikken slechts over troebele sentimenten en niet over rationele argumenten. Dus zolang kiezers tegen hun eigen belang in blijven stemmen, reageren zij rationeel. Anders niet, aldus  Peter Giesen, die duidelijk is gehandicapt door een gebrek aan logica. Hij is een representant van de Nederlandse kwaliteitspers, die als één van de vele ‘echo chambers’ functioneert, en ‘amplify and echo that which is handed down’ vanuit elitekringen. Afkomstig uit de lagere middenklasse of misschien een arbeidersmilieu, is hij uiterst klassenbewust en weet hij welke broodheren hij moet behagen om niet, zoals zovelen uit zijn milieu, als overtollig op straat te eindigen. ‘Kiezers willen baas in eigen huis zijn, niet gehinderd door de EU of andere internationale verplichtingen,’ zo stelt Giesen in een poging op die simplistische manier de keerzijde van het neoliberale globalisme te verzwijgen. Peter Giesen bewijst al doende het truïsme dat: ‘A man flattened by an opponent can get up again. A man flattened by conformity stays down for good.’ Bij gebrek aan zelfrespect en de daaraan gekoppelde ‘normen en waarden,’ die de kern zouden vormen van het democratische Westen, is hij bereid zich te laten gebruiken door de ‘hooggeplaatsten,’ zoals Volkskrant-journalist Arie Elshout de macht betitelt.  


Wat niet doordringt tot al deze betaalde praatjesmakers is dat  bijvoorbeeld de ‘kiezers’ zich niet door de ‘EU’ vertegenwoordigd weten. Dat is geen 'gevoel,' maar een feit, nu steeds meer burgers de dupe  zijn van het neoliberale bolwerk in ‘Brussel’ dat het voortbestaan van ‘Jorwert’ als ‘eigen huis’ onmogelijk heeft gemaakt. In tegenstelling tot, ironisch genoeg, de journalistiek weet de burgerij maar al te goed hoe de lijnen lopen. Amper vier jaar geleden nog meende Geert Mak dat er in de VS sprake was van een ‘vitale democratie,’ en in zijn boek In Europa beweerde hij anno 2004 dat 'Europa als economische eenheid ook een eind op weg’ was, om zich na de kredietcrisis van 2008 wanhopig af te vragen: ‘Hoe zijn we zo plotseling in deze nachtmerrie terechtgekomen? en ‘Het Europese project als geheel is nu al zwaar beschadigd; met kunst- en vliegwerk blijft het misschien bestaan.’ Maar toch kloppen de mainstream-media nog steeds bij hem op de deur om van de orakelende ‘geschiedenisleraar’ te vernemen hoe zij de toekomst moeten inschatten. Niet een goed geïnformeerde insider als Chris Hedges zullen de Nederlandse media interviewen, maar de babbelende outsider Geert Mak. Luiheid en onwetendheid zijn de kenmerken van de zelfbenoemde ‘politiek-literaire elite’ alhier. Zelfs Mak’s bewering dat ‘je je kop niet onder een emmer van domheid [kunt] verschuilen’ is makkelijk aantoonbaar onjuist, want hijzelf demonstreert al jaren dat je dit in Nederland juist wel ongestraft kan doen. In zijn boek In America. Travels with John Steinbeck (2014) sprak hij het volgende braaf na:

in large parts of the world the United States is still the ‘world’s indispensable nation’ as Madeleine Albright once put it, the ‘anchor,’ the ‘default power.’ 

om nu slechts twee jaar later ‘een gitzwarte toekomst’ te schetsen. In slechts twee jaar tijd is de ‘wereld’ zijn ‘anker’ kwijt, zoals bekend ‘het zinnebeeld der hoop, die den mensch moed en kracht geeft, ook in de stormen des levens.’ En dit allemaal omdat er plotseling een verkeerde kapitein was aangetreden. Dit infantiele simplisme is kenmerkend voor de huidige journalistiek. De Makkianen zijn zich er nog steeds niet van bewust dat bijvoorbeeld Trump niet de oorzaak van de malaise is, maar het gevolg ervan. Zijn populariteit is mede het resultaat van acht jaar Obama, die van de verkiezingsbelofte ‘Change we can believe in’ een farce maakte, door onder andere corrupte bankiers onmiddellijk in zijn regering op te nemen, en door de neoconservatieve oorlogspolitiek niet radicaal te stoppen, waardoor ‘in fact, the U.S. military is now actively engaged in more countries than when Obama took office,’ en deze Nobelprijswinnaar voor de Vrede (2009) ‘the only U.S. president [is] to spend a full eight years with the nation at war.’ Dit terwijl in 2012, voorafgaand aan Obama’s herverkiezing, dezelfde Geert Mak op de EO-radio had verkondigd dat het 

het beter voor Nederland en de internationale gemeenschap [is] dat Obama de verkiezingen wint

Bovendien is onder Obama is de kloof tussen rijk en arm in de VS zelf almaar toegenomen. Maar de feiten spelen geen rol. Dankzij het perception management kan de naïeve en uiterst stupide veronderstelling dat de Democraten wezenlijk verschillen van de Republikeinen gewoon doorgaan, terwijl al ruim anderhalve eeuw de feiten het tegenovergestelde bewijzen. De poging van Mak en de rest van de mainstream-pers om Trump af te schilderen als een volstrekt afwijkende radicale uitwas, als iemand die een breuk forceert met de Amerikaanse geschiedenis, is niet alleen absurd maar inmiddels ook uiterst gevaarlijk, in de eerste plaats voor Europa. De Amerikaanse auteur Dennis Perrin begint zijn 118 pagina’s tellende boek Savage Mules. The Democrats And Endless War (2008), met het volgende citaat:

‘We're not inflicting pain on these fuckers. When people kill us, they should be killed in greater numbers. I believe in killing people who try to hurt you. And I can't believe we're being pushed around by these two-bit pricks.’ 

So riffed (doordraven. svh) President Bill Clinton in 1993, reviewing his options in Somalia, according to former aide turned TV host George Stephanopoulos in his book ‘All Too Human.’ 

Not quite the dope-smoking, adulterous anti-American commie that many right-wingers believed, and still believe, Clinton to be. But in American politics, reality is elastic, and can be stretched to fit any ideological mindset. Lash out privately at enemies real and imagined, Nixon-style; bomb smaller countries; marginalize the poor; further erode the Constitution while strengthening the police state; serve elites who never have to run for public office to enforce their interests — but if you happen to be a Democrat, you are immediately slimed (negatief getypeerd. svh) as a ‘socialist’ or worse by those who applaud and defend similar policies when enacted by Republicans. 

This political fantasia is scarcely the sole property of he American right. Liberals have their own strange visions about US political reality. I've witnessed this up-close and point-blank for much of my adult life. To many of them, the Democrats are a flawed but inherently decent party whose humane outlook is forever compromised by Republican slanders (beschuldigingen. svh) and personal insecurity. Even critical liberal bloggers and columnists hand the Dems a pass on most issues, simply because they believe that the mules (de ezel is het symbool Democratische Partij. svh) will eventually Get It Right, if only they can move past conservative lies and intimidation tactics. 

Structural analysis is not a liberal Democratic trait. But no matter. There are elections to be won, and many wrongs to be righted, whatever they may be, so American liberals must insist that the Democratic Party, if given enough power and positive reinforcement, will spread peace and prosperity to those who deserve it most, namely, American liberals who are active in the political arena. Their chief model for this? Bill Clinton, of course… 

The Clinton/Gore years did a serious number (beschadigen. svh) on what remained of American liberalism. But in many ways that administration was true to much of the Democratic Party's history. From their first president — Andrew Jackson in 1828 — to now, the Democrats have robbed, cheated, and lied to their constituents, while waging war on enemies, foreign and domestic, who threatened their power and means to make mega-profits. Hardly an earth-shattering statement, yes? But for a good many American liberals the above characterization is science fiction, if not open slander. They have convinced themselves that the better features of the Party — say, support for civil rights legislation, or legal abortion, or some kind of environmental protection — represent the true Democratic core, and that the uglier aspects are either deviations or cynical exercises in political expediency (doelmatigheid. svh)… 

Simply put, the Democrats will never undermine a system that gave them life and has nourished them ever since. It's been all downhill since the Louisiana Purchase (waarbij in 1803 president Thomas Jefferson het toenmalige grondgebied verdubbelde door een groot deel van het Midwesten van Napoleon te kopen, zonder enige rekening te houden met het feit dat, gezien ‘all men are created equal,’ het gebied met een oppervlakte van 212.000 hectaren werd gestolen van talloze Indiaanse volkeren die het gebied al duizenden jaren bewoonden. svh) Indeed, it's somewhat perplexing that liberals, when mocked as ‘weak’ by American reactionaries, don point to their Party's long, bloody history of territorial expansion and military aggression. 

The stirring phrase ‘Manifest Destiny’ (de negentiende eeuwse rechtvaardiging van het Amerikaans imperialisme. svh) is a Democratic original. Andrew Jackson (zevende president van de VS. svh) was a dedicated, accomplished ethnic cleanser — a Milosevic with better hair — forcibly relocating anywhere from 45,000 to 70,000 Indians while in office. Martin Van Buren (achtste president van de VS. svh) picked up Jackson's cue, overseeing, among other crimes, the ‘Trail of Tears,’ killing some 4,000 Cherokee. And James Polk (elfde president van de VS. svh)? Thanks to his war on Mexico (‘a war unnecessarily and unconstitutionally begun by the President of the United States’ as a Congressional rebuke (terechtwijzing. svh) at the time put it, with Rep Abe Lincoln in support), the remainder of the continental United States filled out, flaking room for freeways, strip malls, Hollywood, Vegas, celebrity-studded desert golf tournaments, and Napa Valley vineyard tours. 

Ter verduidelijking: de door de VS uitgelokte oorlog met Mexico had ten doel het in beslag nemen van Mexicaans grondgebied, in opdracht van de Democratische president James Polk.  

Congressman Abraham Lincoln (een Republikein. svh), speaking in a session of congress ‘the president unnecessarily and unconstitutionally commenced a war with Mexico… The marching an army into the midst of a peaceful Mexican settlement, frightening the inhabitants away, leaving their growing crops and other property to destruction, to you may appear a perfectly amiable, peaceful, un- provoking procedure; but it does not appear so to us.’ 

After war is underway, the American press comments:

February 11, 1847. The "Congressional Globe’ reports: ‘We must march from ocean to ocean....We must march from Texas straight to the Pacific ocean....It is the destiny of the white race, it is the destiny of the Anglo-Saxon Race.’ 

The New York Herald: ‘The universal Yankee Nation can regenerate and disenthrall the people of Mexico in a few years; and we believe it is a part of our destiny to civilize that beautiful country.’ 

American Review writes of Mexicans ‘yielding to a superior population, insensibly oozing into her territories, changing her customs, and out-living, exterminating her weaker blood.’ 

1848. Mexico surrenders on U.S. terms (U.S. takes over ownership of New Mexico, California, an expanded Texas, and more…

General Ulysses S. Grant calls the Mexican War ‘the most unjust war ever undertaken by a stronger nation against a weaker one.’

Ongeveer de helft van het Mexicaans grondgebied werd door de VS ingelijfd, de andere helft mocht Mexico behouden, omdat anders het aantal kleurlingen in de VS drastisch zou oplopen, hetgeen de racistische elite in Washington absoluut niet wilde. Dennis Perrin:

Once the US was solidified and planned to expand even further, the mainstream of the Democrats went along with the imperial consensus, when not shaping this consensus themselves…

Perhaps the best example of Democratic muscle-flexing is that of Woodrow Wilson's administration (1913-21). Throughout his first term, Wilson invaded and occupied Mexico, the Dominican Republic, Haiti, and Nicaragua — regional targets that were considered US property, or at least lacking autonomy worthy of American respect. But Wilson's most ambitious military foray came at the start of his second term, in 1917, when, after campaigning against US entry into the European war, Wilson immediately made plans to enter the European war. German submarine warfare in the Atlantic certainly helped Wilson's cause (even though the US was shipping arms to Germany's enemies), but it was clear long before that the Anglophile president would eventually side with Britain and France in containing a burgeoning (ontluikende. svh) Germany, which wanted its cut of global capital action. 

Once Wilson got rolling, the nation became his private preserve. 

Unable to convince enough young men to voluntarily enter his meat-grinder for democracy, Wilson instituted a military draft (dienstplicht. svh). And to make sure that no antiwar radicals fucked with his grand plan, Wilson oversaw the passage of the Espionage Act in June 1917, following it a year later with the Sedition Act. Under Woodrow Wilson, it became a federal crime to oppose the war openly, or denounce the state itself. This stemmed partly from the need to intimidate American youth into joining the mass slaughter overseas; but much of Wilson's reasoning was in reaction to the rise of political militancy, led by American radicals.

Few liberals like being criticized from their left, as it tends to expose them for who they really are. In Wilson’s case, it was a matter of geopolitical positioning, lucrative foreign markets, a much-needed stimulus to the sagging national economy (war is the state's best friend, etc.), and domestic political and social control. When radical newspapers and magazines lost their mailing rights, which essentially killed their circulations, it helped Wilson, given how accurately they had portrayed him to the masses.  

In strijd met deze werkelijkheid beweerde de door de polderpers uitgeroepen ‘Amerikakenner’ Geert Mak in zijn boek Reizen zonder John met niet geringe stelligheid dat ‘Wilson en Roosevelt, die de aanzet gaven tot een hele reeks internationale instituten die, ondanks alle problemen, een begin van orde brachten in de mondiale politiek en economie.' 

Met andere woorden, in de ogen van de ongeïnformeerde Makkianen bracht het gewelddadige Amerikaanse expansionisme ‘een begin van orde in de mondiale politiek.’ Het is een ‘orde,’ gekenmerkt door rascistische, fascistische en nationaal socialistische trekken, die uit de witte, christelijke cultuur zijn ontstaan. Het is een ‘orde’ die Geert Mak’s vader in 1936 verdedigde toen hij publiekelijk liet weten dat de Neurenberger Rassenwetten, waarbij joodse burgers in Duitsland uit de gemeenschap werden verbannen, ik citeer, ‘staatkundig tolerabel waren.’ Het is deze kapitalistische 'orde' die zijn zoon in zijn ode aan de VS prees toen hij beweerde dat de VS na 1945 ‘decennialang als ordebewaker en politieagent’ optrad. Het fascistische element van deze cultuur steekt vandaag de dag opnieuw zijn kop op, en mijn oude vriend Mak en zijn ‘kwaliteitsmedia’ als NRC Handelsblad en de Volkskrant voeden met hun leugens deze ontwikkeling. Meer hierover later.


Revenge of the ‘Deplorables’

Posted on Nov 9, 2016

By Robert Scheer

The people Hillary Clinton derided as a 'basket of deplorables' have spoken. They have voted out of the pain of their economic misfortune, which Clinton’s branch of the Democratic Party helped engender.

What you have is a defeat of elitism. Clinton’s arrogance was on full display with the revelation of her speeches cozying up to Goldman Sachs—the bank that caused this misery more than any other—and the irony of this is not lost on the people who are hurting and can’t pay their bills. This is a victory for a neofascist populism—scapegoating immigrants and Muslims—and if Bernie Sanders had been the Democrats’ candidate, I feel confident he would have won. We were denied the opportunity of a confrontation between a progressive populist, represented by Sanders, and a neofascist populist.

It’s a repudiation of the arrogant elitism of the Democratic Party machine as represented by the Clintons, whose radical deregulation of Wall Street created this mess. And instead of recognizing the error of their ways and standing up to the banks, Clinton’s campaign cozied up to them, and that did not give people who are hurting confidence that she would respond to their needs or that she gave a damn about their suffering. She’s terminally tone-deaf.

So too were the mainstream media, which treated the wreckage of the Great Recession as a minor inconvenience, ignoring the deep suffering of the many millions who lost their homes, savings and jobs. The candidate of Goldman Sachs was defeated, unfortunately by a billionaire exemplar of everything that’s evil in late-stage capitalism, who will now worsen instead of fix the system. Thanks to the arrogance of the Democratic Party leadership that stifled the Sanders revolution, we are entering a very dangerous period with a Trump presidency, and this will be a time to see whether our system of checks and balances functions as our Founding Fathers intended.
  
Make no mistake about it: This is a crisis of confidence for America’s ruling elite that far surpasses Nixon’s Watergate scandal. They were the enablers of radical deregulation that betrayed Franklin Delano Roosevelt’s contract with the American people in the wake of the Great Depression. The people are hurting, and regrettably, Trump was the only vehicle presented to them by either major party in the general election to register their deepest discontent. The Trump voters are the messenger; don’t demonize them in an effort to salvage the prestige of the superrich elite that has temporarily lost its grip on the main levers of power in this nation.

Thankfully, the Clinton era is over, and the sick notion that the Democratic Party of FDR needed to find a new home in the temples of Wall Street greed has been rudely shattered by the deep anger of the very folks that the Democrats had presumed to represent. That includes working-class women, who failed to respond to the siren song of Clinton, whom the Democratic hacks offered instead of a true progressive like Sanders or Elizabeth Warren. Yes, we need a female president, but not in the mold of Margaret Thatcher.




1 opmerking:

  1. De zelfbenoemde 'slijpsteen voor de geest', de geslepen NRC, gedraagt zich als een TV-Evangelist
    die openbaar boete doet voor een misstap.

    Hoevelen hadden en hebben het door, dat die boetedoening een valse is, niet bedoeld om bijv. lering
    uit te trekken of als belofte van verandering, maar een leugenachtige reclamecampagne, want met het
    vezwegen doel het 'zelf' omhoog te stuwen: kijk hoe eerlijk ik ben, ik ben groots in mijn boete-
    doening, ik verdien empathie, ik ben het waard niet door u verlaten te worden, blijf loyaal en samen
    worden wij grootster dan ooit.

    De meest gewiekste leugenachtigheid, de boetedoening met gespleten tong, ingezet voor wat uiteindelijk
    een particulier, commercieel doel is.

    Niet de waarheid staat erin centraal, niet de lezer. De bestendiging van leugen en bedrog, beschermers
    van dat smerige particuliere belang, dat is waar het om draait.

    BeantwoordenVerwijderen