• All governments lie, but disaster lies in wait for countries whose officials smoke the same hashish they give out.

  • I.F. Stone

zaterdag 20 juli 2013

Heleen Mees van de NRC 29



Een paar dagen geleden ontving ik de volgende reactie:
Rene heeft een nieuwe reactie op uw bericht "Heleen Mees van de NRC 27" achtergelaten:

Wat zal Mak blij zijn dat u een nieuw slachtoffer heeft gevonden waarover u uw frustraties kunt botvieren.
Ik lees uw stukken graag, omdat het een originele invalshoek heeft en ondanks dat u veel in herhaling treedt. Maar u slaat met het onderwerp Mees door in uw eigen gelijk en het spat van uw tekst af dat u ervan geniet dat Mees aangeklaagd is. Beetje goedkoop.

Dit is een opmerkelijke reactie om twee redenen:
  1. Op mijn weblog kan ik zien dat duizenden mensen mijn stukken over Heleen Mees en Mak hebben gelezen en dit is de eerste negatieve reactie.
  2. De half anonieme Rene geeft een mening, maar niettegenstaande mijn verzoek om concrete voorbeelden te geven op grond waarvan hij/zij tot dit oordeel komt, beargumenteert hij/zij niets.
Zonder feiten mij blijft deze mening voor mij nietszeggend, behalve in één opzicht: de reactie is kenmerkend voor een type mens in Nederland dat meent dat fundamentele kritiek op mainstream opiniemakers wel ingegeven moet zijn door óf ‘frustraties’ óf jaloezie, dan wel een combinatie van beide. Deze mensen kunnen zich niet voorstellen dat oprechte walging en zelfs woede over de schunnige hypocrisie, doortrapte lafheid en stuitende onwetendheid permanent gedocumenteerd bestreden dienen te worden in een zogeheten ‘democratie’ om te voorkomen dat de maatschappij nog verder ontzield raakt.  Mensen als Rene beseffen niet dat verzet tegen de voortdurende propaganda van de spreekbuizen van de macht uit andere motieven kunnen voortkomen dan persoonlijke rancune. Dat zegt meer, veel meer over Rene cum suis, dan over burgers die blijven terugpraten. Al dan niet via ‘een originele invalshoek,’ met andere woorden, een ‘invalshoek’ die men doorgaans niet in de commerciele mainstream media aantreft, waar alleen maar de officiele versie van de werkelijkheid gegeven wordt, zoals die ondermeer verwoord wordt door Geert Mak en Heleen Mees. Volgens Rene is niet de samenleving het ‘slachtoffer’ van de aantoonbare leugens, grofheid en onnozelheid van opiniemakers, maar juist de critici van deze woordvoerders van de macht. Hoogste tijd dus om beide publicisten, Mak en Mees in één adem te behandelen.
In zijn alom door autoriteiten geprezen vuistdikke boek In Europa laat de journalist Geert Mak Russische vrouwen kritiekloos beweren dat het glossy tijdschrift ‘Cosmopolitan de Russinnen  nieuwe rolmodellen [toont]’ van ‘ongebonden vrouwen… in staat om de genoegens van de postmoderne samenleving ten volle uit te buiten.’ Mak roept het beeld op dat het neoliberalisme een oplossing biedt aan de moderne mens, zeker  wanneer hij de uitgever van de Russische Playboy en Cosmopolitan, de SP-multimiljonair Derk Sauer, onweersproken laat beweren dat ‘dit blad de mensen [leerde] om hun individualiteit weer uit te dragen.’ Het feit dat de moderne mens zich door het technocratische systeem vervreemd voelt van zijn omgeving en vooral ook van zichzelf is al lang geleden door met name westerse intellectuelen van naam uitgebreid en gedetailleerd beschreven en verklaard. Vandaar dat Mak kon weten dat de uitgever Derk Sauer hem een leugen verkocht. Een leugen die hij op zijn beurt weer aan zijn publiek verkoopt. Acht jaar later, in 2012,  viel Geert Mak Nobelprijswinnaar John Steinbeck aan toen hij in Reizen zonder John schreef dat Steinbeck en andere ‘doemdenkers’ die rond 1960 kritiek hadden geuit op de Amerikaanse cultuur ‘met hun sombere voorspellingen de plank mis[sloegen],’ en wel omdat volgens Mak ‘Amerika na 1960 nog decennia van grote voorspoed [zou beleven].’ Zijn puur materialistisch argument illustreert Mak’s onvermogen om te beseffen dat de gevoelige Steinbeck precies hetzelfde zag als bijna een halve eeuw later de Britse auteur John Berger, die schreef dat ‘the consumer is essentially somebody who feels, or is made to feel, lost, unless he or she is consuming.’ Al in 1960 voelde Steinbeck zich ‘lost’ in het grote ‘nowhere’ waarin het door Mak bewonderde materialistische ‘droomland,’ was veranderd. In beide boeken worden de lezers van de bestsellerauteur Mak opgescheept met propaganda en onwetendheid. Om dit goed te kunnen beseffen dient men de grote schrijvers en denkers te hebben gelezen. Mensen als bijvoorbeeld de joods Hongaarse Nobelprijswinnaar Literatuur Imre Kertesz die het onderhuidse gevoel in het Avondland na de val van de Sovjet Unie als volgt verwoordde:
De vraag is terecht: waarom nemen in onze tijd zelfs vreugdevolle gebeurtenissen een onheilspellende kleur aan, waarom mobiliseren ze meteen de duisterste krachten, en waarom doemen ze in het beste geval als lastige en onoplosbare problemen aan de horizon? [...]

Nu de vruchten van veertig jaar strijd zijn gerijpt en ook het tweede totalitaire rijk is gevallen (de Sovjet Unie svh), domineert een algemeen gevoel van ineenstorting, wrevel en machteloosheid. Alsof een katterige sfeer door Europa waart, alsof het op een grijze ochtend bij het wakker worden gemerkt heeft dat het in plaats van twee mogelijke werelden nog maar één werkelijke wereld over heeft, de triomferende wereld van het economisme, het kapitalisme, het ideaalloze pragmatisme, zonder transcendentie en zonder alternatief, waaruit geen doorgang mogelijk is naar de vervloekte of het beloofde land -- naar keuze... dat geluidloze ineenzakken (dat ook de fluwelen revolitie wordt genoemd) lijkt iets in de mensen kapotgemaakt te hebben, onduidelijk wat: de ethiek van het verzet, die een bepaalde stevigheid gaf in een bestaansvorm, of een soort van hoop, die misschien nooit echte hoop is geweest, maar ongetwijfeld eveneens houvast bood -- in ieder geval heeft het een einde gemaakt aan de relativiteit van de vergelijking. En hier staan we nu als overwinnaars, leeg, moe en ontgoocheld.

Kertesz constateerde dit in 1994, precies tien jaar voordat Mak in zijn boek In Europa het tegenovergestelde beweerde, namelijk dat 'Europa als vredesproces een eclatant succes [was]' en 'Europa als economische eenheid ook een eind op weg [is].' Op zoek naar 'hoop' respecteert Mak alleen 'optimisten' en zeker geen 'doemdenkers,' zoals hij kritische westerse auteurs betitelt. En dus liet hij bijvoorbeeld Russinnen verklaren dat het Westen hen 'een complete andere levensstijl, met moderne en open verhoudingen tussen mannen en vrouwen, chefs en ondergeschikten' bood. Tegelijkertijd liet hij in zijn bestseller In Europa de SP-multimiljonair Derk Sauer over zijn Russische editie van Cosmopolitan onweersproken verklaren dat:

In de sovjettijd werd iedereen geacht gelijk te zijn. Dit blad leerde de mensen om hun individualiteit weer uit te dragen. Het was hun gids voor het nieuwe leven.

Een andere, ditmaal anonieme Russische bron, verklaarde:

Cosmopolitan toont de Russinnen nieuwe rolmodellen: ongebonden vrouwen, goed opgeleid, werkend, in staat om de genoegens van de postmoderne samenleving ten volle uit te buiten. Het zijn de overwinnaars van de mannen.

Deze neoliberale lofrede op ‘het nieuwe leven’ staat in schril contract met het inzicht van de Europese auteur Imre Kertesz, die drie totalitaire systemen wist te overleven, het nazidom, het communisme en nu het neoliberalisme. Terwijl Mak's ongefundeerd optimisme beloond werd met hoge oplages en bemoedigende schouderklopjes, bleef Kertesz buiten de schijnwerpers gewoon doorwerken en merkte hij aan het eind van de twintigste eeuw ondermeer op dat

de eeuw zich ziek [ligt] te wentelen in haar cel, te worstelen met zichzelf, met de vraag of ze haar eigen bestaan, haar zijnsvorm, haar bewustzijn zal aanvaarden of verwerpen, en terwijl ze daar ligt, gekweld door de pijn, wordt ze afwisselend overvallen door koortsaanvallen van agressie, verlammend schuldbesef, razend verzet en depressieve machteloosheid. Ze heeft geen helder besef van haar bestaan, ze kent haar doel, haar levenstaak niet, ze heeft haar creatieve plezier en haar verheffende rouw verloren, evenals haar vruchtbaarheid -- kortom: ze is ongelukkig.

Niets van deze geestesgesteldheid werd door Mak opgemerkt toen hij lovend over Europa schreef en over het verlangen van de Russen naar de bevrijdende werking van Sauer's Playboy voor de man en Cosmopolita voor de vrouw, die de 'overwinnaars van de mannen' zouden worden.  Deze blijde boodschap van de domineeszoon Mak leverde hem, evenals Sauer, zowel veel aanzien als veel geld op. Binnen een decennium waren beiden in het neoliberale Europa multimiljonair, een feit waarvoor de mainstream zijn petje afneemt, want alleen de rijken tellen. Succes bewijst in het Westen het grote gelijk. Ook in zijn vorig jaar verschenen Reizen zonder John blijft Mak verheugd beweren dat de 'soft power'  van de Verenigde Staten als grootmacht 'nog altijd sterk aanwezig,' is, waarbij hij het begrip als volgt verduidelijkt:

Soft power is, in de kern, de overtuigingskracht van een staat, de kracht om het debat naar zich toe te trekken, om de agenda van de wereldpolitiek te bepalen,

zonder in dit verband te vermelden dat de 'soft power' van de VS altijd begeleid wordt door de 'hard power' van 's wereld's zwaarst bewapende land, waarvan de militaire uitgaven

Dwarfs Rest Of The World. The United States spends 58 percent of the total defense dollars paid out by the world's top 10 military powers, which combined for $1.19 trillion in military funding in 2011. With its unparalleled global reach, the US outspends China, the next-biggest military power, by nearly 6-to-1.

De eindconclusie van de BBC-documentaire Hannibal. Conquerer of Rome vertelt in eenvoudige bewoordingen wat ieder geschoold iemand weet, namelijk dat Rome ‘the first imperialist superpower’ was en dat de Romeinen ‘shaped the world we live in today.’ In concreto:

The Roman mindset does not really allow for peaceful cooexistence with the other nations. In their worldview there could only be a single dominant power: Rome!

Inderdaad, Rome als ‘imperialistische superpower heeft de wereld geschapen waarin wij vandag de dag leven.’ Een wereld waarin de huidige ‘superpower’ geen ‘vreedzame coexistentie accepteert,’ omdat er maar één ‘dominante macht kan zijn,’ te weten: de VS, zoals zelfs het grote publiek weet. Deze door Mak verzwegen context werpt een heel andere licht op zijn stelling dat de VS 'de kracht' bezit 'om het debat naar zich toe te trekken,' de als geruststellend bedoelde boodschap waarmee hij zijn Europa doortrekt om her en der te vertellen dat 'de Amerikanen hele optimistische mensen [zijn] vergeleken met ons fatalistische Europeanen,' en dat ‘Amerika er over een halve eeuw beter voor[staat] dan Europa… Als je invloed en macht wilt hebben, moet je groots zijn. Dat is iets wat we in Europa van ze kunnen leren.’  Dankzij al deze voortreffelijke kwaliteiten zijn en hun in de ogen van Mak ‘vitale democratie’ zijn ‘de Amerikanen’ na de Tweede Wereldoorlog ‘decennialang’ de ‘ordebewakers en politieagenten’ van de wereld geweest, zoals de ondermeer de Vietnamezen, de Chilenen, de Irakezen en talloze andere volkeren aan de lijve hebben ondervonden.

Wat heeft dit allemaal te maken met Heleen Nijkamp c.q. Mees? Kort samengevat: Geert Mak verwoordt dezelfde neoliberale arrogante stupiditeiten als Heleen Mees. Een treffend illustratie daarvan is de gedachte dat het westerse consumptiemodel de vrouw bevrijdt en ‘de Russinnen  nieuwe rolmodellen [toont]’ van ‘ongebonden vrouwen… in staat om de genoegens van de postmoderne samenleving ten volle uit te buiten… een complete andere levensstijl, met moderne en open verhoudingen tussen mannen en vrouwen, chefs en ondergeschikten,’ terwijl ‘In de sovjettijd iedereen [werd] geacht gelijk te zijn’ kon een glossy magazine als Cosmopolitan het volk leren ‘om hun individualiteit weer uit te dragen. Het was hun gids voor het nieuwe leven.’ Zelfs Mak’s taal klinkt als die uit reclamefolders of de westerse neoliberale propaganda wanneer hij zonder enige relativering citeert: ‘nieuwe rolmodellen… overwinnaars van de mannen.’

Heleen Mees als ‘de overwinnaar’ van Willem Buiter, dankzij het feit dat zij een ‘ongebonden vrouw’ is ‘goed opgeleid, werkend, in staat om de genoegens van de postmoderne samenleving ten volle uit te buiten.’ Het is een wrede ironie dat ook Mees tot voor kort dit ideologische beeld enthousiast propageerde en in de praktijk probeerde te brengen. Of ze zichzelf ook daardwerkelijk zo zag is twijfelachtig, maar in elk geval presenteerde zij zich als een vrije, dynamische, academisch geschoolde jonge vrouw voor wie de kapitalistische wereld aan haar voeten lag. De werkelijkheid is zoals iedere zinnige volwassene weet veel gecompliceerder en soms tragischer. Alleen dromende pubers, Heleen Nijkamp in haar columns en Geert Mak in zijn boeken over Europa en Amerika, suggereren dat dit clichébeeld de waarheid vertegenwoordigt. Achter de façade schuilt evenwel een keiharde, meedogenloze, macchivallistische werkelijkheid die door geen enkele mainstream journalist zo krachtig is verwoord als door de woorvoerder bij uitstek van het Amerikaanse establishment, Thomas Friedman, opiniemaker van de New York Times. Hij schreef over het Amerikaans imperium het volgende:

De verborgen hand van de markt zal nooit werken zonder een verborgen vuist. McDonalds kan niet floreren zonder McDonnell Douglas, de ontwerper van de F-15. De verborgen vuist die de wereld veilig houdt voor de technologie van Silicon Valley heet het Amerikaanse Leger, Luchtmacht, Marine en het Mariniers Korps.

Deze waarheid wordt over de hele linie gesteund door de westerse mainstream opiniemakers, zoals ondermeer blijkt uit Geert Mak’s opmerking:

Ik vind Friedman altijd wel leuk om te lezen, lekker upbeat, hij is zon’n man die altijd wel een gat ziet om een probleem op te lossen,

Het is in wezen deze werkelijkheid waarvoor zowel Geert Mak als Heleen Mees propaganda hebben gemaakt. Ik ben er niet in geslaagd om Rene te overtuigen van de absolute noodzaak om deze permanente propaganda telkens weer tegen het licht te houden, en dat kan ook niet, want Rene heeft al een mening. Ik kan daarom zijn in gebrekkig Nederlands geformuleerde kritiek inhoudelijk niet serieus nemen, vooral ook niet omdat hij geen concrete voorbeelden geeft, maar alleen eigen interpretaties en meningen blijft geven. Wat mij opvalt is dat Rene exemplarisch is voor de huidige tijdgeest. Een deel van zijn kritiek is gebaseerd op de veronderstelling dat alle meningen gelijkwaardig zijn en dat feiten niets anders zijn dan meningen en meningen in wezen feiten zijn. Deze banale opinie is een vergroving van het postmodernistische gedachte dat de waarheid onkenbaar is en dat daarom iedere mening het recht van bestaan heeft. Dat bijvoorbeeld het neoliberalisme gelijkwaardig is aan het humanisme, het rationalisme gelijkwaardig aan de waanzin van het kapitalisme. En in een wereld waar alles waar kan zijn, bestaat de waarheid niet meer en daarmee ook niet de moraal. Het is de macht in de wereld die van deze opvatting het meest profiteert, want deze mening werkt in de praktijk als een vrijbrief om datgene te doen wat het individu uitkomt, ten koste van alles en iedereen, zonder rekening te houden met de gemeenschap. Het is wat C. Wright Mills betitelde als rationalisme zonder rede, een rationalisme dat waarvan de drijfveer niet het denken is, maar de begeerte die tenslotte zichzelf vernietigt. Het problematische is dat deze mentaliteit onbestrijdbaar is, en wel omdat feiten er in dit bewustzijn er niet toe doen. En omdat er geen waarheid meer is, en dus geen moraal is alles geoorloofd, zoals we aan het gedrag van ondermeer Heleen Mees hebben gezien. Krijg je je zin niet dan terroriseer je niet alleen je voormalige minnaar, for what it’s worth, maar ook diens vrouw en kinderen. Net als in de publieke sfeer van het neoliberalisme zijn er in de privésfeer geen grenzen meer. En als vanzelf zijn we gearriveerd bij Rene’s bewering over Mees dat:

Haar economische columns los [staan] van haar privé en u gooit het op één hoop. Dat vind ik niet sjiek, maar het staat u natuurlijk vrij om te schrijven wat u wilt.

Wat deze jonge man/jonge vrouw kennelijk niet weet is dat al een halve eeuw lang het feminisme uitgaat van de gedachte: ‘het persoonlijke is politiek.’ En tegelijkertijd is het politieke persoonlijk. Dit geldt zeker voor iemand die haar persoonlijke meningen publiek maakt. Juist daardoor geniet ze een zekere bekendheid. De Rene’s in onze wereld, niet geschoold in logica, begrijpen niet dat wanneer Mees beweert dat het sociale stelsel in het Westen onbetaalbaar is geworden, dit geen wetenschappelijke visie is, maar een ideologische. Economie is geen wetenschap, maar een politieke keuze, vandaar dat twee economen met diametraal tegenovergestelde visies kunnen komen. De ‘wetenschappelijke’ uiteenzettingen van Milton Friedman van de Chicago School of Economics wijken fundamenteel af van de ‘wetenschappelijke’ visie van de vooraanstaande marxistische econoom Richard D. Wolff.

Er is bij publieke figuren geen onderscheid te maken tussen het persoonlijke en het politieke. Het is niet zo dat de huidige neoliberalen thuis ineens uiterst sociale figuren zijn, zoals maar al te goed blijkt uit het optreden van zowel Mees als Buiter. De mening van Rene geeft haarscherp aan hoe weinig levenservaring hij/zij bezit. Door mijn decennialange contacten met beleidsbepalers en opiniemakers weet ik dat we te maken hebben met doorgaans beperkt geinformeerde mensen, met een al even beperkt verbeeldingsvermogen, die desalniettemin één ding gemeen hebben: ze zijn rucksichtlos in hun streven naar macht, aanzien en geld.

Feminisme: 'Het Persoonlijke is Politiek!' Evenals het politieke persoonlijk is.

donderdag 18 juli 2013

Heleen Mees van de NRC 28



Vier jaar geleden schreef ik het volgende:
Tegenover Trouw zei Heleen Mees over haar middelbare schooltijd:
‘Ik was erg in mezelf gekeerd. Toen ik een jaar of vijftien was, zei een jongen tegen mij dat ik een weirdo was. Ik wist niet precies wat het woord betekende, maar ik had toch het idee dat hij gelijk had.’
Het gekke bij mensen als Mees is dat ze ongewild zo eerlijk zijn; voortdurend willen ze ons iets over zichzelf vertellen, over hun verloren liefde, over hun meest intieme verlangens, over hun grootste angsten. Ze zijn de hele tijd met zichzelf bezig, met hun plaats in een ontzielde maatschappij en met de pikorde. Ze schreeuwen het als het ware uit. Ze zijn permanent in verwarring en hebben daarom ‘alleen nog een cause nodig,’ zoals ze in het Trouw-interview verklaarde. Een ‘doel’ dat hun bestaan betekenis en een identiteit geeft die koste wat kost in stand moet worden gehouden. Het is voor hen een kwestie van leven of dood, identiteit of geen identiteit.
Er zijn er meer die Heleen Mees een ‘weirdo’ vinden, oftewel een 'zonderling persoon,' een‘griezel.’  Dat moet haar niet alleen pijn hebben gedaan als puber die voor alles geaccepteerd wil worden, maar ze zal het ook als een hindernis hebben ervaren toen ze een carriëre begon na te streven. Zoals de Volkskrant onlangs vaststelde: ‘ze wil zich bewijzen,' allereerst natuurlijk om duidelijk te maken dat ze absoluut geen gemarginaliseerde ‘weirdo’ is, maar iemand die wel degelijk meetelt. Ik moest hieraan denken toen ik een paar dagen geleden de volgende reactie ontving:
Anoniem heeft een nieuwe reactie op uw bericht "Heleen Mees van de NRC 2" achtergelaten:

Mevrouw Heleen heet geen Mees, maar Nijkamp. Zij heeft zelf meer dan eens gezegd dat zij in 2002 in New York haar naam voor $50 heeft laten veranderen in Mees (o.a. in VN, 2009). Zij heeft in 2012 aan de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Hengelo verzocht in het Geboorteregister te vermelden dat haar geslachtsnaam (= familienaam) nu ‘Mees’ is. Nadat deze dat geweigerd had heeft zij de Rechtbank Almelo verzocht om te bepalen dat de naam ‘Mees' in de Nederlandse registers kan/moet worden vermeld als haar geslachtsnaam. De Rechtbank heeft dat verzoek afgewezen bij beschikking van 26 september 2012 (www.rechtspraak.nl, LJN BX8810). Deze is weliswaar geanonimiseerd gepubliceerd, maar volstrekt duidelijk is dat het Nijkamp betreft. Het gaat namelijk over een vrouw met Nederlandse nationaliteit, geboren in Hengelo in 1968, die haar nieuwe naam reeds geruime tijd gebruikt in het dagelijks leven en in het maatschappelijk verkeer en die onder deze naam een zekere bekendheid heeft opgebouwd. Verder gaat het over een ‘order’ van de de Civil Court of the City of New York “granting leave to change name from [X] to [Y]”, lees: from Nijkamp to Mees. Het verzoek daarvoor moet wat eerder ingediend zijn, dus in 2002. Dit is ongetwijfeld Nijkamp.

De Rechtbank Almelo heeft het verzoek afgewezen op grond van de Nederlandse en internationale regels van familierecht. Nederlanders kunnen hun geslachtsnaam namelijk alleen gewijzigd krijgen door een verzoek aan de Koning (in de praktijk het ministerie van Justitie). Dat kan op een beperkt aantal gronden gebaseerd worden en die zijn geen van alle op Nijkamp van toepassing. De rechtbank nam in aanmerking dat Nijkamp welbewust en op eigen verzoek haar geslachtsnaam in de Verenigde Staten heeft laten wijzigen. Zij uit haar begrip ervoor dat Nijkamp niet met twee namen geregistreerd wenst te staan, maar merkt op dat deze discrepantie door Nijkamp zelf is veroorzaakt. In de burgerlijke stand en in haar paspoort staat nog steeds Nijkamp, haar echte geslachtsnaam. De U-bocht via New York is mislukt.
Geplaatst door Anoniem op stan van houcke op 15 juli 2013 21:04:00 CEST
Op zoek naar een nieuwe geleende identiteit moest ook haar naam worden veranderd. In een neoliberale maatschappij, waarin de mens van zichzelf en de medemens is vervreemd geraakt, wisselt de consument permanent van identiteit, dat wil zeggen: uiterlijk, niet qua karakter. Bij de meest ontzielden is geen enkele vorm meer authetiek. Alles is aangeleerd. gekocht, imitatie, van kleding tot het interieur van de eigen woning. Men kan zelfs een andere naam kopen, althans zo dacht Nijkamp c.q. Mees. In een virtuele werkelijkheid, bepaald door geld, is niets meer bestendig. Dat besefte F. Scott Fitzgerald al in 1925 toen hij Jay Gatsby schiep, de hoofdpersoon van The Great Gatsby, die zijn naam veranderde en dacht dat hij met geld een verloren liefde kon terugkopen, maar dit tenslotte met de dood moest bekopen. Ook bij hem gold de eigenliefde, de begeerte, het onverzadigbare egoisme als enige drijfveer achter de kapitalistische Amerikaanse Droom. Het is ook niet verwonderlijk dat Heleen Nijkamp c.q. Mees in het financiele centrum van de wereld terecht kwam en daar een affaire begon met een vooraanstaande neoliberale bankster. Hij zou de kroon op haar loopbaan zijn, een financiele hoofdaap die haar zowel aanzien als een kind zou geven op het moment dat zij als vrouw op leeftijd besefte dat de onverbiddelijke tand des tijds ook bij haar verwoestende sporen begon achter te laten. Ze zou het beste van twee werelden hebben bereikt, het imago van een power feministe die was doorgedrongen tot de hoogst haalbare kringen voor een provinciaals meisje uit een kleinburgerlijk milieu, en daarnaast zou ze moeder kunnen spelen wat haar imago alleen nog maar zou hebben vergroot. Maar toen de getrouwde topeconoom Willem Buiter de relatie verbrak, vernietigde hij in één klap de identiteit die ze dacht te kunnen verwerven. Vanaf het allereerste begin ging het haar niet om liefde, maar om identiteit, een weliswaar valse identiteit, niet meer dan een masker, maar toch een identiteit die haar naar de top zou voeren. En voor hem was het hooguit seksuele lust. Zijn echtgenote doceerde in Londen, en had trouwens wel wat anders aan haar hoofd dan het bevredigen van een nagenoeg bejaarde ijdeltuit. Mees kreeg niet de gedroomde toegang tot een wereld vol intriges en glamour aan het hof van de bancaire gangsters die vandaag de dag de wereld in hun greep houden. Maar net zo min als ze haar officiele naam mocht veranderen, mocht ze van het milieu van Buiter haar identiteit veranderen. 
Om dit nog eens op een keiharde manier duidelijk te maken liet men de voor Mees meest beschadigende e-mails van haar uitlekken, want vergeet niet: die kringen zijn absoluut genadeloos. Deze sociopaten houden met hun machtslust een wereld in stand waar slechts een paar honderd miljardairs evenveel bezitten als 3 miljard straatarme bewoners op aarde, en ze doen er alles aan om te voorkomen dat hierin een enkele wezenlijke verandering komt. Om in die kringen werkelijk geaccepteerd te worden dient men even a-sociaal, grof en meedogenloos te zijn als Buiter cum suis. Dat Nijkamp c.q. Mees dit nooit begrepen heeft is tekenend voor het feit dat ze een ‘weirdo’ is gebleven, want elk zinnig mens zou na een half uur al beseft hebben wat voor soort mensen er tegenover hem of haar zat. Met het onnozele voorstel om zijn ‘ballen’ te ‘likken’ redt men het niet in dat wereldje, want Buiter’s ‘ballen’ worden de hele dag al gelikt door medewerkers in zijn hofhouding die bij de hoofdaap in het gevlei willen komen. Ik raad Mees aan de oude BBC-serie over de zes echtgenotes van Hendrik de Achtste nauwkeurig te bekijken. De rol die Mees speelt wordt al eeuwenlang door vrouwen van hoofdapen gespeeld. In het geval van Hendrik kostte het sommigen van zijn echtgenotes hun hoofd. Wat dat betreft heeft Nijkamp nog mazzel gehad. Zij leeft nog. Laat het een les zijn. En mocht ze een echte ‘cause’ in haar leven zoeken, laat ze dan een vernietigend boek schrijven over de mores in het milieu der sociopaten en psychopaten die onze wereld aan het vernietigen zijn.

dinsdag 16 juli 2013

Heleen Mees van de NRC 27



Zaterdag 25 april 2009  schreef ik op deze weblog het volgende:
Volgens 'zelfstandig ondernemer' en NRC-columniste Heleen Mees zijn 'Nederlandse vrouwen gewoon lui [...] Feminisme is geen keuze, het is een opdracht aan iedere vrouw.' Dit betekent volgens haar in concreto dat een vrouw betaald werk dient te verrichten omdat ze niet 'intellectueel bevredigd' kan worden 'door voor kinderen te zorgen'. Daarentegen kan dat wel als de vrouw schoonmaakster zou zijn bij bijvoorbeeld mevrouw Mees. Heleen Mees is lid van de Partij van de Arbeid en sprak tegenover Pauw en Witteman over haar 'doorman', die samen met andere doormannen haar in New York een '24-uurs bewaking' geeft 'en dat is heel plezierig.' Ik geloof het onmiddellijk.

Maar nu terug naar de realiteit van alledag, zoals die is voor de meeste stervelingen. Mees stelt dat het feminisme 'een opdracht' is. Een opdracht dus, net als het voorheen voor de communist de 'opdracht' was om de staat te dienen en voor de christen de 'opdracht' was om God te dienen. Het maakt in wezen niet uit met welke ideologie men op de proppen komt, alle zijn uiteindelijk totalitair. Het is niet het individu die de loop van de geschiedenis bepaalt, de eigen verbeeldingskracht, het eigen geweten, maar God en/of de Staat, dan wel het Feminisme. Het individu is daarbij altijd ondergeschikt aan het collectief, aan Big Brother. En daarbij geldt op de allereerste plaats dat volgens de 'ware' democraat iedereen gelijk is aan de ander, behalve dan zodra het op rijkdom aankomt, want dan is niemand meer gelijk aan de ander. Per slot van rekening moet de een Heleen Mees spelen en de ander haar 'doorman', en zijn 'opdracht' is om voor een '24-uurs bewaking' te zorgen voor de carriere makende power feministe. En zo strompelt de mensheid voort aan de hand van allerlei praatjesmakers die in hun onnozelheid werkelijk denken dat niemand hun gezwets doorziet. 'We are only the actors, we are never wholly the authors of our own deeds or works', schreef D.H. Lawrence. 'The best we can do is to try to hold ourselves in unison with the deeps which are inside us.' Maar dit is iets wat Heleen Mees niet snel zal inzien. Haar beeld van de mens en van de wereld is daarvoor te eendimensionaal. Ze speelt het spel van de man, power, voor haar is feminisme niets anders dan zich aanpassen aan het mannelijk rolmodel. Dat is de 'opdracht' van haar vorm van feminisme. Die wereld kent geen vrijheid, maar bevelen, opdrachten, en juist dat 'bevredigt' haar 'intellectueel' en anderszins. Macht is een ander woord voor seksualiteit. Macht is voor Heleen Mees de rol van opdrachtgever, meesteres, terwijl haar 'doorman' voor de veiligheid zorgt. Dit soort vrouwen zoekt ook geen levenspartner, maar een 'doorman' die bevelen uitvoert. 'Women is the nemesis of doubting man... she bolsters him up from the outside, she destroys him from the inside. And he dies hating her,' schreef D.H. Lawrence. En diep in haar bewustzijn vreest Mees dit ook, ze is niet echt gelukkig met en overtuigd van haar rol als power feministe die zich 'niet kan voorstellen dat je intellectueel bevredigd wordt door voor kinderen te zorgen.' Vandaar ook deze uitspraak van haar: 'Het liefst zou ik toch trouwen en kinderen krijgen.' Het was dezelfde Lawrence die schreef: 'When the subconscious soul of woman recoils from its creative union with man, it becomes a destructive force. It exerts, willy-nilly, an invisible destructive influence.' En nu afwachten hoe lang ze het spel weet vol te houden. Het meisje uit Hengelo is de veertig gepasseerd.

Wel, we weten nu dat ze het nog vier jaar vol hield. Maar thans is voor haar dan toch het spel uit.

Zoals ik al eerder schreef zijn de reacties op het verschijnsel Heleen Mees veel interessanter dan zijzelf is. Die reacties zeggen stuk voor stuk meer over degenen die ze geeft, dan over Mees. Neem bijvoorbeeld het getwitter van de Groen Linkse politica Femke Halsema, die nog steeds moet afkicken van de overmatige publiciteit die ze vroeger genoot. Met nauwelijks ingehouden woede en veontwaardiging twitterde zij het volgende:

'Mensen die joelen over ‪#heleenmees hebben zelf vast onkreukbaar liefdesleven, masturberen nooit en laten ex met rust ‪#pfffh'

Ik weet niet precies op wie zij doelt en dat is kennelijk ook de bedoeling want anders had ze namen genoemd. Desondanks valt meteen op dat mevrouw Halsema niet in staat is helder te denken. De zaak Heleen Mees draait niet om ‘masturberen.’ Hoe komt zij daarbij? Behalve fundamentalistische christenen van bijvoorbeeld de Christen Unie is er niemand in Nederland die tegen ‘masturberen’ is. Bovendien gaat de zaak Heleen Mees ook niet over een 'onkreukbaar liefdesleven.' Hoe komt mevrouw Halsema daarbij? En tenslotte gaat het hier evenmin over het 'met rust' laten van een 'ex.'  Waar het over handelt is een strafbaar feit, te weten de beschuldiging dat Heleen Mees haar voormalige minnaar en diens vrouw en hun kinderen dermate heeft geterroriseerd dat er een aanklacht tegen haar is ingediend. Opvallend is dat de politica Halsema evenals de meeste anderen zich in deze zaak profileren op het seks-aspect en niets anders. Het juridische aspect ontgaat hen volledig. Kennelijk zijn bij haar en de anderen de stoppen doorgeslagen toen het begrip 'masturberen' opdook. Halsema die zichzelf en haar partij regeringsfahig beschouwde voordat de partij mede door haar zwakke politieke beleid bijna werd weggevaagd, is niet in staat de veel belangrijkere aspecten van deze affaire te zien. De seks is een triviale bijzaak. Veel illustrerender is de wijze waarop hoog opgeleide mensen op sleutelposities in onze samenleving elkaar bejegenen, het feit dat Mees haar voormalige minnaar de ‘topeconoom’ Willem Buiter voorstelt 'zal ik je ballen likken,' om zo hun relatie weer nieuw leven in te blazen, en wanneer dit niet mag Buiter laat weten 'ik hoop dat je vliegtuig neerstort.' Maar misschien wel het meest onthullende met betrekking tot het niveau van onze economische elite is het feit dat Willem Buiter deze e-mails met extreme meedogenlooseid aan de commerciele massamedia heeft doorgespeeld. Een duidelijkere typering van de mores in dit milieu is ondenkbaar. Het toont aan wat voor ordinair volkje vandaag de dag de macht in handen heeft gekregen. We worden geleid door sociopaten en psychopaten, mensen die bereid zijn de ander te vernietigen om hun doel te bereiken. En vervolgens worden we geconfronteerd met onnozele politici als Femke Halsema die kennelijk alleen maar aan seks kan denken en in haar optreden daarmee ook regelmatig kokketeert. Juist daardoor wordt ze in deze verziekte neoliberale politieke cultuur door de mannetjesmakers naar voren geschoven als het 'linkse' gezicht. ‘Pfffh,’ om in het jargon van Halsema te blijven.

Heleen Mees: 'Zal ik je ballen likken?'

Een soortgelijk geval is ene Vivienne Westerhoud, een voor mij tot voor kort onbekend licht dat bij enig nader onderzoek de auteur is van belangwekkende zaken als:

Je bent altijd bezig. Je werkt flexibel, zorgt voor de kinderen en doet ook nog de boodschappen. Je telefoon is behalve jouw manier om in contact te blijven met je collega’s en je baas, ook je boodschappenlijst en je wekker. Daarom ben je zuinig op je smartphone. De belangrijkste reden om een telefoonhoesje te gebruiken...
En:
Op je werk heb je vaak contact met klanten. Bij elke bespreking moet je daarom een goed verhaal hebben en er daarnaast ook nog tiptop uitzien. De kleding die je draagt heeft namelijk een belangrijk aandeel in de manier waarop mensen je zien. Zakelijk hoeft niet meteen saai te zijn en...
Iedereen weet dat je tegenwoordig veel voordeliger uit bent als je online shopt in plaats van dat je naar die drukke winkelstraat gaat. Ook online hebben ze vaak uitverkoop waar je als consument flink van kan profiteren. Webwinkels hebben veel minder vaste kosten dan de fysieke winkels, denk hierbij aan de huur van een duur pand en het salaris van het winkelpersoneel. Dit is dan ook de grootste reden waarom het online allemaal een stuk goedkoper is. Nog voordeliger kan het via Mijnkortingscode.nl.
Kortom, deze mevrouw is rijp voor het grote werk en dus schreef zij onlangs in de Volkskrant:
Met afgrijzen las ik de afgelopen dagen de berichtgeving over Heleen Mees. Hoe zij opgepakt werd, hoe de inhoud van haar mails naar ex-geliefde Willem Buiter op straat kwam te liggen en hoe haar imago zwaar beschadigd werd. En niemand neemt het voor haar op. Niemand zegt iets over Buiter, die er jarenlang een buitenechtelijke relatie met Mees op nahield. Waarschijnlijk beloofde hij haar zijn liefde en een toekomst samen. Mees is verraden. En niet alleen door haar Willem.


Uit deze nonsens valt op te maken dat het gebrek aan logica bij de Volkskrant nu definitief totaal is. Zelfs een poging rationeel te lijken hebben mijn collega's daar laten vallen. Als het maar lawaai maakt, seks, spanning en sensatie. Wie is er nu eigenlijk bedrogen? Heleen Mees of de echtgenote van Willem Buiter? Van Mees weten we het niet, vandaar het woord 'waarschijnlijk,' van mevrouw Buiter weten we het wel, maar die is in de feministische oproep van Vivienne Westerhoud 'Dames feministen, waar zijn jullie ballen? Ga achter Mees staan!' onzichtbaar gemaakt. Bij de Volkskrant beseft men kennelijk niet dat een 'buitenechtelijke relatie' in Nederland en de VS niet strafbaar is, maar stalken wel, notabene op aandrang van vrouwen. Vervolgens belanden we in een keukenmeidenromannetje wanneer Vivienne schrijft dat Buiter 'haar zijn liefde en een toekomst samen' heeft beloofd. Dat wil zeggen: 'waarschijnlijk'! Westerhoud weet het niet. In een reactie schrijft een Volkskrant-lezeres de nog wel logisch kan nadenken:

Voor het gemak maar even vergeten dat deze feministe het op heeft genomen voor seksist Dominique Strauss Kahn? Wat voor feminist ben je eigenlijk als je het op gaat nemen voor mannen die zich schuldig maken aan seksuele intimidatie en ongewenste intimiteiten? Allicht dat echte feministen deze nepfeministe niet gaan verdedigen.

Een mannelijke lezer vraagt zich terecht af:

Waarom zou je achter iemand gaan staan die verdacht wordt van een misdrijf? Wat een vreemde oproep.
Een vrouw kan bij de dames Halsema en Westerhoud alleen gezien worden als het eeuwige slachtoffer, en wat dit uiteindelijk betekent weten we uit de terreur van de zionisten  tegenover bijvoorbeeld Palestijnse vrouwen en meisjes, waar dit slag Nederlandse feministen nooit een solidariteitsoproep voor doen, hetgeen weer tekenend is voor hun onderhuids racisme. Kortom, Halsema cum suis zitten zelf hun eigen emancipatie en die van werkelijk onderdrukte vrouwen in de weg. Ze weigeren volwassen te worden. Het seksisme spat ervan af, maar nu gericht tegen mannen. Of deze vrouwen spelen de rol van het leukste meisje van de klas, of de rol van eeuwige slachtoffer, al naar gelang het hen uitkomt. En wat betreft de liefde: uit het voorstel van Mees om het weer goed te maken door Buiter's ballen te likken, maak ik op dat deze relatie niet gekenmerkt werd door liefde, maar eerst en vooral door seks en onderworpenheid van de vrouw. De centrale vraag blijft: waarom moet iemand het voor de van stalking beschuldigde Mees opnemen? In dit opzicht is de reactie van HermandeConinck afdoende:

Ok, als man moet ik dus blijkbaar ook vierkant achter elke man gaan staan die zich als een enge stalker gedraagt. Dus mannen: laat stalkers niet alleen in de kou staan!
Maar omdat Vivienne Westerhoud en de Volkskrantredactie geen logica bezitten luidt de stelling: 'Mees is verraden.' Ook hier wordt geen enkele poging gedaan om deze zaak in een bredere context te plaatsen, maar blijft de aandacht beperkt tot de seks en de vermeende strijd tussen de geslachten. Een lezer van mijn weblog wees naar aanleiding van mijn kritiek op het gemis aan context en de daarbij behorende infantilisering van de massamens op hetgeen Marian Donner heeft geschreven in een artikel dat de NRC afgelopen zaterdag plaatste. Anoniem heeft een nieuwe reactie op uw bericht "Heleen Mees van de NRC 26" achtergelaten: 

Moest bij jouw analyse denken aan 'de laatste twee' artikelen van Marian Donner op haar blog. Ook het ingesloten filmje: 'Mc Luhan's Wake - Identity and Violence' maakt nieuwsgierig. 
De schrijfster Marian Donner:
Alleen voor pubers is de wereld slechts een decor. Volwassenen richten zich op ideeën, achtergronden en verbanden. Omdat ze begrijpen dat een mens slechts bestaat bij de gratie van de wereld om hem heen...
De moderne mens blikt niet terug, hij infantiliseert.
Met alle consequenties van dien. Want behalve het zwelgen in emotie hebben pubers nog een aantal eigenschappen gemeen. Impulsiviteit, hebzucht en egocentrisme bijvoorbeeld, kenmerken die ze tot de ideale consument maken. Laat zien wie je bent, volg je gevoel, grijp dit moment! Wees dat kind in die snoepwinkel...
Maar erger is misschien wel dit – dat in al het ‘sharen’ en het zoeken naar een connectie de meest wezenlijke dingen buiten beeld worden gedrukt. Het duistere, het onbegrijpelijke, het onkenbare, de ander, oftewel verschil. Wat we uiteindelijk horen is alleen nog de echo van onze eigen hartenkreet.
Het grote 'Ik' staat centraal, de gemeenschap bestaat niet. Solidair is de infantiele Ik-mens alleen met zichzelf. 'Mees is verraden,' waarop ene Marcel ten Broeke zichzelf publiekelijk een brevet van onvermogen geeft door in diezelfde Volkskrant Heleen Mees te verdedigen met de opmerking:

In 2008 interviewde ik Heleen Mees. Ik herinner mij een intelligente, energieke vrouw.
Een andere lezer laat de volgende absurde impliciete boodschap zien door over de bewering te schrijven dat 'Mees is verraden':
'Ze is belazerd, door een man. Dat doen vrouwen nou nooit.
Wat er ook over de zaak Mees/Buiter zal worden beweerd, het enige belangrijke facet in deze zaak, te weten: de neoliberale werkelijkheid waarbinnen deze ranzige affaire zich afspeelt en het onderwerp interessant maakt, zal door de vrije Nederlandse pers zeker niet worden geanaliseerd. Al het gezever over feminisme en emancipatie ten spijt moet voor ieder weldenkend mens duidelijk zijn dat het neoliberalisme en emancipatie elkaar volledig uitsluiten. Niet alleen blijkt dat uit de kwaliteit van de relatie van beide neoliberale hoofdrolspelers, Mees en Buiter, maar ook uit hun economisce opvattingen. Zo kan de verkapte arbeidsplicht voor iedere volwassene in het Westen moeilijk gezien worden als de bevrijding van het individu. Het enige resultaat van deze ‘plicht’ is dat de burger nog meer beheerst kan worden door de staat en de financieel-econmische macht. Deze arbeidsdwang is door zowel links als rechts verkocht als de bevrijding van de vrouw nu zij moet meedraaien in de werkdiscipline waarop zij geen enkele wezenlijke greep heeft en die de vernietigende waanzin van het neoliberalisme mede mogelijk maakt. Het huidige kapitalisme is niets anders dan een permanente staat van oorlog met mens en natuur. Maar juist dat fundamentele aspect ontbreekt permanent in dit soort ‘debatten’ over de bevrijding van de vrouw. De gekte bereikt in het geval van Mees en Westerhoud een hoogtepunt wanneer laatst genoemde in de Volkskrant schrijft:
Jaren geleden vertegenwoordigde Heleen Mees alles op het gebied van emancipatie, waar ik het mee oneens kon zijn. Het resulteerde in veel opiniestukken over en weer. Maar ik ontmoette haar nooit. Zij riep dat Nederlandse moeders lui waren omdat ze te weinig werkten. Ik riep namens mamas.nl dat we met meer flexibiliteit in werktijden veel vrouwen weer aan het werk zouden krijgen. Gewoon omdat zorg en werk dan beter gecombineerd kon worden. Ik vond het destijds harteloos hoe Mees vrouwen - die andere keuzes maakten dan zij - schoffeerde onder het mom van emancipatie. Ik geloof dat we veel verder komen als we elkaar in onze waarde laten. En als we juist vierkant achter elkaar gaan staan. En daarom wil ik Heleen Mees nu een hart onder de riem steken.

Let op: ‘veel vrouwen weer aan het werk zouden krijgen.’ Namens wie spreken Westerhoud en Mees? En begrijp ik het goed dat het opvoeden van kinderen en het regelen van de huishouding geen ‘werk’ is? En wat nu als vrouwen juist geen betaald ‘werk’ zouden willen onder de keiharde geflexibiliseerde condities van neoliberale managers met hun afroepcontracten, lage lonen, en drastisch ingeperkte sociale voorzieningen? Waar is hun vrijheid om te weigeren? Westerhoud van de commerciele mamas.nl stelt dat Mees vrouwen die niet fulltime willen meedraaien in de 24 uurs economie ‘schoffeerde onder het mom van emancipatie’ en roept vervolgens ook deze zelfde vrouwen op om met hun ‘ballen… achter  Heleen Mees te gaan staan.’ Het ordinaire taalgebruik alleen al is stuitend. Leest u even mee:

Wij vrouwen echter wijken onmiddellijk van elkaars zijde zodra er 'iets niet helemaal braaf is'. We zijn niet bereid er voor elkaar 'te zijn' als het erop aankomt. Of heerst er nu schaamte om achter Heleen Mees te gaan staan? En waarom eigenlijk? Wegens onkuise mailtjes? Lazen wij niet allemaal met rode oortjes drie delen 'Vijftig tinten grijs'? Welnu dames, Mees heeft er geen boek voor nodig. Haar ervaringen in real life wijken er waarschijnlijk niet veel vanaf. Chapeau Heleen! Durf te leven. En als je zin hebt in een potje bier, bel me dan gerust. Dan lullen we nergens meer over.

Dit is het intellectuele niveau van de Nederlandse mainstream. 'Vijftig tinten grijs? Welnu dames, Mees heeft er geen boek voor nodig. Haar ervaringen in real life wijken er waarschijnlijk niet veel vanaf. Chapeau Heleen! Durf te leven.’ Hoe nu? ‘Durf te leven’ zodat u gearrersteerd kan worden vanwege stalking? ‘Chapeau Heleen,’ dat je de ballen van de baas wil likken. Tot een dergelijke diepte is men gedaald, en nog is het einde van de put niet bereikt. In het milieu van Mees en Westerhoud wordt inderdaad  ‘Vijftig tinten grijs’ gelezen, of andere damesporno als ‘Vochtige Streken.’ Dit soort oppervlakkige parvenues beheersen schaamteloos de discussie in de polder. En ‘dan lullen we nergens meer over.’ Dan drinkt dit slag opiniemakers ‘een potje bier,’ nadat ze in de Volkskrant, die claimt een kwaliteitskrant te zijn, hun vulgaire nonsense hebben gespuid. Nogmaals: de reacties van de spraakmakende gemeente in Nederland op de affaire Mees zijn veel onthullender dan de grove dwaasheid van de neoliberale protagonisten Buiter en Mees zelf.